De leeuwen van ING

De blauwe leeuw van de Postbank en de oranje leeuw van ING – heel lang hebben ze volgens advertenties en bushokjesposters gezellig naast elkaar op hun parkbankje zitten kouten. Plotseling is er nog maar één over. Er is geen bloed gevloeid, althans niet zichtbaar, maar ineens is de blauwe leeuw verdwenen.

Er zijn nóg twee leeuwen die jarenlang en ogenschijnlijk gezellig naast elkaar op een bank hebben gezeten. Alleen is het hier niet een parkbankje, maar ING zelf. Dat waren bestuursvoorzitter Tilmant en president-commissaris Hommen. Van hen is Tilmant nu weg en Hommen zit straks als enige op zijn bank.

Bankbestuur in deze tijd is geen plek voor kleine jongens. ING heeft bij elkaar een kleine 500 miljard euro van derden toevertrouwd gekregen, terwijl het zelf een eigen vermogen heeft van niet meer dan 25 miljard. Als die rekeninghouders zenuwachtig worden, is veel van dat toevertrouwde geld met één muisklik weg te halen en dat is dan het einde van de bank. Daarom heeft in deze nerveuze tijden een bankbestuurder eerder slapeloze nachten dan zijn rekeninghouders. Het is ook niet voor niets dat Tilmant is vertrokken met de mededeling dat hij nu eerst eens even aan zijn conditie gaat werken. Het klinkt of hij gesloopt is.

Maar hoe zit het met de leeuw die hem opvolgt, en komt er nog iemand anders naast hem op de bank zitten? Hommen, die is voorgedragen als nieuwe bestuursvoorzitter, is ongeveer de sterkste financiële bestuurder die in dit land te vinden is. Eerder was hij financieel topman van Philips, waar hij zijn bijdrage heeft geleverd om het bedrijf bestendig te maken tegen de stormen die nu zijn opgestoken. Daarna werd hij commissaris bij een paar belangrijke beursfondsen, vaak als voorzitter. Ook bij ING was dat het geval, waarbij hij eerder ook nog het audit committee voorzat, de subcommissie van de raad van commissarissen die gaat over interne financiële verslaglegging en externe rapportage. Hij heeft dus alle krochten van het financiële gebouw wel verkend. Verder is hij natuurlijk de man geweest die tegen Tilmant heeft moeten zeggen dat hij maar eens aan zijn conditie moest gaan werken, en tegen zijn collega’s in de raad van commissarissen dat hij zelf wel het stuur zou overnemen. Dat getuigt van moed en eigenwaarde. Maar wie is er zo goed dat hij deze krachtfiguur in de lagers houdt? En vooral, beschikt hij zelf over de matiging en de zelfbeheersing om te beseffen dat hij goede en krachtige medesturing nodig heeft en moet opzoeken?

Bij zwaar weer breken de dode takken uit de bomen; bij tegenslag valt zwak ondernemingstoezicht door de mand. ‘Alleen maar jaknikkers, dan krijg je zonnekoningen’, stond er een week geleden boven een stuk in deze krant. Dat ging over de bestuurlijke toestanden bij enkele zorginstellingen, zoals Rochdale en Woonbron, Philadelphia en Meavita. Maar het speelt overal, niet alleen in de zorgsector. Alleen ja knikken kan niet: tussen toezichthouders en bestuurders moet onontkoombaar dualiteit en spanning bestaan. Dat was een van de uitkomsten van een forumbijeenkomst deze week van ‘De Nieuwe Commissaris’, een initiatief om de professionaliteit van het toezichthouderschap te verhogen. Hommen zou er overigens zelf hebben opgetreden, maar hij liet zich verontschuldigen, hij had even wat anders te doen. De commissaris staat op afstand én hij is betrokken; hij moet weten wat er in het binnenste van de onderneming gebeurt, maar hij moet het bestuur niet voor de voeten lopen; hij moet de privésfeer respecteren en toch het derde huwelijk of het onbeschofte gedrag van de topman aan de orde stellen; hij moet vertrouwensman zijn, maar ook in het uiterste geval een executie uitvoeren. Besturen en toezicht houden gebeurt onder spanning, dat hoort erbij. Met lubberige snaren valt er geen muziek te maken.

Topbestuur is veeleisend. De bestuurder zit als een spil tussen talloze wrijvingskrachten. Om op de goede plek te blijven en zo veel mogelijk slijtage te voorkomen, heeft hij goede lagers nodig. Als commissaris is Hommen tot nu toe het lager geweest dat anderen op hun plek hield. Straks is hij als bestuursvoorzitter de spil die de lagering van anderen nodig heeft. Dat te erkennen is geen teken van zwakte, maar van kracht en werkelijkheidszin. Zelfs de beste topman kan niet in zijn eigen toezicht voorzien.

Wat dat betreft is de benoeming van Peter Elverding als nieuwe president-commissaris spannend. Hij heeft niet de brede financiële ervaring van Hommen en bij ING komt hij nog maar net kijken als een van de twee commissarissen die met het eerste overheidssteunpakket zijn meegekomen. Hij loopt dus het risico van de jongerejaars die de ouderejaars moet aanspreken op zijn gedrag.

Anderzijds weet hij als oud-bestuursvoorzitter van chemieconcern DSM van wrijvingskrachten en slijtage, van lagers en spillen. Het zal er vooral om gaan dat de twee leeuwen op de bank, Hommen en Elverding, de oude en de nieuwkomer, duidelijk zijn over wat ze van elkaar te verwachten hebben. Vriendelijk gekout op hun bankje, maar ook af en toe ontblote tanden.

Macht is een bedwelmende drug. Het maakt idealistische revolutionairen tot wrede dictators, het maakt dat net benoemde en frisse bestuurders zich onttrekken aan toetsing en correctie en zonnekoningengedrag ontwikkelen. Door zijn kracht en kennisvoorsprong loopt Hommen dat risico. Het zijn de toezichthouders, in dit geval onder leiding van Elverding, die dat wel of niet laten gebeuren. Als er speling begint op te treden tussen de as en de lagers moet dat onmiddellijk worden gesignaleerd. Stilzwijgen van commissarissen leidt tot medeplichtigheid, zodat hun na verloop van tijd niets anders rest dan ja knikken. Aan de andere kant kan het een geweldige dynamiek opleveren wanneer dit spel goed gespeeld wordt. Nu de publieke betekenis van banken meer dan ooit in de schijnwerpers staat, hebben de heren een unieke kans iets te doen waar niet alleen aandeelhouders voordeel van hebben, maar wat vooral maatschappelijk van belang is. Geld hebben ze vermoedelijk al genoeg. Nu kunnen ze ook nog aanzien oogsten.