Hyperventilatie

De economie holt achteruit en het overheidstekort loopt op. Het kabinet zint daarom op onorthodoxe maatregelen zoals een soberder AWBZ, een hogere AOW-leeftijd, de afschaffing van de aanrechtsubsidie, minder ontwikkelingssamenwerking, meer kerncentrales en een beperking van de hypo….

O, nee! Dat nooit, hyperventileert woningbezittend Nederland, zodra aan de hypotheekrenteaftrek dreigt te worden getornd. Die paniek toont hoe een aftrekpost een complete natie kan gijzelen. Want minder steun voor huiseigenaren – vorig jaar kostte dit 11 miljard euro – dreigt de koopkracht, de consumptie, de woningmarkt en de economie verder aan te tasten. Dus wat moet je dan?

Een fiscaal voordeel werkt op een consument als een rode lap op een stier. Geldbedrijven weten dat. Al decennia mixen ze producten met dit onweerstaanbare ingrediënt. In de jaren tachtig en negentig waren koopsompolissen door de ruime aftrekbaarheid een hausse. Begin jaren negentig leidde de aftrekbare rente van het leasen van aandelen tot een verkoophausse.

Vanaf diezelfde periode begon het massale overboeken van aftrekbaar spaarloon naar aftrekbare lijfrentepolissen, bouwden we aan vermogen via vrijgestelde kapitaalverzekeringen, en verhypothekeerde half Nederland zijn woning maximaal via spaar- en beleggingshypotheken. Dan had je aftrekbare rente én belastingvrije vermogensopbouw. Wat wilde je nog meer?

Je zou verwachten dat zo’n karrenvracht voordelen heel Nederland inmiddels steenrijk heeft gemaakt. Maar nee. We zitten met woekerpolissen, schulden door aandelenlease, teleurstellende beleggingshypotheken en tegenvallende lijfrentekapitalen. Een fiscaal voordeel krijg je namelijk niet zomaar. De fiscus stelt strikte inleg- en uitkeringseisen.

Wie die aan zijn laars lapt, kan rekenen op een fikse belastingaanslag, eventueel met boete (revisierente). Zo klemt een meevaller je tientallen jaren, soms levenslang vast. Je kunt niet weglopen, als het je niet meer zint. Ook niet als je een aanbieder betrapt op nadelige voorwaarden en/of een oerwoud aan verborgen kosten. Wie uitstapt, is fiscaal de klos en betaalt bovendien (torenhoge) uitstapkosten. Belastingvoordeel lijkt dus even leuk, maar veroordeelt je vaak tot levenslang.

Ondertussen maakt de overheid aan alle steun vroeg of laat een eind. In 2001 bijvoorbeeld werd gesneden in aftrekposten, belastingvrije sommen en vrijstellingen, terwijl de vrijgestelde vermogensopbouw verder werd ingeperkt. De hypotheekrenteaftrek leek altijd heilig, althans op het eerste gezicht. Bijna stiekem is dit douceurtje de afgelopen jaren flink beknot.

Sinds 2001 mag een woningbezitter zijn hypotheekrente hooguit dertig jaar aftrekken. We kregen toen ook de Kapitaalverzekering Eigen Woning (KEW) met ingewikkelde eisen en een maximaal belastingvrij bedrag. In 2004 kwam de zogeheten bijleenregeling. Sindsdien moet je de overwaarde uit de verkoop van je huis verplicht steken in je volgende onderkomen.

Dit jaar volgt een eerste klap voor huiseigenaren met een pand van boven de 1 miljoen euro. Zij zien hun eigen woningforfait de komende jaren onaangenaam stijgen. Voor een villa van twee miljoen euro moet in 2016 jaarlijks 29.000 euro eigenwoningforfait bij het inkomen worden geteld (vorig jaar was dat nog 9.300 euro). Dat kost, bij 52 procent belasting, netto 15.080 euro per jaar. Wie geluk heeft, kan zijn hypotheek aflossen, waardoor het eigenwoningforfait vervalt. De rest zal moeten bloeden.

Wees terughoudend met fiscaal voordelige producten, helemaal als ze populair zijn. Dat besef begint gelukkig door te dringen. Twee recente innovaties, het banksparen en de levensloopregeling, worden door de consument wantrouwig bekeken en gemeden. Want wie afziet van overheidssteun bevrijdt zichzelf van onbegrijpelijke voorwaarden, hoge uitstapkosten, verborgen kosten, boetes en onverwachte aanslagen. Zo lig je straks niet wakker als de hypotheekrenteaftrek, na deze crisis, toch voorgoed het loodje legt.