Langdurige belofte

Rob van den Berg bespreekt het boek Sun in a bottle; the strange history of fusion and the science of wishful thinking van Charles Seife. De titel spreekt voor zich: kernfusieonderzoekers houden het publiek met mooie beloftes aan het lijntje. Uit dit soort stemmingmakerij blijkt dat lieden zoals Seife niet weten wat de problemen en de oplossingen in dit gebied zijn. Het begint al met de mededeling dat voor kernfusie temperaturen van miljoenen graden Celsius nodig zijn en dat het kernfusieonderzoek `dan ook al vijftig jaar een aaneenschakeling van mislukkingen is`: fout! Die hoge temperaturen zijn vrijwel direct bereikt, dat is zeker niet het probleem in het fusieonderzoek. Wat dan wel en waarom ben ik daar zo zeker van? Veertig jaar geleden begon ik een promotieonderzoek op het FOM-Instituut voor Plasmafysica `Rijnhuizen` in Nieuwegein (toen nog Jutphaas). In ons experiment (een zogenaamde schroefpinch) konden we een heet plasma gedurende tien microseconden stabiel opsluiten. Die eerste experimenten bereikten de benodigde dichtheden en temperaturen moeiteloos. Maar netto energie winnen uit beheerste kernfusie vraagt een opsluittijd van tientallen seconden. In 1968 kwam de grote doorbraak: Sovjetwetenschappers meldden temperaturen en opsluittijden die niet alleen alle verwachtingen te boven gingen, maar ook nog eens opschaalbaar leken. Vrijwel onmiddellijk werden overal bestaande experimenten beëindigd (ook het schroefpinchexperiment in Jutphaas) en vervangen door het Russische `tokamak`-ontwerp. Is dit een voorbeeld van mislukking? Of was het juist het jarenlange experimenteren die de merites van de tokamak meteen duidelijk maakte? In de dertig jaar daarna is de opsluittijd opgekrikt naar seconden. Dat gebeurde natuurlijk niet in één keer, maar door problemen één voor één te bedwingen met noeste experimentele arbeid. Een factor miljoen verbetering in dertig jaar! Wie haalt het in zijn hoofd daar geringschattend over te doen?