Pentagon schat kosten van JSF 38 pct te laag in

Het Amerikaanse ministerie van Defensie heeft de kosten voor de F-35 Joint Strike Fighter (JSF) in 2001 veel te laag ingeschat. Daardoor staat de JSF nu met een kostenstijging van 38 procent „aan kop in alle analyses van kostenoverschrijdingen van het ministerie van Defensie”.

Dat schrijft de Amerikaanse onderminister van Defensie John Young in een intern memo aan Defensieminister Gates. De memo lekte deze week uit via de website insidedefense.com.

Het Nederlandse kabinet wil voor begin mei het koopcontract tekenen voor de eerste twee F-35’s, het toestel dat de huidige F-16’s van de luchtmacht moet opvolgen. Hoe duur de JSF zal worden, is nog steeds niet bekend. De Algemene Rekenkamer kritiseerde deze week de informatievoorziening van het Nederlandse ministerie van Defensie over de JSF.

Uit het memo van onderminister Young blijkt dat de kostenoverschrijdingen hoger zijn dan eerder gedacht. Sinds het begin van het JSF-project in 2001 zijn de geschatte totale kosten voor de ontwikkeling en de productie van de F-35 opgelopen van 229 miljard tot 298 miljard dollar. Per toestel betekent dat een gemiddelde kostenstijging van 38 procent.

Volgens Young is de prijsstijging te wijten aan „onvolkomenheden” in de demonstratiemodellen die werden gebouwd voor aanvang van het project. Deze leidden tot het „onderschatten van het gewicht van het JSF-toestel”, aldus Young. De problemen met het gewicht kwamen pas tijdens de ontwikkeling van het toestel aan het licht en leidden tot een vertraging van het programma van anderhalf jaar, die veel geld kostte. Ook de arbeids- en productiekosten stegen door het hogere gewicht.

Vliegtuigbouwers Boeing en Lockheed bouwden vanaf 1996 geen echte prototypen, maar een soort demonstratiemodellen, die moesten aantonen dat de JSF technisch haalbaar was. Volgens Young was dat fout: „We hadden goede prototypes moeten bouwen.”

Meer over de JSF op nrc.nl/jsf