Op zoek naar een Salinero

In de Bossche Brabanthallen worden deze week 185 dekhengsten gekeurd.

Slechts een klein deel groeit uit tot de nieuwe generatie sportpaarden.

Het publiek richt zich op als hij binnenkomt. „Daar is Berline”, gonst het door de Brabanthallen in Den Bosch. Zo’n vierduizend mensen volgen de hengstenkeuring. Berline kwam zonder problemen door de voorselectie, maar maakt nu een gespannen indruk. Als hij in de richting van de hindernis wordt gedreven, houdt hij in en breekt uit via de zijkant – zijn eigenaar in vertwijfeling achterlatend.

Berline is een van de 185 dekhengsten die deze week worden geïnspecteerd voor de keuring van het Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland (KWPN). Slechts zeventig paarden gaan na de strenge selectie door naar de volgende fase: het verrichtingsonderzoek. Daarvan zullen er uiteindelijk zo’n 25 het predicaat ‘KWPN dekhengst’ krijgen. De echte uitblinkers moeten op termijn uitgroeien tot de nieuwe generatie topsportpaarden.

Berline heeft geluk: hij krijgt tijd om te herstellen. Opnieuw wordt de hengst naar de hindernis gedreven om de vrije sprong te laten zien. Als de jury zijn reactie bij de hindernis aan een gebrek aan instelling wijt, reageert eigenaar Andre Venderbosch verontwaardigd. „Onzin”, zegt de man achter De Radstake hengstenstation in Twente. „Hij heeft gewoon karakter. En wie geen karakter heeft kan nooit de top bereiken.”

Juryvoorzitter Arie Hamoen is onvermurwbaar. „Iedere paring die niet gericht is op het verbeteren van het ras, is zonde. Afstammeling is belangrijk, maar het paard moet ook gebouwd zijn voor het zware werk op de lange termijn. Hij moet de wil hebben om te werken.”

Garanties bestaan niet in de fokkerij. Mocht Berline toegelaten worden als dekhengst, dan zal hij over twee jaar zijn nakomelingen moeten tonen. Wanneer blijkt dat de hengst nakomelingen met gebreken voortbrengt, schroomt KWPN niet om het predicaat ‘dekhengst’ in te trekken. De nakomelingen van Berline zullen aan dezelfde eisen moeten voldoen. Het duurt nog twaalf jaar voordat zeker is dat de hengst zich heeft waargemaakt als dekhengst. Dat maakt het fokbeleid intrigerend en complex tegelijkertijd.

Vormt de tijdsduur geen belemmering in de ontwikkeling van de sport? „Nee”, zegt Jacob Melissen, woordvoerder van de KWPN. „Als je kijkt naar de uitslagen van de individuele springruiters bij de Olympische Spelen in Peking, dan zie je dat de topdrie bestaat uit goedgekeurde KWPN-hengsten. Dus kun je concluderen dat de beslissingen van toen, getoetst aan de wetenschap van nu, de juiste zijn geweest.”

In de stallen van de Brabanthallen is het rustig, de hengsten hebben tot een half jaar geleden nog geen werk verricht, de rustmomenten tussen de bezichtigingen gebruiken zij om bij te komen. De hengsten die uiteindelijk naar Ermelo gaan voor het 70- daagse verrichtingsonderzoek hebben nog tot het voorjaar om aan kracht te winnen.

Tijdens deze intensieve periode worden de hengsten getest op alle disciplines en karakter. De kosten zijn hoog, net als de inzet. Elke dekking levert tussen de 1.500 en 2.500 euro op. De hengsten die het verrichtingsonderzoek goed doorlopen, zullen in de toekomst uit naam van de KWPN wereldwijd duizenden nakomelingen verwekken.

Niet iedere fokker heeft de tijd of het geld om verder te gaan met zijn paard. Neem Roelof Veerman, eigenaar van Bontender, afstammeling van de hengst Montender, olympisch kampioen in Athene. Zijn paard gooit hoge ogen bij de jury en het publiek in Den Bosch. Maar morgen wil Veerman Bontender tijdens de zogenoemde select sale al verkopen.

Elk jaar wordt aansluitend aan de hengstenkeuring een veiling georganiseerd. De afgelopen jaren liepen de verkoopprijzen uiteen van 15.000 tot 300.000 euro per hengst. Maar sinds de kredietcrisis is de verkoop aardig gestagneerd. De dekkingen gaan door, maar de goede paarden blijven op stal staan.

De kenners in de Brabanthallen weten morgen wie er doorgaan naar het verrichtingsonderzoek. Maar de honderden liefhebbers die op de tribune zitten moeten nog even geduld hebben. Zij zullen hun favorieten met de Anky’s van de toekomst over twaalf jaar pas aan het werk zien.