Het leven van Spinoza in ijzersterke dialogen

Jeugdtheater Spinoza (in exile), door Huis aan de Amstel/ Wederzijds (16+). Tournee: t/m 28 mrt. Inl: 020-6229328 of www.huisaandeamstel.nl * * *

„Iets over Spinoza, hoe doe je dat?” Zo begint het toneelstuk Spinoza (in exile), met drie acteurs die zich afvragen hoe ze het in godsnaam moeten aanpakken. Een goed begin, lekker vol zelfspot. Want het is niet niks, een voorstelling over Baruch de Spinoza, de redelijke én mystieke verlichtingsdenker.

Theatergezelschap Huis aan de Amstel/Wederzijds komt er goed mee weg. Geen gestrooi met filosofische citaten, geen uitleggerigheid. Schrijver/acteur Roel Adam scheef een ijzersterke tekst, waarin verschillende realiteiten op ingenieuze wijze met elkaar verknoopt raken. Zijn dialogen volgen zo’n buigzame logica, dat redelijkheid en onredelijkheid elkaar ergens in het midden ontmoeten. Je buigt vanzelf mee. Zodat je bijna vergeet dat de regie van Liesbeth Coltof aan de stijve kant is.

Vooruitlopend op de scheiding tussen kerk en staat, ontwikkelde Spinoza een wereldbeeld waarin hij God vereenzelvigde met de natuur. Het leverde hem de verbanning uit zijn geboortestad Amsterdam op, plus de door eeuwen heen zorgvuldig gearticuleerde haat van joden en christenen. Van dit historische drama is op zich weinig voelbaar op het toneel. De acteurs zoeken het vooral in de komische confrontatie.

Daniël van Klaveren en Oscar Siegelaar staan recht tegenover elkaar als Spin en Gab, die eigenlijk Spinoza en diens behoudende broer Gabriël willen spelen. En dan is daar Rem (Roel Adam). Hij wil in de huid kruipen van schilder Rembrandt van Rijn, Spinoza’s achterbuurman, die hem vaak op straat moet hebben zien lopen.

De voorstelling zet in op het moderne belang van het vrije woord. Het mes in de buik van Theo van Gogh, moslimfundamentalisme, het recht op beledigen, het recht op zevenenzeventig maagden – het komt allemaal voorbij. Net als de gedachte dat de van oorsprong joods-Portugese Spinoza vandaag een migrantenkind zou zijn. Een tweedegeneratieallochtoon, die gezien zijn vele spelfouten wellicht nog in aanmerking zou komen voor een inburgeringscursus. De overwegend talige voorstelling wordt doorbroken door videobeelden; zomaar beelden, begeleid door weemoedige fado.

De grote verassing komt van actrice Maroeska Hamer, die Clara Maria van den Enden speelt – het liefje van Spinoza. In een wit hemdjurkje, als het meisje dat niet in het script staat, dwarrelt ze het toneel op. Met vergeefse levenslust zingt ze haar liefdesliedje. En wanneer ze uiteindelijk aan het doodsbed van Spinoza zit, als het vleesgeworden ‘melkmeisje’ van Vermeer, zie je wat ze is. De laatste koortsdroom van de denker.