Calamiteitenroute doorkruist carnaval

Waar winden stedelingen zich over op? Zwolle heeft een nieuwe route voor de carnavalsoptocht. Het café op de Brink valt er buiten. De jury zit bij de concurrent op de Grote Markt.

„Een rotstreek.” Een ander woord heeft Cor Mensink niet voor het besluit de route van de carnavalsoptocht dit jaar te wijzigen. Die doet nu niet langer de Brink aan en mijdt daardoor ook café Stroomberg.

Mensink beheert sinds 1973 het Zwolse ‘stadscafé’ even buiten de binnenstad en hij kan zich de tijd niet heugen dat de optocht níet bij zijn café eindigde en er vervolgens níet binnen en buiten flink werd gefeest. „Ja, één keer lag er te veel sneeuw en ging de optocht niet door”, vertellen Mensink en zijn schoondochter Lianne.

Ze zitten aan de koffie naast het biljart, op korte afstand van de leestafel waar een keurig gezelschap dames en heren het nieuws van deze ochtend doorneemt. Onder hen is Jan Ruberg, erelid en oprichter van carnavalsvereniging De Eileuvers, de club die onlangs tot de wijziging van de route heeft besloten. Hij vindt het een „fout” besluit. „Het is hier al jaren een gezellig feest waar iedereen op afkomt.”

De Eileuvers vergaderen doorgaans in een bovenzaal van het café. Dat heeft de carnavalsvierders niet verhinderd het „pijnlijke” besluit te nemen. Voorzitter Jaap Hagedoorn: „Dat Stroomberg buiten de route valt, vinden wij een verdrietige bijkomstigheid. Het besluit is een zware bevalling geweest.”

De Eileuvers zeggen min of meer met de rug tegen de muur te hebben gestaan. Hagedoorn: „Bij evaluaties met de gemeente over de optocht van twee jaar geleden werd gezegd dat de veiligheid van de calamiteitenroute voor ambulances naar ziekenhuis Weezenlanden in het geding was. Er zouden dranghekken moeten komen, om te verhinderen dat vooral kinderen de weg oplopen en worden aangereden door passerende hulpdiensten. Vorig jaar zijn die dranghekken gekomen, op kosten van de gemeente. Dit jaar zouden wij die zelf moeten betalen. Terwijl wij vinden dat dranghekken helemaal niet horen bij carnaval.”

De bezoekers en uitbaters van van stadscafé Stroomberg begrijpen er weinig van. Er is wel degelijk voldoende ruimte voor ambulances, zeggen ze. Nog minder begrip hebben ze voor het argument dat tijdens de optocht één van de parkeergarages in de binnenstad niet bereikbaar is. „Dat hoeft ook niet, want iedereen wil de optocht zien”, stelt Lianne Mensink.

Ook het laatste argument maakt geen indruk, namelijk dat de optocht „compacter” is geworden door het wegvallen van een „doods” stuk zonder veel publiek. Cor Mensink: „Ik vind het allemaal een ongelooflijke zooi.”

Tot overmaat van ramp wordt dit jaar de stoet beoordeeld door een jury, met onder anderen burgemeester Henk Jan Meijer, vanaf het terras van een concurrerend café aan de Grote Markt, dat zich binnenkort net als Stroomberg een ‘stadscafé’ noemt. „Had het ‘grand café’ genoemd of iets dergelijks”, moppert Mensink.

De kastelein had op niets minder gehoopt dan bestuurlijk ingrijpen. „Als de burgemeester écht van carnaval houdt, dan zou hij dit nooit hebben toegestaan.”

Een woordvoerder van de gemeente laat weten dat de veiligheid van de calamiteitenroute echt het enige „struikelpunt” is geweest.

Vrienden van het stadscafé laten het er niet bij zitten. Ze organiseren een alternatieve optocht in Sassendonk, zoals Zwolle tijdens carnaval wordt genoemd. Eén van de „supporters” heet volgende week Prins Denk An De Buren en ontvouwt aan de biljarttafel zijn plannen. Er komt onder meer een alternatieve prinsenwagen die drie keer om de Brink heen zal rijden. De Mensinkjes zullen net als voorgaande jaren een tap op het terras plaatsen.

En laten we ten slotte niet denken dat het allemaal om het geld te doen is. Cor Mensink: „We zullen er niet arm van worden. Als de optocht langs komt, draaien we meer omzet. Maar we hebben dan ook meer kosten. Waar het hier om gaat, is het verlies aan traditie.”