100% Balenciaga

Oude modehuizen in de nieuwe tijd. Wanneer zijn ze ontstaan, wat of wie bepaalt hun huidige succes?

Beeld: de finale van de prêt-à-portershow van Balenciaga in Parijs, voorjaar/zomer 2008.

Toen: Cristobal Balenciaga – 1895 geboren in Guetaria, Spaans Baskenland – is misschien minder bekend bij het grote publiek, maar vakgenoten van toen en nu verafgoden hem. Christian Dior noemde hem ‘de Meester van ons allemaal’, volgens Coco Chanel was hij ‘de echte couturier die alle technieken beheerste, terwijl de rest gewoon goed kan tekenen’. En volgens Hubert de Givenchy was hij ‘de architect van de haute couture’. De loftuitingen tekenen de gedreven, getalenteerde en perfectionistische couturier die Balenciaga was. In zijn vaderland Spanje was hij vanaf de start in 1918 al een geliefd ontwerper met maar liefst drie winkels. De Spaanse Burgeroorlog dreef hem in 1937 naar Parijs, waar hij een atelier aan de avenue George V begon. Al snel wist de Europese adel hem te vinden, gevolgd door de jetset in de jaren vijftig. Kenmerkend voor Balenciaga was de architectonische snit van zijn creaties, met licht bollende, van het lichaam afstaande silhouetten, of juist trechtervormige of vierkante lijnen. Dat architectonische kwam onder andere door zijn voorliefde voor innovatieve en zware stoffen waarmee hij kon beeldhouwen, maar ook doordat hij graag de taillelijn verplaatste naar de heup of net onder de borst.In 1968 sloot Cristobal Balenciaga tot groot verdriet van zijn klanten zijn couturehuis. Het was de tijd dat zijn collega’s allemaal overstapten op confectie en daar wilde de couturier, die in 1958 de Legion d’Honneur had ontvangen voor zijn werk, niet aan mee doen. Uit protest sloot een van zijn vaste klanten, gravin Mona Bismarck, zichzelf drie dagen op in het atelier van Balenciaga, maar de meester was onvermurwbaar. In 1972 overleed hij in zijn huis in Spanje. Het couturehuis was allang ingedut en het lukte nieuwe eigenaars (lees: investeerders) niet de Schone Slaapster wakker te kussen.

Nu: Uiteindelijk lukte het PPR (eigenaar van o.a. Gucci) en de nu 37-jarige Nicolas Ghesquière het couturehuis Balenciaga weer stevig op de modekaart te zetten. Sterker: de collecties die de artistiek directeur sinds 1997 bedenkt, zijn inmiddels richtinggevend voor de modewereld. Vaak is Ghesquière zijn tijd ver vooruit, maar altijd sijpelen zijn ideeën één of twee seizoenen later door in modecollecties van anderen. Zoals de superstrakke broeken, blouson-jacks en de college-colberts van najaar 2007. Uit de archieven van Balenciaga – waar hij alleen mag kijken op afspraak en in gezelschap van een toezichthouder – haalt Ghesquière ideeën over silhouet, materialen, stijlen. Hij interpreteert met de technieken en materialen van nu. Zoals schuimig neopreen voor jasjes, metallic stoffen die als plaatwerk van auto’s aan elkaar gelast lijken, romantische jurkjes in vintage bloemdessins die zo uit een mal lijken te komen en de latex biker-jacks met handgeschilderde afbeeldingen van samurai. Ghesquière respecteert het innovatieve en architectonische van Balenciaga, maar voegt er zijn voorliefde voor de jaren tachtig en slechte sciencefictionfilms aan toe. Daardoor zijn z’n fans vooral jonge vrouwen, variërend van stijliconen als Kate Moss tot filmsterren als Nicole Kidman. Zij zijn het die het moderne Balenciaga verafgoden.