Vroeg of laat

Stel je voor: in het verleden heb ik iets fout gedaan en nu heb ik problemen met de politie. Er is niet eens zo heel erg veel voorstellingsvermogen voor nodig. De politie valt mij nu bij voortduring lastig. Ze stellen vervelende, moeilijke vragen. Intussen lekken er steeds nieuwe berichten uit over mijn misstap in het verleden, die telkens weer nieuwe vragen oproepen. Ik weiger te antwoorden, maar dat valt steeds lastiger vol te houden. Dus bedenk ik een slim plan. Ik zeg: „Ik heb het heel druk. Ik doe heel belangrijk werk. Ik kan die vragen er niet bij hebben. Die vragen houden mij van het werk. Ik zal een onafhankelijke commissie benoemen die mijn zogenaamde misstap uit het verleden zal onderzoeken. Alle vragen van de politie speel ik door aan die commissie. Die zal antwoorden.” En vervolgens benoem ik een commissie met wijze oude mannen die allemaal mijn vriendjes zijn.

Dat premier Balkenende (CDA) een parlementaire enquête naar de Nederlandse rol bij de illegale invasie van Irak al jaren probeert tegen te houden, wordt steeds potsierlijker. Iemand die er zoveel voor overheeft om die enquête niet te houden, heeft vrijwel zeker iets te verbergen. Intussen lekken er steeds nieuwe berichten uit die schreeuwen om een antwoord. Kamerleden zijn gedwongen telkens weer nieuwe vragen te stellen. Balkendende weigert te antwoorden, wat op zich al een gotspe is in een parlementaire democratie.

En dan werd er afgelopen maandag opeens toch een onderzoek aangekondigd. Balkenende zal een speciale commissie samenstellen. Alle vragen van Kamerleden zal hij doorsluizen naar de commissie. Hij heeft geen tijd om vragen te beantwoorden. Hij heeft het te druk met de kredietcrisis.

Dit is obstructie van het parlement. Als een Kamerlid de premier iets vraagt, moet hij gewoon antwoorden. Niks doorsluizen. En zeker niet aan een commissie die hij nota bene zelf samenstelt. Commissie of niet, de premier dient verantwoording af te leggen aan het parlement. Maar deze schijnbeweging zal niet helpen. Er zullen vragen blijven. Er zal vroeg of laat een parlementaire enquête moeten komen, waarbij alle betrokkenen in het openbaar onder ede kunnen worden verhoord.

Ilja Leonard Pfeijffer