Manipulatie in zaak-Politkovskaja

De vermeende organisator van de moord op journaliste Anna Politkovskaja in 2006 zou tijdens het gerechtelijk onderzoek door zijn ondervragers zijn gedwongen valse beschuldigingen uit te brengen tegen de Tsjetsjeense president Ramzan Kadirov en de in Britse ballingschap levende oligarch Boris Berezovski. De verdachte, politieofficier Sergej Chadzjikoerbanov zei dit gisteren tijdens een zitting van het Moskouse militair gerechtshof dat de moordzaak behandelt. Als hij de moord in de schoenen van Kadirov of Berezovski schoof, zou hij strafvermindering krijgen.

Ook de in de beklaagdenkooi zittende FSB-officier Pavel Rjagoezov, die niet van betrokkenheid van de moord wordt verdacht maar wel van duistere banden met Chadzjikoerbanov, kwam tijdens de zitting van gisteren met een opmerkelijke verklaring. Hij zou tijdens het justitieel onderzoek door zijn ondervragers zijn verzocht te bekennen dat hij het woonadres van Politkovskaja aan een oom van de Magmoedov-broers had gegeven. In ruil daarvoor zou hij niet vervolgd worden in een tegen hem lopende ontvoeringzaak.

Chadzjikoerbanov staat voor de moord op Politkovskaja terecht samen met de Tsjetsjeense broers Dzjabraïl en Ibragim Magmoedov. Volgens het Openbaar Ministerie heeft hun voortvluchtige broer Roestam Magmoedov de moord uitgevoerd. Een onderzoek naar de opdrachtgevers van de moord is nog niet gestart, tot grote verontrusting van de advocaten van de familieleden van Politkovskaja, die vrezen dat de moord daardoor nooit zal worden opgelost.

Het al twee maanden durende proces, dat zijn laatste dagen beleeft, is totnogtoe in chaos is verlopen en heeft tot de zitting van gisteren weinig nieuwe feiten boven water gebracht. De uitspraken van Chadzjikoerbanov en Rjagoezov hebben daar enige verandering in aangebracht. Ze ontkrachten de beschuldigingen van het Kremlin, dat voortdurend heeft beweerd dat de in ongenade gevallen Poetincriticus Berezovski achter de moord zat, en doen vermoeden dat het onderzoek op ondeugdelijke manier is gevoerd. Een uitspraak volgt mogelijk op 15 februari.