Alfaschrapers 2

Met instemming las ik het artikel over de `alfaschrapers`. Hierin wordt de afdeling Turks genoemd die zwaar getroffen is door de nieuwe bezuinigingsronde die door de Leidse universiteit op touw is gezet. Ikzelf, als medewerker van die afdeling (specialisatie: Osmaanse geschiedenis, taal en literatuur), behoor tot de getroffenen. Het ergerniswekkende van de operatie is dat zij wordt voorgesteld als vernieuwing, een verbetering dus. De botheid waarmee dit beleid erdoor wordt gedrukt, ondanks herhaalde protesten van medewerkers en studenten, kan ik niet anders verklaren dan vanuit een diepe minachting bij de bestuurders van onze universiteit voor de humaniora (en voor kunst en cultuur in het algemeen). Om het reeds genoemde `rendement` te verhogen, wil de universiteit meer letterenstudenten aantrekken. Hoe doet men dat? De studie leuk maken! Niks filologie, grammatica of woordenboeken! Je kunt Evliya Tjelebi of Orhan Pamuk ook in het Engels of zelfs Nederlands lezen! Nu we het er toch over hebben: niks boeken, dat zijn maar stofnesten, nee internet, dat is pas flitsend! Redeneerde men ook zo in Delft toen het aantal studenten daar terugliep? Ging men daar ook de `verkokering` van de studies doorbreken, de studenten aanmoedigen colleges van alle mogelijke vakken, architectuur of vliegtuigbouw, te volgen, en vooral dat lastige wiskunde afschaffen? Nee natuurlijk, als onze ingenieurs niet meer kunnen rekenen dan storten er nog meer balkons van flatgebouwen en vallen onze vliegtuigen met wolkenwinkel en al uit de lucht. Maar bij `letteren` is dat geen probleem, het gaat daarbij toch alleen om luxe onzin, dus daar kunnen we rustig aan sleutelen net zolang tot er voldoende lesshoppers zijn aangetrokken. Het treurige gevolg zal zijn dat er over een aantal jaren geen Nederlander meer te vinden is die een Turks (of een Javaans! Of zelfs Duits!) boek of handschrift in de bibliotheek kan ontcijferen, laat staan mooi vertalen - erger nog: geen Nederlander zal meer kunnen zeggen of een boek een Turkse (dan wel Javaanse of Duitse) tekst bevat, noch ook zal er een Nederlander zijn die een brief van de sultan in Istanbul (of Atjeh) in het Nationaal Archief kan identificeren, laat staan lezen. Lang leve Nederland kennisland!