Vijftig lynxen in het wild, bijna de laatste

Veertig jaar geleden wilde Spanje de moerassen van Coto Doñana droogleggen.

Nu leven er bijzondere dieren, zoals de koningsarend en de bijna uitgestorven lynx.

Dalai, een Iberische mannetjeslynx van nog nét geen jaar oud, wordt wakker uit zijn ochtendslaapje. Hij rekt zich uit en steekt zijn witte baard naar voren, de oren met de pluimpjes overeind. Het wachten is op een konijn of kwartel om te bejagen en te verscheuren bij wijze van middagmaal.

De bewegingen van Dalai en dertig andere lynxen worden nauwlettend gevolgd, op een tiental flatscreens van het voortplantingscentrum voor lynxen El Acebuche. De lynxen bevinden zich op een afgeschermd terrein rond het gebouw. Bedoeling is ze weer uit te zetten in de natuur, zegt Astrid Vargas, de biologe die het project voor het redden van de lynx onder haar hoede heeft. „De voortplanting in gevangenschap is maar een deel van het verhaal.”

Het lynxencentrum bevindt zich aan de rand van de Coto Doñana, een Spaans natuurpark aan de Atlantische kust in de zuidelijk provincie Huelva. Een grote lagune toont de rijkdom van het park: talloze watervogels, steltlopers en roofvogels. In de verte achter de mistflarden steekt een groep herten het water over, aan de overkant galopperen halfwilde paarden in het grasland. Het park is de laatste uitwijkplaats voor een zeldzame soort als de koningsarend. En van circa vijftig Iberische lynxen, ’s werelds meest bedreigde katachtigen, die hier nog in het wild leeft. „Zonder het programma in Doñana, zou de Iberische lynx verloren zijn’’, aldus Miguel Delibes, jarenlang directeur van het wetenschappelijk onderzoekscentrum in het park en één van de grootste experts op het gebied van lynxen. Het fokprogramma begon met drie lynxen. Het is inmiddels uitgegroeid tot 54 lynxen, verdeeld over 3 opvangcentra.

Het gaat daarbij zowel om lynxen die in gevangenschap zijn geboren, als die in het wild zijn gevangen. Om de populatie van de ondergang te redden, is het volgens Astrid Vargas „de bedoeling zoveel mogelijk verschillend genetisch materiaal van de lynxenpopulatie te verzamelen” – en door middel van fokprogramma’s te kruisen. Vanaf eind dit jaar worden de eerste lynxen weer uitgezet in de vrije natuur.

Maar ook in de Coto Doñana staat het behoud van de lynx onder druk van de oprukkende omgeving. Zo wordt de waterhuishouding van het moerasgebied bedreigd door de omliggende land- en tuinbouwbedrijven. Vandaar dat het park nu minder dan in het begin wordt beschouwd als een beschermd eiland in een omgeving waar verder alles mag.

Een voorbeeld van die ontwikkeling is het bedrijf van aardbeienteler José Cáceres, aan de rand van het natuurpark. Honderden meters lange dijkjes met aardbeienplanten staan onder ronde plastic kassen te rijpen voor de export. In de aarde onder de aardbeien zitten computergestuurde irrigatiepompjes. Die pompjes besparen vijftien procent kostbaar water en daarmee ook bemesting en elektriciteitskosten. De aardbeien zijn te koop bij Albert Heijn, één van de grote aardbeienafnemers uit het gebied en zodoende een drijvende kracht achter het project. AH verkocht 15 à 20 procent meer aardbeien, nadat de milieuvriendelijke teelt in een intensieve reclamecampagne was uitgelegd.