Kabinet staat voor nieuw regeerakkoord

Het kabinet stevent af op miljardenbezuinigingen als het de begrotingsregels volgt. De omvang van de tegenvallers dwingt tot onconventionele actie.

Dat ze zouden komen, wist iedereen op het Binnenhof. Maar de tegenvallers die nu opdoemen voor Balkende IV zijn toch van een omvang waar zelfs de meest praatgrage politici sprakeloos van kunnen worden. Na de slordige 90 miljard euro die minister Bos (Financiën, PvdA) uitgaf om banken en verzekeraars te redden, stevent het kabinet nu af op een ongekende ombuigingsoperatie van meer dan 20 miljard euro. Die bezuinigingen – het kan ook in de vorm van lastenverzwaringen – zijn nodig, wil het kabinet de begrotingsregels handhaven, schat een werkgroep.

Sinds Prinsjesdag verdedigt het kabinet de lijn dat de ingebouwde veiligheidsventielen hun werk moeten doen in de begroting en in de economie. Dus niet meteen ingrijpen als het tegenzit: laat de inkomsten van het Rijk maar tegenvallen en houd de geplande uitgaven op peil. Zo ademt de begroting mee met de economie en hoeven er door de overheid niet direct pijnlijke maatregelen genomen te worden die de economische neergang versterken.

Maar ook dit ‘trendmatige begrotingsbeleid’ kent zijn grenzen. Wouter Bos rekende critici de afgelopen maanden graag voor dat de begroting ruwweg 20 miljard euro moet verslechteren voordat er ingrepen nodig zijn. Het zegt genoeg over de ernst van de situatie: in een interne notitie wordt nu geschat dat er alleen al in 2010 voor een vergelijkbaar bedrag – de overeenkomst is geheel toevallig – moet worden omgebogen omdat de crisis door de kreukelzone van de begroting heen dendert.

Dat de tegenvallers zo groot zijn komt mede door de aannames in september vorig jaar: een olieprijs van 125 dollar per vat Brent-olie en een economische groei van 1,25 procent. De gasbaten werden dit jaar ingeschat op ruim 16 miljard euro. Maar de olieprijs, die maatgevend is voor de gastarieven, noteert nu tweederde lager dan begroot en de economische groei blijkt krimp te worden. Gevolg: tegenvallende gasbaten en een daling van de belastinginkomsten. Dat wordt de komende twee jaar gecombineerd met 3,75 miljard euro aan kostenoverschrijdingen in de sociale zekerheid door meer werkloosheidsuitkeringen.

De rekenmeesters van het Centraal Planbureau (CPB) moeten komende week met hun nieuwe prognoses komen, maar binnen het kabinet is ook zonder die cijfers duidelijk dat de tijd is aangebroken om zware besluiten te nemen. Vooral het CDA kan zich prepareren voor een krachttoer. De christen-democraten lieten de afgelopen weken geen moment ongebruikt om te benadrukken dat de begrotingsregels heilig zijn. Regels zijn regels, afspraak is afspraak. Ofwel, de uitgaven mogen niet boven de eerder afgesproken plafonds uitkomen en het tekort op de begroting mag niet de grens van 2 procent van het nationaal inkomen passeren.

Maar zijn die afspraken houdbaar bij de tegenvallers die nu dreigen? Wil het kabinet 3 miljard euro bezuinigen op uitkeringen, terwijl mensen het juist moeilijk hebben? De uit de hand lopende uitgaven op het ministerie van Sociale Zaken schrijven het wel voor. En wil het kabinet met miljardenbezuinigingen of lastenverzwaringen de economie afknijpen terwijl die juist een oppepper nodig heeft, die andere wens die onder meer het CDA de laatste tijd enthousiast uitdraagt? De Zalm-norm dicteert het wel. Eigenlijk is er geen geld voor actieve steun aan de economie.

Een schending van het regeerakkoord en het laten vieren van de financiële teugels lijkt met de jongste cijfers onafwendbaar geworden. Dit is de voornaamste reden dat de denktank van topambtenaren ook alle taboes bestudeert. Meest voor de hand liggende scenario is dat miljardenoverschrijdingen worden geaccepteerd, maar dat er dan ook hervormingen op lange termijn komen.

In Den Haag bestaan er lades vol met dossiers waarmee op lange termijn de overheidsfinanciën verbeteren. Het zijn de grote gevoelige onderwerpen als de AOW-leeftijd naar 67 jaar, het versoberen van de AWBZ, de beperking van aftrekbaarheid van pensioenen, het hoger belasten van leningen bij bedrijfsovernames en fiscale wijzigingen in de woningmarkt. Dat laatste hoeft niet alleen een beperking van de hypotheekrenteaftrek te betekenen. Die zou kunnen worden gecombineerd met het verlagen van de overdrachtsbelasting. En dan is er nog het beperken van de ‘aanrechtsubsidie’ voor niet-werkende partners.

De ChristenUnie heeft het laatste al tot taboe verklaard nadat Balkenende dat eerst deed voor gesleutel aan de hypotheekrenteaftrek. De PvdA heeft nog geen ‘onbespreekbaar’ uitgesproken, maar ook zonder een derde taboe is duidelijk dat de onderhandelingen in het kabinet vergelijkbaar zijn met een nieuw regeerakkoord. Het is bijna vanzelfsprekend dat die niet soepel zullen verlopen.