Is de Royal Society gelovig?

Is de Royal Society (RS), de Britse Academie voor Wetenschappen, gelovig? Dat lijkt een vreemde vraag. In een academie is de twijfel immers geïnstitutionaliseerd. Het is een bolwerk van ongeloof, weerbaar tegen iedere aantasting van de natuurwetenschappelijke verklaring voor de oorsprong van heelal en mens. Als buitenlands lid van de RS ben ik daar ook altijd van uitgegaan. Toch is er nu twijfel gerezen of de RS wel zo zuiver in de natuurwetenschappelijke leer is als verwacht mag worden van de oudste academie in de westerse wereld.

Die twijfel begon toen de RS geld aannam van de Templeton Foundation. John Templeton was een rijke Amerikaanse zakenman, geïnteresseerd in religie en wetenschap. In 1973 startte hij met een prijs voor ‘Vooruitgang in religie’, nu meer dan 1 miljoen dollar. Met dit enorme bedrag wilde Templeton aangeven dat religie meer waard is dan al die wereldse vakken waarmee een Nobelprijs te winnen valt. In 1987 kwam daar de Templeton Foundation bij, die onderzoek betaalt in het grensgebied tussen religie en wetenschap.

Dat grensgebied is omstreden. Er zijn natuurlijk mensen die volhouden dat religie en wetenschap ‘niet-overlappende domeinen’ zijn, maar de praktijk leert anders. In het grensgebied is eeuwenlang verbeten gevochten en bij dat landjepik heeft de wetenschap aan het langste eind getrokken (zie bijvoorbeeld het boek van V. Stenger: God: een onhoudbare hypothese, Veen Magazines, 2008). Als het gaat over de oorsprong van het heelal of het leven op aarde, is de religie in een klein hoekje gedrongen. De Templeton Foundation wil dat hoekje vergroten. De vraag of hartpatiënten sneller genezen als er voor hen wordt gebeden is bijvoorbeeld onderzocht met Templetongeld (niet dus).

Ondanks de religieuze uitgangspunten

van de Templeton Foundation besloot de RS Templetongeld te accepteren voor een serie lezingen. Een lucratieve deal, want de Templeton Foundation heeft veel geld beschikbaar om respectabiliteit te kopen, 280.000 dollar in dit geval voor zes lezingen. Zo kon het gebeuren dat de volgende tekst op de website van de RS verscheen. ‘Religieus inzicht kan de natuurwetten plaatsen in een dieper begripskader, zodat hun fundamentele orde en rationele schoonheid begrijpelijk worden en niet meer als brute feiten behandeld hoeven te worden.’ Deze snorkende onzin werd een aantal RS leden te gortig. Een clubje van vier Britse Nobelprijswinnaars eiste aanpassing van de tekst en teruggave van het Templetongeld. De RS is opgericht om een ‘experimentele aanpak’ en ‘natuurlijke kennis’ te bevorderen, niet bovennatuurlijke kennis. Die bovennatuurlijke kennis mag wel kritisch worden bekeken, maar niet kritiekloos worden verspreid.

Martin Rees, de huidige president van de RS, was niet onder de indruk van het protest, maar na langdurige vertragingsacties werd hij gedwongen om bakzeil te halen. Gelukkig maar. Zoals kankerinstituten geen geld behoren aan te nemen van de tabaksindustrie, zo hoort een academie van wetenschappen zich verre te houden van irrationele religieuze opvattingen.

Nauwelijks was de RS bekomen van deze rel, of de volgende barstte los. Het RS-bestuur kreeg behoefte aan een onderwijssecretaris en benoemde Michael Reiss in deze functie. Reiss is niet alleen professor, maar ook een praktiserend Anglicaanse priester. Moet kunnen natuurlijk, maar wel een wonderlijk signaal in een tijd dat scholen overspoeld worden door pogingen om ‘intelligent design’ in de biologieles op te nemen.

