Mbo gaat door met innovaties

Scholen kunnen bij de invoering van het competentiegericht onderwijs in het mbo niet voldoen aan de criteria die de commissie-Dijsselbloem een jaar geleden opstelde voor onderwijsvernieuwing.

Dat zeggen betrokkenen. Er is volgens hen te weinig tijd en geld voor scholing van docenten, en men is bang dat studenten te weinig begeleiding krijgen. Competentiegericht onderwijs, vanaf 2010 verplicht, laat leerlingen praktijkgerichter werken.

De commissie-Dijsselbloem rapporteerde een jaar geleden een zeer kritisch rapport over grootschalige vernieuwingen in het onderwijs zoals de basisvorming en de Tweede Fase in het vmbo, havo en vwo. De commissie stelde criteria op waaraan toekomstige vernieuwingen zouden moeten voldoen. Een grote meerderheid in de Kamer steunde de commissie.

Het nieuwe mbo voldoet niet aan die eisen, menen betrokkenen, maar mag toch niet worden teruggedraaid, omdat niemand terug wil naar het oude mbo. Tweede Kamerlid Staf Depla (PvdA) stelt dat „in wezen het onomkeerbare besluit om het in te voeren al genomen is”. Volgende week publiceert de Tweede Kamer een onderzoek naar het nieuwe mbo-onderwijs.

Zaterdag &cetera: pagina 10,11