Koning Möllenkamp regelde alles zelf

Voorzitter Möllenkamp van woningcorporatie Rochdale gold als visionair en doortastend. Maar er was een dubieuze keerzijde, zag medebestuurder John van Nimwegen .

Op een mooie oktoberdag in 2008 reed John van Nimwegen, bestuurder van de Amsterdamse woningcorporatie Rochdale, in zijn auto door het bos van Spaarnwoude. Hij dacht aan wat hij die dag had gehoord over een merkwaardige deal die zijn bestuursvoorzitter Hubert Möllenkamp had voorgesteld aan een vastgoedhandelaar.

„Plotseling viel het kwartje”, vertelt Van Nimwegen nu: „Ik zei tegen mezelf: John, je hebt het misschien toch niet bij het verkeerde eind.”

Van Nimwegen, toen net geen jaar in dienst bij Rochdale, had zich al maanden verbaasd over het optreden van Möllenkamp: „Grote deals sloot hij snel af, en altijd in zijn eentje. Daarna konden we er dan wel even over praten.” Zijn twijfels waren geleidelijk gegroeid. „Ik realiseerde me steeds vaker dat het met deze solistische manier van opereren ook helemaal fout kan gaan.”

Dat is inderdaad gebeurd. Möllenkamp werd afgelopen weekeinde op staande voet ontslagen, omdat hij interne regels zou hebben overtreden. Minister Van der Laan (Wonen, Wijken, Integratie , PvdA) bekijkt of er een strafrechtelijk vervolg moet komen. De raad van commissarissen trad dinsdag af. Forensische accountants van Deloitte doen nog onderzoek naar vijftien tot twintig aan- en verkooptransacties van Möllenkamp [zie kader].

Möllenkamp vecht zijn ontslag aan bij de rechter en beweert dat hij alle deals heeft gedaan in samenspraak met Van Nimwegen en de commissarissen. „Daarover verschillen we dus van mening”, constateert Van Nimwegen: „Vastgoed was de portefeuille van Möllenkamp en over de deals overlegde hij nauwelijks.” Voor het eerst doet Van Nimwegen zijn verhaal, in aanwezigheid van interim-bestuursvoorzitter Gerard Erents.

Bij Rochdale was Möllenkamp de ongekroonde koning. Dat ondervond Van Nimwegen, nadat hij in oktober 2007 was aangetreden. Van Nimwegen: „Möllenkamp was ook al een kleine vijfentwintig jaar directeur. Hij is een visionair, die in het verleden vaak gelijk heeft gekregen. Toen geen enkele corporatie durfde, stapte Möllenkamp in de renovatie van de Bijlmer – met veel succes.” Erents vult aan: „Hij is een flamboyante man, die je niet makkelijk opzij duwt.”

Een ondernemende aanpak past ook wel bij een corporatie die zichzelf als ‘vernieuwend’ afficheert. Daar komt bij dat woningcorporaties sinds 1995 op de vrije markt moeten zoeken naar projecten en locaties. Zeker in Amsterdam is bouwgrond schaars en duur. Dus is het zaak doortastend op te treden bij bijvoorbeeld de aankoop van een kantoor dat tot een woningcomplex omgebouwd kan worden.

Möllenkamp kreeg echter wel heel veel speelruimte van de commissarissen. Zo mocht hij tot een bedrag van 50 miljoen euro zonder toestemming aan- en verkoopcontracten tekenen, zolang een project viel onder sociale woningbouw. „Dat was zo in de loop van de jaren gegroeid”, vertelt Van Nimwegen. „Hij praatte wel veel over projecten, maar dat is wat anders dan de toezichthouders consequent over alles informeren.”

De commissarissen controleerden door de kwartaalrapportages en de begrotingen te lezen – niet door de deals te toetsen. Möllenkamp zegt dat het ministerie van VROM de deals heeft goedgekeurd, maar volgens Van Nimwegen en Erents werkt dat niet zo. „Het ministerie toetst jaarverslagen van corporaties op de vraag of het gehele beleid valt binnen de doelstelling van corporaties: het bouwen van woningen voor mensen met weinig inkomen.”