Al gauw ging het mis. In een wetenschappelijke bijeenkomst zei Reiss weliswaar duidelijk dat creationisme niet in de biologieles thuis hoort, maar dat een onderwijzer er wel op in moest gaan als een leerling het ter sprake bracht. Dat leidde tot een storm van verontwaardiging in het liberale deel van de Britse pers. Aanvankelijk bleef de RS achter zijn onderwijssecretaris staan, maar toen kwam uit dat Reiss op zijn blog had geschreven dat ‘onderwijzers begrip moeten hebben voor de afwijkende opvattingen van joodse, christelijke en moslimleerlingen, hetgeen betekent dat er openlijk gesproken moet worden over creationisme en intelligent design als alternatieven voor de evolutietheorie’. Dat deed de deur dicht (achter Reiss).

Ik vind dat ontslag terecht. De Amerikanen hebben ruime ervaring met de vasthoudende pogingen van de protestanten om hun geloof in de biologieles onder te brengen. De Amerikaanse academie houdt daarom strak vast aan het principe dat creationisme nooit gemengd mag worden met natuurwetenschap. In de biologieles alleen Darwin; het creationisme hoort thuis in de godsdienstles. Wie daaraan morrelt, zet de deur open voor een scala aan onwetenschappelijke denkbeelden, waarvan de één (de christelijke) niet aantoonbaar beter is dan de ander (bij voorbeeld van de Indianen, die ook originele overgeleverde verhalen hebben over de schepping van de mens).

Dat de RS van nature

wat toegeeflijker staat tegenover menging van wetenschap en religie dan de Amerikaanse academie, lijkt mij historisch bepaald. De RS is een Royal Society, in 1662 opgericht door Koning Charles II. De Engelse vorsten zijn altijd lid geweest, ook als ze niets ophadden met wetenschap. De RS schurkt van nature aan tegen het establishment. Menig Anglicaanse bisschop is lid geweest; Margaret Thatcher, chemisch doctorandus en echt geen wetenschapper, is lid. De huidige president Martin Rees heeft sympathie voor religie en zou graag de Anglicaanse aartsbisschop van Canterbury in de RS zien opgenomen. Geld van de Templeton Foundation past daar bij.

De Amerikanen missen zo’n homogene bovenklasse met adel, vorst en kerk. Ze kunnen geen Baroness of Lord worden, zoals Britse onderzoekers die in de pas lopen. Er is een zakenelite met Bush/Cheney, die een zelfgenoegzaam, burgerlijk christendom aanhangt, en een academische toplaag, die opmerkelijk weinig van het geloof moet hebben. Geld van de Templetons, die Bush ruimhartig hebben gesteund, zal de Amerikaanse academie nooit aannemen.

Inmiddels is de volgende

discussie losgebarsten in de RS. Dit keer gaat het over religieus georiënteerde scholen. Net als Nederland, heeft Engeland een schoolwet die private en openbare scholen recht geeft op dezelfde subsidie. In september vorig jaar gaf de Engelse regering geloofsscholen ook nog permissie om alleen onderwijzers en leerlingen van het eigen geloof aan te nemen. Dat ging veel Engelsen te ver. De (lagere) school is bij uitstek de plaats waar kinderen tolerantie kunnen leren en begrip kunnen krijgen voor de betrekkelijkheid van het geloof (of ongeloof) dat ze thuis krijgen aangepraat. Hoe kun je je naasten liefhebben als je die naasten nooit tegenkomt omdat ze naar een andere school moeten?

Een curieuze kongsi van gelovigen en atheïsten, de Accord-coalitie, geleid door een rabbi, produceerde een Brits manifest tegen discriminatie op basis van geloof: scholen, die door de staat betaald worden, zouden alle kinderen en docenten aan moeten nemen, ongeacht hun geloof. Dat leek ons, ‘opstandige’ RS-leden, een mooie missie voor de RS om te ondersteunen. Helaas, president Martin Rees zag er niets in. Nu pogen we de handtekeningen van individuele RS-leden te vergaren. De fellows van de RS zijn vast minder godsdienstig dan hun huidige bestuur.