Begeerte maakt blind

De markt voor vintage design is volwassen geworden, constateert Willem Peter van den Top met een zucht. De eigenaar van My Modern, de Drontense galerie gespecialiseerd in twintigste-eeuwse vormgeving, reageert op het nieuws dat in Frankrijk binnenkort een rechtszaak dient tegen een familiebende die designklassiekers vervalste.

Geen incident, zegt Van den Top. „De prijzen voor design zijn de afgelopen twintig jaar zo gestegen, dat we net als bij de markt voor moderne kunst worden geplaagd door vervalsingen.” Van alle grote twintigste-eeuwse ontwerpers duiken regelmatig neppers op, zegt hij.

Meestal betreft dat nieuwe kopieën van meubels van ontwerpers als Charles en Ray Eames en Ludwig Mies van der Rohe die zonder licentie in Italië worden vervaardigd. De zaak in Frankrijk is zo bijzonder, omdat het om vervalste oude meubels gaat.

Op 25 november hield de politie van Bordeaux zes mensen aan op verdenking van „georganiseerd bedrog”. Bij huiszoekingen werden zestig verdachte meubels in beslag genomen, onder meer tafels van Charlotte Perriand en Jean Prouvé en een beroemde art-decolamp van Pierre Chareau.

Een 30-jarige, uit Oekraïne afkomstige timmerman bekende de meubels te hebben nagemaakt in opdracht van de Parijse kunstenaar Christian Duran. Na diens dood in 2006 zouden familieleden de illegale praktijken hebben voortgezet. De bende heeft in drie jaar tijd vermoedelijk voor 1,1 miljoen euro aan nepmeubels verkocht.

De zaak kwam aan het rollen toen twee vooraanstaande Parijse galeriehouders op een veiling in Chicago voor 55.000 euro een tafeltje van Prouvé en Perriand kochten. Pas toen ze de tafel demonteerden, constateerden de handelaren dat het om een vervalsing ging.

Hoe kan het dat zelfs experts zich zo laten beetnemen? Het is heel lastig om je tegen vervalsingen te wapenen, zegt Frans Leidelmeijer, de in Gerrit Rietveld en art deco gespecialiseerd antiquair. „Als je niet weet dat er vervalsingen op de markt zijn, ben je er niet op bedacht. Pas als je je neus hebt gestoten, ben je op je qui-vive.”

Zo kocht Leidelmeijer vijftien jaar geleden eens twee art-decovazen van ontwerper Jaap Gidding. Het bleken goedgemaakte kopieën te zijn. „Begeerte maakt blind. Kijk naar De Emmaüsgangers van Han van Meegeren. Het is toch onvoorstelbaar dat professoren dat doek ooit voor een Vermeer aanzagen.”

Dat zegt ook Geert Jan Jansen. Voordat hij in 1994 als kunstvervalser werd ontmaskerd, bood hij drie keer per jaar collecties zelfgeschilderde Picasso’s en Miro’s aan. Jansen: „Experts vroegen zich nooit af ‘klopt het wel’. Wat kunnen we eraan verdienen, dat was wat ze bezighield.” Jansen lacht om de verhalen over de meubelvervalsers. „Beetje schuren, schoensmeer en kippenpoep door de boenwas – het is niet zo moeilijk om oude meubels te maken. Ik schudde vroeger de stofzuigerzak leeg boven mijn Picasso’s.”

Een zaak als met de Franse familiebende ondermijnt het vertrouwen in de markt, zeggen de antiquairs. Win bij diverse kenners advies in en koop bij een vertrouwd adres, raadt Leidelmeijer designverzamelaars aan. Dat biedt volgens hem de meeste zekerheid in een moeilijke markt. „Niemand is onfeilbaar. Maar alleen bij erkende handelaren is er een erecode: niet goed, geld terug.”

Dat zegt ook Willem Peter van den Top. In zijn galerie My Modern staat een vijftig jaar oude tafel van Charlotte Perriand te koop voor 150.000 euro. Een tafel met een „perfecte stamboom”, zegt de galeriehouder: „De herkomst van deze tafel is goed gedocumenteerd. Als er ook maar een klein gaatje zit in de geschiedenis van zo’n meubel, dan begin ik er niet aan.”