Die beperkte toetsing betekent dat de verantwoordelijkheid voor het beleid voornamelijk bij het bestuur ligt. Van Nimwegen drong daarom – met succes – aan op ontwikkeling van een beleidsplan om ‘het toetsingskader te verfijnen’. Rochdale had en heeft wel ‘speerpunten’, zoals studentenhuisvesting en de vernieuwing van de westelijke tuinsteden. Maar er waren geen duidelijke richtlijnen om bijvoorbeeld de aankoop van de jachthaven in de Nieuwe Meer te toetsen. Erents: „Het was de bedoeling daar woningen te bouwen, maar opeens zat er ook een hotel in het plan. Achteraf bezien had je de risico’s beter in kaart moeten brengen. En bijvoorbeeld eerst overeenstemming moeten hebben met de beoogde hotel-exploitant.”

Echte „inhoudelijke twijfels” kreeg Van Nimwegen in juli 2008 over de aankoop van kantorencomplex De Heerd in Amsterdam Zuidoost voor 46,5 miljoen euro.

„Het ging eigenlijk om veel meer geld. Als je de toekomstige ontwikkelingskosten meetelt, kom je snel op 250 miljoen”, zegt interim-bestuurder Erents. „Er was veel nog onduidelijk, maar Möllenkamp had het aankoopcontract al ondertekend.”

Onder druk van Van Nimwegen werden afspraken over onder meer beheer en belastingen aangepast: „Ik heb gezorgd dat de deal werd voorgelegd aan de commissarissen – ook al hoefde dat formeel niet – mede omdat de notaris dat wilde.”

De maanden erna groeide bij Van Nimwegen het besef dat het gebrek aan controle nog veel vervelender zou kunnen uitpakken. De vrees werd bewaarheid toen in oktober journalisten van dagblad De Telegraaf zich meldden. Möllenkamp zou tijdens een lunch een appartementencomplex hebben aangeboden tegen onwaarschijnlijk gunstige voorwaarden. De beoogde koper was vastgoedhandelaar David Denneboom, die naast Willem Endstra stond bij diens liquidatie en daarbij zelf gewond raakte. „De naam Denneboom zei me niets”, zegt Van Nimwegen. Maar de onthulling leidde bij hem even later wel tot het heldere aha-moment in de auto.

Toen Van Nimwegen enkele dagen later in de vroege ochtend op kantoor kwam, zag hij wat papieren liggen. Daarop stonden de antwoorden van de commissarissen, die niet goed waren geïnformeerd door Möllenkamp, op vragen van De Telegraaf. „Toen ben ik naar de voorzitter van de raad van commissarissen gestapt en heb gezegd: ‘De antwoorden die naar buiten dreigen te gaan, zijn niet de waarheid.’ Zo is de bal gaan rollen”, zegt Van Nimwegen, die verder geen details wil geven.

De commissarissen schorsten Möllenkamp, benoemden interim-bestuursvoorzitter Erents en gaven Deloitte opdracht Möllenkamps handelswijze te onderzoeken, naast enkele vastgoeddeals. Het onderzoek naar Möllenkamp is vorige week afgerond en was de basis voor het ontslag. Hij zou onder meer hebben gelogen over een Maserati waarin hij ondanks een verbod toch gereden had. Het rapport wordt bekeken op aanknopingspunten voor een aangifte.

Rochdale heeft de regels aangescherpt en zal voortaan beter onderzoek doen naar aan te kopen panden. „Als een pand in korte tijd vijf eigenaren heeft gehad, moet je je afvragen of jij er als zesde wil instappen. En heel sterke waardestijgingen in korte tijd vallen dan ook op”, zegt Van Nimwegen. Dit kadastraal onderzoek werd tot nu toe niet gedaan. De achtergrond van contractpartners zal voortaan ook grondig worden onderzocht. „Commerciële partijen deden dat al, wij nog niet”, zegt Erents.

Zo moet Rochdale er weer bovenop komen. Erents: „De situatie is nu ronduit klote. Partijen doen even geen zaken met ons, we krijgen moeilijk leningen.” En medewerkers hebben er ook last van. „Als we laat zijn met het plaatsen van een keukenblok, roept een huurder: ‘Wel geld voor een Maserati, niet voor een keukenblok’.”

Eerdere artikelen over Rochdale via nrc.nl/binnenland