'Ze zijn doodsbang voor hun uitbuiters'

Om mensensmokkelaars aan te pakken, is het nodig dat slachtoffers aangifte doen. Maar dat brengt de slachtoffers in een lastige positie. „Ze hebben eerst rust nodig.”

Ze werden gedwongen tot seks met tien tot vijftien mannen per nacht. Of gedwongen om te werken in de keuken van een restaurant voor anderhalve euro per uur, veertien uur per etmaal. Of om als huisslaaf dag en nacht beschikbaar te zijn. Als slachtoffers van mensenhandel uit hun benarde positie bevrijd zijn, moeten ze aangifte doen tegen hun handelaren om goede bescherming te krijgen. Zonder aangifte zijn ze vogelvrij.

Dat moet anders, stelt de onafhankelijke Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ) in een binnenkort te verschijnen advies. Alle slachtoffers moeten bescherming krijgen, zegt de voorzitter van de adviescommissie Adriana van Dooijeweert.

Waarom worden slachtoffers alleen beschermd als ze aangifte doen?

„Het is ongelooflijk belangrijk dat mensenhandelaren worden aangepakt. Vervolging is lastig omdat ze opereren in een schimmige wereld waarin bewijzen lastig te vinden zijn. Aangifte van het slachtoffer is daarom bijna altijd noodzakelijk voor het strafproces.”

U adviseert drie maanden rust voor mogelijke slachtoffers. Waarom?

„We vinden dat zij zeker moeten zijn van een tijdelijk verblijfsrecht van anderhalf jaar. Ze hebben eerst rust nodig om los te komen van de handelaren. Deze mensen zijn vaak ernstig getraumatiseerd. Ze zijn doodsbang dat de handelaren hen weten te vinden of wraak zullen nemen op hun familie. Met die dreigementen houden handelaren hun slachtoffers jarenlang in hun greep. Die mensen moet je eerst de tijd gunnen tot zichzelf te komen. Daarna moet goed gekeken worden of ze echt slachtoffer zijn. Daarvoor zou de immigratie- en naturalisatiedienst drie maanden de tijd moeten hebben. Als inderdaad vast komt te staan dat ze slachtoffer zijn, krijgen ze een vergunning voor een jaar.”

Dus eerst beschermen en dan kijken of ze wel echt slachtoffer zijn?

„Daar komt het wel op neer. Als een buitenlandse vrouw wordt aangetroffen in een seksboerderij, dan is er een gerede kans dat ze verhandeld is en daar gedwongen zit. Bied haar bescherming en begin meteen een gedegen onderzoek. Dat geldt ook voor een illegaal die bijvoorbeeld onder erbarmelijke omstandigheden wordt aangetroffen in de tuinbouw.”

Slachtoffers die meewerken aan het strafrechtelijk onderzoek krijgen sowieso een verblijfsvergunning, ligt misbruik niet op de loer?

„Dat is een risico, en we hebben indicaties dat het voorkomt. Nu mogen slachtoffers alleen in Nederland blijven als de daders worden veroordeeld of als het proces langer duurt dan drie jaar. Maar als daders niet veroordeeld worden, en dat komt regelmatig voor, dan sta je als slachtoffer mooi te kijken. Ze worden niet langer beschermd, terwijl de handelaren niet erg blij met je zullen zijn.”

Als ze na anderhalf jaar nog geen aangifte hebben gedaan of meegewerkt aan vervolging moeten ze, in uw advies, het land uit?

„Ja, na anderhalf jaar valt de bijl. Anders wordt misbruik wel erg aantrekkelijk. En bovendien moet het opsporingsbelang niet uit het oog worden verloren.”

Minderjarige slachtoffers worden nu soms opgesloten voor hun eigen veiligheid en om ze te behouden voor het proces. Waarom adviseert u daarmee heel voorzichtig te zijn?

„Opsluiten zonder misdrijf moet echt een laatste redmiddel zijn. Aan de andere kant gaat het vaak om kinderen, meestal meisjes van 14, 15, 16 jaar oud. We weten van Nigeriaanse meisjes dat ze regelrecht teruggingen naar hun handelaren als ze uit de opvang vertrekken. Omdat ze bang zijn voor wraak of een schuld moeten aflossen. Bij hen spelen ook voodoorituelen een rol. Dat wil je voorkomen. Je wilt eigenlijk dat deze kinderen zo snel mogelijk terug gaan naar hun ouders of familie. Maar dat kan ook gevaarlijk zijn omdat de kinderen soms door hun ouders zijn verkocht aan de handelaar.”

Volwassen slachtoffers belanden nu nogal eens in de vreemdelingenbewaring. Niet doen, adviseert u.

„Daar horen ze zeker niet. Lang niet altijd worden slachtoffers van mensenhandel herkend. Daarom adviseren wij het zekere voor het onzekere te nemen. Als er ook maar de geringste aanwijzing is dat iemand slachtoffer is, moet hij ook zo behandeld worden. En we adviseren om organisaties die zich inzetten voor de bestrijding van mensenhandel in te zetten om de politie te helpen. De mensen die daar werken hebben ervaring in de omgang met deze groep, ze pikken slachtoffers er makkelijker uit.”