Een Belgische kwestie

De ‘activistische aandeelhouder’ was tot nu toe goeddeels een abstract begrip. Gisteren kon hij in actie worden gezien tijdens de aandeelhoudersvergadering van Fortis in Brussel. En hoe. Aandeelhouders van de Belgische holding kwamen luidkeels in opstand tegen de verkoop, in oktober 2008, van de Nederlandse werkmaatschappijen aan de Nederlandse staat en de voorgenomen verkoop van de overige bedrijfsonderdelen aan BNP Paribas. Zij zouden in wezen achterblijven met de holding, met inbegrip van veel ‘giftige’ beleggingen. Het verzet heeft gewonnen, met een nipte meerderheid. De leegverkoop van Fortis is door hen afgekeurd. Maar wat nu moet volgen, is hoogst onduidelijk.

Twee aspecten van deze zaak vallen op. Allereerst heeft het concern voor België een veel grotere symbolische waarde dan in de regel vanuit Nederland wordt bevroed. Zoveel nationale kampioenen heeft België niet. Fortis zou er een worden, zeker na de overname, in samenwerking met het Spaanse Santander en de Britse Royal Bank of Scotland, van een derde deel van ABN Amro. Nu ligt niet alleen dat plan in duigen, maar is Fortis zelf opgedeeld en verkocht aan Nederland en, tot gisteren, aan een Franse bank. Dat doet pijn. Bovendien heeft de zaak in België een heel eigen politieke dynamiek gekregen. Er is al een premier, Leterme, over gevallen.

Het tweede aspect gaat over de aandeelhouders zelf. Zij gingen eerder akkoord met deelname van Fortis aan het triumviraat dat ABN Amro kocht en opdeelde. Die zeer complexe overname werd betaald in contanten. Dat laatste bleek dodelijk voor Fortis toen het door de kredietcrisis werd overspoeld. Dat niet alleen het bestuur, maar ook de aandeelhouders bewust dit risico namen, zien de laatsten iets te makkelijk over het hoofd.

Bovendien was de noodoperatie die in oktober werd opgezet een haastklus. De omstandigheden waren nijpend: het Fortis-concern had ten onder kunnen gaan als er niet was ingegrepen. Dat het werd gered, komt vooral doordat het concern maatschappelijk van te groot belang is om te laten failleren. Een ander bedrijf was gewoon omgevallen, waarna er wellicht niets voor de aandeelhouders was overgebleven.

Daar staat tegenover dat de Belgische overheid destijds al niet de indruk wekte samenhangend te opereren. Onduidelijkheden en wantrouwen noopten de Nederlandse regering al een week na de oorspronkelijke, gezamenlijke ingreep om de Nederlandse delen van Fortis geheel over te nemen.

De nee-stem van de aandeelhouders en de opstandige stemming zeggen dan ook veel over de interne politieke dynamiek in België zelf.

Door de afwijzing van gisteren zal de chaos rond bank en verzekeraar Fortis langer duren. De Nederlandse overheid is nu in principe kwetsbaar voor schadeclaims, maar doet er het best aan zich daar niet al te veel van aan te trekken. Een onafhankelijke commissie van Belgische deskundigen concludeerde eerder dat de hele operatie van oktober gerechtvaardigd was. Fortis is en blijft vooral een Belgische kwestie.