Twee maten

Als Geert Wilders slim is, laat hij zich verdedigen door advocaat Gerard Spong.

Advocaat Gerard Spong sprak mooi klinkende woorden over de beslissing van het Amsterdamse Hof om Geert Wilders te vervolgen: het gaat niet aan om een bevolkingsgroep op ‘de schroothoop van het nazisme’ te werpen. Spong doelde op de vergelijking die Wilders anderhalf jaar geleden trok tussen de Koran en Mein Kampf.

Pikant is dat bij Spong de ene schroothoop de andere niet is. Want zelf maakte Spong in zijn aangifte tegen Wilders een vergelijking tussen de PVV-voorman en Joseph Goebbels, Hitlers propagandaleider en later ook nazi-minister van Volksvoorlichting. Spongs vergelijking doet denken aan die van GroenLinks-kopstuk Mohammed Rabbae, die Wilders typeerde als ‘een kleine Hitler’. Werpen Spong en Rabbae met die vergelijkingen nu uitsluitend Wilders of ook alle mensen die op zijn partij hebben gestemd op diezelfde schroothoop van het nazisme? En waarom blijf je eigenlijk buiten de sferen van het strafrecht als je een populist vergelijkt met Hitler of Goebbels, terwijl een vergelijking van een Heilig Boek met Mein Kampf kennelijk wel voor vervolging in aanmerking komt?

Verder rijst opnieuw de onvermijdelijke vraag waarom de Koran en de profeet Mohammed niet en de Bijbel en de oudtestamentische God wel vergeleken mogen worden met totalitarisme en dictatuur. Wierp PC Hooftprijswinnaar Karel van het Reve uitsluitend God of ook alle christenen op de mestvaalt van een Afrikaans schrikbewind toen hij in deze krant ooit schreef dat de oudtestamentische God zich nog het beste liet vergelijken met de dictator Idi Amin, onder wiens bewind in het Oeganda van de jaren zeventig driehonderdduizend mensen werden vermoord? En wierp PC Hooftprijswinnaar Hugo Brandt Corstius uitsluitend één minister of ook alle stemmers op het CDA of misschien wel alle christenen in Nederland in de gasovens van het nazisme toen hij in de jaren tachtig CDA-minister Onno Ruding vergeleek met nazi-kopstuk Adolf Eichmann?

Deze vragen drongen zich ook op bij Vrij Nederland-journalist Margalith Kleijwegt. Zij vroeg jurist en forumvoorzitter Sadik Harchaoui of na Geert Wilders nu ook Brandt Corstius en Geert Mak alsnog moeten worden vervolgd. Mak vergeleek de beeldtaal die Ayaan Hirsi Ali gebruikte in haar filmpje Submission met de propagandatechnieken van, opnieuw, Joseph Goebbels. Het antwoord van Harchaoui in VN is helder: „Ja, dat is dan zo”.

Wilders’ raadsman Moszkowicz kondigde deze week aan zich tot de Hoge Raad te wenden met de opdracht de vervolging tegen te houden. Zou Wilders aan één advocaat wel genoeg hebben? Verdient het geen aanbeveling om juist die ene advocaat in de arm te nemen die zich anderhalf jaar geleden fel keerde tegen strafrechtelijke vervolging?

Heette ik Geert Wilders, ik zou juridische bijstand vragen aan Moszkowicz’ confrère die in het Algemeen Dagblad van 10 augustus 2007 publiceerde: „Het is enigszins surrealistisch te constateren dat het hele land in rep en roer is door de nieuw geopenbaarde opvattingen van Geert Wilders, die de Koran (..) op één lijn stelt met Hitlers Mein Kampf. Moslims schijnen zich door zijn uitspraken beledigd te voelen en er is al aangifte gedaan tegen Wilders wegens haat zaaien (...) De homofobe haatzaaiende islampreken die tienduizenden Nederlandse homo’s in hart en ziel kwetsen, hebben de zegen van de Nederlandse rechter gekregen. Dat we met deze walgelijk discriminerende rechtspraak opgescheept zitten, is tot daar aan toe. Maar om nu bij de eerste de beste anti-Koran-scheet van Wilders te roepen dat deze belediging aan het adres van moslims strafrechtelijk vergolden moet worden, wijst toch op zijn minst op het meten met twee maten. Wilders heeft hun gewoon een koekje van eigen deeg gegeven. Reeds op grond hiervan heeft hij strafrechtelijk niets te vrezen.”

Was getekend meester Gerard Spong. Vorige week wees Max Pam in het Parool op Spongs verdiensten als ideologisch slangenmens, en Pauw en Witteman stelden de advocaat er enkele vragen over, maar opmerkelijk genoeg durfde niemand het verder aan om Spongs bijna karikaturale gespletenheid over het voetlicht te brengen, vermoedelijk omdat die gespletenheid de selectieve verontwaardiging jegens Wilders en zijn naar mijn idee hysterische nazi-vergelijking pijnlijk aan het licht brengt. Spong is met zijn onnavolgbare morele schizofrenie de belichaming geworden van het ‘meten met twee maten’ dat hijzelf in 2007 zo trefzeker wist te verwoorden.