Geloofwaardigheid Rio Tinto weg

Rio Tinto heeft zijn nieuwe president-commissaris verloren, evenals zijn geloofwaardigheid. Jim Leng is nog geen drie weken na zijn benoeming alweer teruggetreden uit het bestuur van het Brits-Australische mijnbouwconcern. De overige commissarissen hebben heel wat uit te leggen.

Leng was geen onbekende. Als president-commissaris van staalproducent Corus begeleidde hij de verkoop van dat concern aan het Indiase Tata Steel. Het leek een slimme keuze om voor het voorzitterschap van Rio Tinto’s raad van commissarissen iemand te vragen die heeft bewezen over een goed inzicht in de conjunctuurcyclus te beschikken. Maar toen hij de vergaderingen ging leiden, stoorden andere commissarissen zich naar verluidt aan zijn weinig subtiele optreden. Zij hadden het gevoel dat ze eenvoudigweg niet met hem konden werken.

Andrew Gould, de langstzittende onafhankelijke commissaris van Rio Tinto, was verantwoordelijk voor de speurtocht naar een nieuwe voorzitter. Het is moeilijk te geloven dat Gould de voormalige collega’s van Leng bij Corus en Pilkington, twee vooraanstaande Britse bedrijven, niet naar zijn bestuursstijl heeft gevraagd. Leng kan drammerig en inflexibel zijn, zeggen mensen die hem kennen.

Maar het is lastig onderscheid te maken tussen een slechte onderlinge chemie en fricties over een belangrijke zakelijke beslissing: wat te doen met de uit de hand gelopen schulden op de balans van Rio Tinto. Aan de ene kant stonden de commissarissen en topman Tom Albanese. Zij willen proberen 20 miljard dollar binnen te halen uit de verkoop van converteerbare obligaties en minderheidsbelangen in sleutelprojecten aan Chinalco, dat vorig jaar een positie in Rio Tinto verwierf via een plotselinge vijandige overval. Leng was daarentegen voor een claimemissie, aldus mensen die weten hoe hij denkt.

De Chinese overeenkomst is inderdaad problematisch. Hoewel de converteerbare obligaties zullen worden aangeboden tegen een premie ten opzichte van de marktprijs, kan Chinalco andere voordelen genieten, te beginnen met een bestuurszetel. De aandeelhouders zouden bezorgd moeten zijn over de toegenomen invloed van een bedrijf dat zo nauw is vervlochten met een grote klant, de Chinese regering. Een claimemissie, waarop andere aandeelhouders zich tegen dezelfde voorwaarden als Chinalco kunnen inschrijven, klinkt veel aantrekkelijker.

Rio Tinto moet nu drie dingen doen. In de eerste plaats: zijn geloofwaardigheid herstellen. Het verwijderen van Gould uit zijn positie als langstzittende commissaris zou een goed begin zijn. In de tweede plaats: uitleggen hoe het de invloed van Chinalco wil compenseren. En in de derde plaats: op overtuigende wijze aan de aandeelhouders verklaren waarom ze geen claimemissie voorgelegd hebben gekregen. Deze laatste opgave zal de zwaarste blijken.

John Foley