'Ik las het bijna ademloos'

‘De Welwillenden’ van Jonathan Littell, zo blijkt uit het debat op nrcboeken.nl, roept in Neder-land uiteenlopende reacties op. Van ‘een meesterwerk’ tot ‘een boek om van te kotsen’.

‘Ik ben het met Margot Dijkgraaf eens dat Littell geen gebruik maakt van suggestief taalgebruik, maar literatuur hoeft niet altijd suggesties op te wekken. Littells manier van schrijven is rauw en recht voor zijn raap en juist dat is zijn kracht.’

Arend Beekman.

‘Het boek is niet naturalistisch, zoals Elsbeth Etty schreef, maar een polyfone mengeling van erg heterogene genres. Grotesk en tragisch, naturalistisch en slapstick, droog vertellend en koortsachtig hallucinerend, poëtisch en smerig, intellectueel-filosofisch en horror. Ook erg intertekstueel, geloof ik [...]: verwijzingen naar Bataille, Sophocles, Blanchot, Euripides, Melville, maar ook (maf genoeg) naar James Bond en Kuifje. [...] Een ding weet ik zeker: ‘naturalistisch’ en ‘traditioneel’ is dit boek niet!’

Nico van der Sijde

‘Het is niet zo dat Aue geen oog heeft voor de menselijkheid van joden, zoals Elsbeth Etty schrijft. Niets ten positieve van Aue maar hij ziet juist wel mensen, observeert, beschrijft wat er gebeurt, walgt van hetgeen er gebeurt, maar vindt tevens dat hij gewoon door moet gaan [...]. Aue is veel te intelligent om de propaganda over natuurlijke selectie en dergelijke te geloven.’

Peter Smeets

‘De meeste recensenten gaan voorbij aan een volgens mij belangrijke conclusie uit dit boek, namelijk dat oorlogsomstandigheden en groepsgedrag veel mensen tot gruwelijke daden kunnen brengen. Het is slechts weinigen gegeven zich los te maken van wat de ‘groep’ doet en verlangt. Dit kan ook nu om ons heen gezien worden, zie bijvoorbeeld de oorlogsmisdaden in Irak, Servië en niet te vergeten Nederlands- Indië. [...] Dit boek zegt: hoedt u voor dit soort ontsporingen, denk zelf na.’

Bart Hengeveld

‘Voor mij is dit boek een monument. Waar Maarten Biesheuvel mijn idool is in het beschrijven van demonische levenspijn van het individu, waanzinnig en hilarisch, is Littell dit voor mij geworden in het openbaren van de waanzin van de soort. De mens is zijn eigen apocalyptische duivel. Al lezend beseffen: hij heeft gelijk, ook ik had deze keuzes gemaakt, levend in dat tijdsgewricht, in die omgeving, onderdeel van dat volk. Kille knokkels over mijn ruggegraat. [...] Een literair meesterwerk.’

George van Houts

‘Ik heb enkele jaren geleden een klein maar eigenlijk veel schokkender boekje gelezen: Mijzelf merkwaardig vreemd, van de Duitse Wehrmachtsoldaat Willy Peter Reese. Een ooggetuigenverslag en zelfonderzoek van een gevoelige, artistieke, Duitse intellectueel die de oorlog in glijdt en drie maal naar het Oost-front gaat. [...] En dan is Littell, hoe indrukwekkend geschreven ook, toch mosterd na de maaltijd.’

W. Deckers

‘In reactie op W. Deckers: ik denk toch dat Littell nieuwe perspectieven toevoegt, door zijn specifiek literaire benadering. Mechanismen van onbewuste moordlust en verdringing worden niet geanalyseerd of verklaard, maar getoond in al hun duisterheid. Een dergelijk literair effect zie je volgens mij niet snel in een getuigenis of wetenschappelijk onderzoek. Het interessante van Littell zit voor mij dan ook niet in de inhoud (ondanks de ladingen verwerkte documentatie), maar in de vorm.’

