Rampen: grotere rol voor minister

Bij nationale rampen, zoals een grootschalige overstroming, moet de minister van Binnenlandse Zaken een grotere rol krijgen binnen het kabinet. Ook moet deze minister meer zeggenschap krijgen over lagere overheden. De minister moet verder worden bijgestaan door een landelijke operationele staf.

Dat zijn de opmerkelijkste aanbevelingen van de zogenoemde ‘taskforce management overstromingen’, twee jaar geleden ingesteld door het kabinet, op basis van onderzoek tijdens de nationale oefening Waterproef die onlangs werd gehouden. Het rapport over de oefening is gisteren gepresenteerd.

Tijdens de landelijke oefening werd onder meer een zogenoemde Ergst Denkbare Overstroming gesimuleerd. De taskforce, onder voorzitterschap van commissaris van de koningin Jan Franssen (VVD) in Zuid-Holland, is in het algemeen „verheugd” dat Nederland organisatorisch beter is voorbereid op een nationale ramp dan twee jaar geleden.

Wel zijn verbeteringen noodzakelijk. Niet alleen moet de „regie” worden versterkt door onder meer oprichting van een landelijke operationele staf. Die heeft tijdens de oefening „succesvol geopereerd en zich gaandeweg zelfs ontwikkeld tot een landelijk operationeel commandocentrum”, zo staat in het rapport van de taskforce.

Ook moeten meer en betere plannen worden gemaakt, onder meer voor het evacueren. „Zo’n evacuatieplanning is onontbeerlijk, biedt onze inwoners en bedrijven zekerheid en schept orde in de chaos die overstromingen teweegbrengen.”

Zulke plannen helpen bestuurders bij „een essentieel leerpunt” uit de oefening, namelijk het overzien van de consequenties van besluiten zoals een evacuatie van „niet-zelfredzame mensen”, zoals zieken en ouderen. Die consequenties worden niet altijd overzien, zo leert de ervaring, meldt de taskforce.

Verder moet er vaker worden geoefend, regionaal elke twee jaar en nationaal elke vier jaar, dit om „wat samen bereikt is aan spirit, resultaten, procedures en best practices” vast te houden, aldus de taskforce.