Taboes over aanpak vergrijzing verdwijnen

Nieuwsanalyse

Het probleem van de vergrijzing wordt nog veel groter door de recessie. De tijd lijkt rijp voor snelle en onorthodoxe maatregelen.

Waar Nederlanders wakker van liggen? Niet van hun baan of het betalen van de huur. Bezorgdheid over het pensioen staat bovenaan de lijst. Het aantal mensen dat zich druk maakt over de oudedagsvoorziening is sinds de kredietcrisis verdubbeld. Hét moment om met delicate hervormingen te komen, weet politiek Den Haag.

Het is opvallend hoe in rap tempo een aantal taboes bespreekbaar wordt. Deze week gaf VVD-fractieleider Mark Rutte een voorzet: verhoog de leeftijd voor de AOW, het overheidspensioen voor iedereen, van 65 naar 67 jaar.

De tijd is aan de sleutelaars aan de BV Nederland. Minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken, CDA) – altijd scherp – haalde als eerste een taboe van stal: ‘van werk naar werk’. Niet meer thuis zitten tot een passende baan gevonden is, maar mensen bij dreigend ontslag zo snel mogelijk aan ander werk helpen.

Peter Bakker, topman van TNT en voorzitter van de Commissie Arbeidsparticipatie, had het opgeschreven in een dik rapport van vorig jaar juni. Een alarmerend rapport over de toekomst van Nederland, want vanaf volgend jaar krimpt de beroepsbevolking. De omvangrijke generatie babyboomers stopt met werken. En over dertig jaar heeft Nederland één miljoen minder mensen en twee keer zoveel 65-plussers die een basispensioen van de overheid ontvangen en meer kosten vanwege hun gezondheid. Wie gaat dat betalen?

De vergrijzing leidt ertoe dat een krimpende groep werkende mensen voor het levensonderhoud van een groeiende groep moet zorgen. Op dit moment dragen tien werkenden de kosten voor twee 65-plussers. In 2040 moeten die kosten gedragen worden door vijf werkenden. Er komt bij de overheid minder geld binnen voor de AOW, de gezondheidszorg en andere sociale voorzieningen, terwijl de uitgaven daarvan juist stijgen vanwege het toenemend aantal ouderen.

Er zijn drie opties om het huidige niveau van sociale voorzieningen te behouden. Niets doen heeft „heel draconische gevolgen’’, becijferde de econoom Harry ter Rele van het Centraal Planbureau (CPB). Samen met drie collega’s schreef hij een uitvoerige studie Vergrijzing en houdbaarheid van de Nederlandse overheidsfinanciën. Daaruit blijkt dat, bij ongewijzigd beleid, een dertiger die de pensioenleeftijd van 65 bereikt tientallen procenten – naar schatting 40 procent – minder geld ontvangt.

Over dertig jaar lopen de kosten van de AOW en de zorguitgaven ieder op met 4 procent van het bruto binnenlands product. Daardoor stijgen het tekort op de begroting en de staatsschuld dramatisch. Toekomstige generaties worden extra belast.

Niets doen op het gebied van de AOW is dus geen optie. De overheid heeft maar een paar mogelijkheden: sparen (bezuinigen) zodat later alles betaald kan worden, de belastingen verhogen óf zorgen dat er meer en langer wordt doorgewerkt zodat de overheid hogere belastinginkomsten krijgt. Sparen is niet populair. De overheid zou dan volgens CPB-econoom Ter Rele nu al jaarlijks een slordige 13 tot 14 miljard euro moeten bezuinigen. En dat is nog een inschatting van vóór de kredietcrisis.

Forse belastingverhogingen zijn pijnlijk en niet bevorderlijk voor de concurrentiepositie.

Verhoging van het aantal werkenden en langer doorwerken is het meest voor de hand liggende alternatief. „Iedereen is nodig’’, schreef Bakker in zijn rapport, dat tal van aanbevelingen bevatte om de groep van 900.000 mensen die onvrijwillig langs de kant staan aan het werk te krijgen. Ook zijn er meer werkenden nodig, omdat volgens het rapport-Bakker de vraag naar arbeid flink zal groeien. Als gevolg van de demografische ontwikkelingen zullen er voor het eerst in de geschiedenis „structureel minder mensen beschikbaar zijn dan er banen zijn’’.

De opgave waar Nederland voor staat is volgens Bakker zoveel mogelijk mensen inzetbaar te maken en te houden. De vakbeweging schoof het Bakker-rapport snel in een la, want het rapport staat ook bol van adviezen waar de bonden en hun achterban ongelukkig van worden. Zo wordt naast het ‘van werk naar werk’-traject, ook gepleit voor ‘werkzekerheid’ voor iedereen. Werknemers krijgen daartoe een werkbudget – rugzakje – om zelf via scholing hun inzetbaarheid op peil te houden en de WW (werkloosheidsuitkering) wordt omgevormd tot een werkverzekering die werkgevers en werknemers stimuleert om werkloosheid te voorkomen.

Daarnaast wordt doorwerken tot 65 jaar bepleit. En gezien de stijgende levensverwachting is verhoging van de AOW-leeftijd tot 67 jaar in 2040 nodig, adviseren Bakker en zijn commissieleden. Stoutmoedige, noodzakelijke, maar ingrijpende en niet bij iedereen populaire veranderingen.

Maar de leden van het kabinet zijn – met het rapport-Bakker op het bureau – bezig een aantal adviezen van de commissie uit te voeren. Zo nemen Donner en zijn nieuwe staatssecretaris Jetta Klijnsma (PvdA) allerlei maatregelen om de participatie te verhogen van 70,3 procent (2008) van de beroepsbevolking tot 80 procent in 2016. Om dat te bereiken spraken Donner en de sociale partners dit najaar af om met nadere voorstellen te komen, in het kielzog van een afspraak over loonmatiging en lastenverlichting. Zoals gebruikelijk gingen de partijen uiterst behoedzaam met elkaar om. De acute verslechtering van de economie, waarbij de groei van 3,5 procent in 2007 snel verdampt tot een krimp van waarschijnlijk minimaal 2 procent dit jaar, vraagt echter niet om behoedzaamheid maar om onorthodoxe maatregelen.

Topambtenaren werken nu koortsachtig aan scenario’s om de financiële tegenvallers op te vangen en de overheidsfinanciën op lange termijn gezond te houden. Donner wil met werkgevers en bonden in een crisiswerkgroep voor het eind februari een ‘plan van aanpak’ klaar hebben. De grote uitruil is in volle gang. Voor taboes is weinig plaats. Geen hogere pensioenpremies? Dan langer werken. Belastingverhoging voor ouderen? Of toch de aftrek van de hypotheekrente verminderen. „Taboes gelden in de huidige situaties niet meer. We proberen een breed akkoord te bereiken”, zegt een ingewijde. Het kan mislukken. Maar er zijn ongekende financiële en economische problemen die om vernieuwende oplossingen vragen.