Nico van der Sijde

‘Het is niet van tweeën een, het is allebei. De Welwillenden is tegelijkertijd een walgelijk en magistraal boek. Walgelijk omdat het zo en detail ingaat op de wreedheden [...]. Bladzijde na bladzijde, hij krijgt er geen genoeg van. Ik geloof dat, als hij zich een kwart beperkt had, Littell dezelfde boodschap had uitgedragen. Magistraal omdat het je niet loslaat, ik heb het twee keer willen wegleggen, maar het blijft je bezig houden.’

J.B. Vogelpoel

‘Ik heb het boek gelezen, bijna ademloos. Het neemt je op een bijna dezelfde wijze mee als Reis naar het einde van de nacht van Céline. Het is niet direct belangrijk om je te identificeren met de hoofdpersoon. Ook in fictie mag en kun je gerust de afstandelijke positie van de beschouwer innemen. Het verhaal laat zien hoe dun een laagje beschaving is dat je altijd als een dikke laag beschouwt, vanuit jouw kant, en daarom geeft het boek soms een hele vervelende jeuk. Hoever zou je zelf gaan?’

Ger van der Heijden

‘Het boek lijkt op een collage van Goya’s gruwelen van de oorlog (spreekt voor zich), waarbij een aantal figuren in de rechter benedenhoek bij nadere beschouwing blijkt te bestaan uit personages uit de Donald Duck (het deel na de hallucinatie, Constanz & Weser, neus van AH). Dwars over deze collage is in kleurkrijt met wilde strepen een kruising tussen Orestes en Oidipous gekrast (vermoordt zijn moeder, verwekt een kind bij zijn zuster). Aan de rechterbovenhoek is met een paperclip een polaroid van een schilderij van Jeroen Bosch geklemd (hallucinatie). [...] Of het daarmee een goed boek is, is een ander punt. ’

B. Van Bezooijen

‘Littells boek is een meesterwerk waarin het onderwerp ondergeschikt is aan het alles doorsnijdende thema van de mens als gevangene van zijn perceptie. Omdat dit menselijk lot geplaatst wordt tegen de achtergrond van moord en verval, komt het des te schrijnender over. De hoofdpersoon Aue heeft nooit een bewuste keuze gemaakt tussen goed en kwaad, hij heeft gewoon geleefd. Niet immoreel, maar amoreel. [...] Dat ‘Les Bienveillantes’ de ziel van de lezer uiteindelijk toch minder raakt dan dat andere, onlangs in het Nederlands verschenen, meesterwerk over Stalingrad, Leven en Lot van Vasilli Grossman, dat zit hem in Littell’s geringe aandacht voor het kleine en het alledaagse, iets waarin Grossman nu juist excelleert. ’

Ed Hoeks

‘Zeker, een gewaagd boek dat van Littell, een boek om van te kotsen ook. De mens was, is en blijft een ondier. Het tot het uiterste uitweiden over alle martelen en moorden is onkies, niet onkieser evenwel dan datgene wat zich daadwerkelijk heeft afgespeeld in WO II. [...] Toch een tekortkoming, en wel die van de taal. Curzio Malaparte als WO II-oorlogsjournalist vond ik zeer goed te pruimen, al was de horror niet zo afgeschermd dat je hem niet meer zag of voelde. Dat gezegd hebbende, een beul kan natuurlijk niet sympatiek zijn, dat dan weer wel. Na een x-tal bladzijden terzijde gelegd, de pil van Littell [...].De film, mocht die komen, sla ik ook over...’

Victor Crebolder

Zie voor de eerder in de krant gepubliceerde artikelen, de complete discussie, plus een uitgebreid weerwoord van Elsbeth Etty op opmerkingen over het naturalistisch gehalte van de roman en de houding van Max Aue, nrcboeken.nl/leesclub/jonathan-littell-de-welwillenden