Geen excuus

Arme gekleurde kinderen leren beter lezen dan rijke witte.

Michael Bayewitz is directeur van basisschool Broad Acres in Silver Spring, tussen flats met krappe appartementen, waarvan er de laatste maanden tientallen zijn ontruimd. Hier verliezen mensen tegenwoordig bij bosjes hun werk. Ik heb een half uurtje gereden om hem op te zoeken. Soms moet je even weg uit Washington om de dingen scherp te zien.

De openbare scholen van Washington DC zijn de slechtste van Amerika. Daarom zitten zoveel kinderen hier op dure particuliere scholen. We kregen een flitsende nieuwe onderwijsinspecteur die alles moet veranderen: Michelle Rhee. Zij noemt het systeem „crimineel” en vecht met de onderwijsvakbond. Zo haalt ze de cover van Time en toespraken van Obama. Verder is er hier nog niet zoveel veranderd.

Als je eigen kinderen op zo’n school zitten, dan went het. Zij (5 en 7) komen nog thuis met prachtige rapporten. Ach, we zijn gelukkig op die school. Het went dat we in najaarsstormen soms naar binnen rennen, omdat er wel eens een dakplaat door de lucht zeilt, en dat veel leerlingen er niet bepaald uitblinken in leesvaardigheid of rekenen. Onze kinderen doen het toch uitstekend? De school hoort toch bij de beste openbare scholen van DC? In zwart Washington, dáár is het pas erg. Daar heb je scholen zonder bibliotheek. In het land der blinden zijn wij koning.

De Broad Acres Elementary School van Michael Bayewitz valt onder een ander schoolstelsel, dat van de provincie Montgomery. Daar begon acht jaar geleden al een nieuwe onderwijsinspecteur, Jerry Weast. Hij werd niet beroemd, want hij riep niet zoveel. Maar een onderwijskloof tussen rijke en arme kinderen, die leek hem onnodig.

Omdat het vrijdag is, staan op Broad Acres voor 65 leerlingen plastic boodschappentasjes klaar met overgeschoten pakjes melk, crackers, wat koekjes. Zodat ze in het weekend ook iets te eten hebben. Van alle leerlingen op Broad Acres komt 88 procent in aanmerking voor een gratis ontbijt en schoollunch, twaalf keer zoveel als op onze welvarende school. Hier spreekt driekwart van de leerlingen thuis geen Engels. De meeste kinderen zijn Latino. Bayewitz geeft me een stapel verhalen mee die zijn leerlingen schreven. Ze beginnen idyllisch in El Salvador, Guatemala, Honduras. Verhalen vol parkieten, voetbal, neefjes en nichtjes, mango’s in de tuin. Opgroeien bij grootouders. Eén keer per week je vader of moeder aan de telefoon, want zij werken al jaren in Amerika. Dan word je op een dag meegegeven aan de coyotes, de mensensmokkelaars, verdwaal je in woestijnen, waad je blootsvoets door rivieren, word je opgesloten in een kofferbak. Helletochten die allemaal eindigen bij supermarkt 7 Eleven. Waar iemand je staat op te wachten en zegt dat ze je moeder is. Daar eindigen de verhalen meestal. Sommigen noemen nog de sneeuw, de videospelletjes, Spongebob.

Broad Acres heeft 490 leerlingen. Vijfenzestig kinderen kwamen pas na het begin van het schooljaar binnen, zestig anderen vertrokken sinds september alweer. „De ouders leven hier in survival mode”, zegt Bayewitz. „Als elders werk of eten is, dan vertrek je.”

Op Broad Acres is kortom voldoende aanleiding voor een onderwijskundige ramp. Maar waarom zou dat eigenlijk een reden zijn om niets te leren?

Hoofdinspecteur Jerry Weast liet de school eerst maar eens opknappen: het is er nu licht, schoon en fijn. Hij verkleinde de klassen en haalde zonder vakbondsruzies leraren over extra uren te werken. Want je hebt echt huiswerkclubs nodig als ouders geen Engels praten. Nu wordt iedere leerling die dat nodig heeft na school door alle leraren besproken. Valt dat kind in slaap, omdat het thuis een bed deelt? Regelen we een matras.

Jerry Weast haalde toen de afdeling volksgezondheid van de provincie over om een bouwkeet naast de school te plaatsen, met gratis vaccinaties aan kinderen zonder ziektekostenverzekering en een parttime psychiater die nachtmerries over coyotes helpt wegwerken. Hier wordt ook, buiten het oog van andere ouders, extra voedsel en kleding overhandigd. Maar al met al, zegt Bayewitz, besteden ze niet eens zoveel tijd aan erbarmelijke omstandigheden. „Wat wij te bieden hebben, is een goede opleiding. Dáár praten we met de leerlingen over. Problemen thuis mogen geen excuus zijn.”

Bayewitz geeft een rondleiding. In alle klassen zitten de kinderen rustig in groepjes te werken. Geen leraar hoeft zijn stem te verheffen. Tegenwoordig lezen ze hier beter dan op de school van mijn kinderen. Op Broad Acres scoort 82 procent in leestesten ‘vaardig’ tot uitstekend. Bij ons, in welvarend, blank Washington, is dat 66 procent. En Broad Acres heeft tijd over voor aardrijkskunde, geschiedenis, wat ook geen vanzelfsprekendheid is in Washington.

„Wauw”, zeg ik. „Nee”, zegt Michael Bayewitz. Nee?

„Dat arme kinderen met een gekleurde huid het zo goed kunnen doen. Dat is niet bijzonder. Dat is nu juist het punt.”