Guus

Komt er ooit een einde aan de hemelvaart van Guus? De zestiger weet niet van ophouden, draaft van crisis naar succes, van bond naar club, van pool naar evenaar. Windstreken vloeien samen tot een rode loper. Dat zal op zijn tachtigste niet anders zijn.

Jongen uit de Achterhoek.

Voor het geld hoeft hij het niet te doen. Hiddink kan zich makkelijk een vakantievilla in Mozambique en een ranch in Argentinië permitteren. En een wijngaard in Toscane, zeventien herenhuizen in Antwerpen en Amsterdam, een eigen kerkhof voor de hele voetbalwereld. Toen hij afscheid nam als bondscoach van Zuid-Korea kreeg hij van de dienstdoende regering een eiland cadeau. In Australië idem dito. In Rusland zijn hem de revenuen van honderden hectaren gasveld toegekend. Toch kan een dubbelfunctie bij Chelsea er nog bij.

Een parttimer als hoofdcoach van Chelsea? Bij De Graafschap alla, maar niet in de Premier League. Al helemaal niet bij een club met pretenties om de Champions League te winnen. Chelsea, Manchester, Arsenal…: alles wat niet één en ondeelbaar is, komt er niet in, zou je denken. Engelse voetbalclubs zijn sowieso groter dan het leven. Maar waar Hiddink verschijnt, kapseizen tradities en status, nationale trots en sociale orthodoxie.

Deze coach is zijn eigen Vaticaan.

Ik heb een andere Guus gekend. Filosoof met shag en motor. Gevoelig voor solidariteit en emancipatie. De heffe des volks ging bij hem langs voor een pilsje in Doetinchem. Iedereen verinnerlijkt in mijmering. Humor kon ook, maar niet ten koste van ‘le milieu des manuels’. Niet ten koste van handarbeiders. Geen Fortishumor. Van Guus wist je: geluk is provinciaals. Er moeten vogels fluiten, koeien grazen, mensen lopen die nog de hand opsteken naar elkaar.

Toen kwam PSV.

De haren werden korter, de snor ging eraf. Shag en pils gingen ondergronds. Alom krijtstreep in de garderobe. Gympies werden puntschoenen, sokken slobberkousen. De taal bleef nog gemoedelijk, maar nu met een gestreken klank. Frivole tussenzinnen hadden het opgegeven. Guus werd almaar kaler in de condition humaine. Nog vertederend, bij vlagen. Maar er was iets weg in de articulatie. Meer gapende wonden in het genoeglijke welzijn. In het samenzijn vooral.

De man was coach geworden. En ook nog uithangbord. Steeds meer bestraald door sterren en strepen van Philips. Op avonden van veranderend weer was het nog altijd Guus Hiddink. Nostalgicus die dwars door roem, geld en eer heen keek en liever kunst had als plattegrond van het bestaan dan een Raad van Commissarissen. Zo was hij ook als bondscoach van het Nederlands elftal. Ineens kwam je hem in Monaco tegen met een ode aan Bennie Jolink. Die hij niet zou inruilen voor Carla Bruni. Zoals Frank Rijkaard in REM was, bleef hij in Achterhoekse gospel.

Geloof, hoop en liefde.

Toen kwam Roman Abramovitsj in zijn leven. Liefde deed er niet meer toe. Geloof en hoop werden Albert-Heijnbegrippen. Bevroren spul in schappen. Je kon het opwarmen, maar leven kreeg je er niet voor terug. Kaviaargeluk. Dat moet Chelsea nu ook zijn: burcht van hooggezetenheid, beurs van willekeur. Dat Ruud Gullit daar ooit aan de slag ging, kan ik begrijpen. Ruud wie? Ruud PC tombola! Zoals ik ook begrijp dat omhoog gevallen losers als Henk ten Cate in Chelsea een vangnet vonden voor een vergeefs leven. Glamour als verlate identiteit.

Heeft Guus Hiddink dat nodig? Ik dacht het niet. Heeft hij iets te winnen als Adje Interim? Niet meer dan zijn eigen verleden. Dus: Guus is de weg kwijt. Hij zoekt een uitdaging die dollargewijs verzegeld is door een schimmige bovenbaas. Eigenlijk is Hiddink nu pas weer Achterhoeker geworden: omhoog kruipen vanuit het niets, met het geld van anderen.

Mij doet het pijn.

Guus zei dat hij best kan opschieten met Abramovitsj. Prima, maar houd dat privé. Doe er geen kostuum voor aan, weiger de privéjet, laat je in aard en gedachten niet dwingen tot onderdanigheid door een huurling van macht en perversie. Blijf Guus, plattelander met liefde voor jezelf.

Onzin, romantiek, nostalgie, allicht: Hiddink is metaal geworden. Gas, geld en glorie op een hoop. De eenzaamheid van zijn succes komt later. In een pannenkoekhuisje in de Achterhoek. En hij zal verdrietig zijn bij de gedachte dat De Graafschap hem niet heeft durven te vragen. Uit respect.

Guus Hiddink: geheel vaderlandsloos.