Hof: geen arrestatiebevel voor president Soedan

Er is onduidelijkheid ontstaan over de vervolging van de Soedanese president Bashir door het Internationale Strafhof. Volgens diplomaten heeft het hof besloten tot een arrestatiebevel, maar het hof ontkent dat.

Dagblad The New York Times meldde woensdagavond op basis van anonieme diplomaten bij de Verenigde Naties in New York en juristen van het Internationale Strafhof (ICC) dat het hof Bashir zal vervolgen voor het geweld in de West-Soedanese regio Darfur. Ook persbureau Reuters haalde later een diplomaat aan die zei dat het ICC „heeft besloten” dat Bashir moet worden gearresteerd. Een woordvoerder van het hof zei vanmorgen: „Er is geen arrestatiebevel, geen geheim arrestatiebevel en ook geen beslissing daartoe.”

In juli vorig jaar maakte hoofdaanklager Luis Moreno-Ocampo bekend dat hij Bashir wil vervolgen voor genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden in Darfur. Het zou de eerste keer zijn dat het hof, dat in 2002 is opgericht voor de berechting van de zwaarste oorlogsmisdadigers, een zittend staatshoofd aanklaagt. Tevens zou het de eerste aanklacht zijn voor genocide, dat geldt als de zwaarste misdaad. Sindsdien buigen drie rechters zich over de vraag of Ocampo voldoende bewijs heeft aangeleverd voor een proces.

Arabische en Afrikaanse landen hebben protest aangetekend tegen vervolging. Zij zeggen te vrezen dat een arrestatiebevel tot meer geweld in Soedan leidt. De VN-Veiligheidsraad van de heeft de bevoegdheid om vervolging in het belang van de vrede een jaar op te schorten.

Volgens The New York Times was VN-chef Ban Ki-moon al ingelicht over het op handen zijnde arrestatiebevel. Dat is belangrijk, omdat wordt gevreesd dat medewerkers van de VN gevaarlopen als Bashir wordt aangeklaagd. De Soedanese regering erkent het hof niet. De woordvoerder van het Strafhof zei niet te kunnen zeggen wanneer het besluit van de rechters kan worden verwacht.

Meer over de vervolging van Bashir op nrc.nl/strafhof