Ironie blijft Torns wapen

Cabaret Einde verhaal, door Kees Torn. Regie: Onno Innemee. Gezien: 5/2 in de Schouwburg, Leiden. Tournee t/m 28/5. Inl. www.harrykies.nl * * * *

Kees Torn doet er een beetje monkelend over. Zijn vorige programma werd bekroond met de Poelifinario, de prijs voor het „meest indrukwekkende” cabaretprogramma van het seizoen. Deze keer, zegt hij, wilde hij daarom alles schrappen wat indrukwekkend zou lijken: „Voor je het weet, moet je naar Carré.” Ironie is, kortom, een van zijn favoriete wapens. Ook in Einde verhaal, zijn achtste programma.

Het grootste deel van de tijd brengt Torn ditmaal achter de centraal geplaatste vleugel door. Daar zingt hij niet alleen liedjes maar houdt hij ook de praatjes waarin hij steeds meer bedreven is geraakt. Hij heeft een losse, laconieke toon gevonden waarin volop ruimte is voor eenregelige zinsneden („vroeger had je nog geeneens geschiedenis”), tweeregelige puntdichten („kaarten met ‘hoera, een jongen’ zie je hier en ginder/ kaartjes met ‘helaas, een meisje’ stukken minder”) en slimme spelletjes met de logica waarin de denkfout zich soms lastig laat betrappen. Voorts vult hij, naar het voorbeeld van Drs P., befaamde regels aan van poëten als Kloos, Gezelle, Neeltje Maria Min en Koos Albers. Zoals: „Ik ben een god in ‘t diepst van mijn gedachten/ en zit in ‘t binnenst van mijn ziel ten troon/ de hele dag al bij de telefoon/ op aandacht van de kinderen te wachten.”

Zijn liedjes waren altijd al geraffineerd, vooral in technisch opzicht, want Torn is een fijnschrijver die door de beperkingen van zijn vocale voordracht af en toe te weinig recht doet aan de finesse van zijn tekst en muziek. Maar er blijft meer dan genoeg genietbaars over. Elk lied wemelt van de fonkelende zinnetjes („een knappe meid/ die mij verleidt”) en de onverwachte wendingen die een gevoelig nummer opeens grappig maken of andersom. Een hoogtepunt is het liefdeslied dat in één handomdraai verandert in een gereformeerd gezang van kwezelachtig allooi. Zijn eigen versies van Brels melancholieke La chanson des vieux amants en van Drs P.’s arcadische Winterdorp zijn dat trouwens ook. En dan heb ik het nog niet eens over het meest indrukwekkende decorstuk dat dit seizoen in een cabaretprogramma is vertoond. Maar daar bestaat helaas geen prijs voor.

Interview met Kees Torn Cultureel Supplement, pagina 8