7 miljoen hectare grond om te verdelen

Een van de pijlers van de nieuwe grondwet in Bolivia is de herverdeling van land.

Grootgrondbezitters en boeren in Santa Cruz vrezen hun land te verliezen.

Een Spaans sprekende Homer Simpson op televisie galmt door de huiskamer van Moisés Velasco. Dus gaat de 44-jarige boer buiten zitten, waar het rustiger is. Daags nadat Bolivia een nieuwe grondwet heeft aangenomen waarin herverdeling van land is vastgelegd, is Velasco weinig enthousiast over het vooruitzicht. „Je moet geen land weggeven. Mensen moeten er voor werken, hard werken, dat heb ik ook gedaan.”

De zon schijnt meedogenloos. Velasco is een mesties, hij draagt een versleten shirt van de Spaanse voetbalclub Deportivo de la Coruña en een strooien cowboyhoed. Zijn schoenen en zwarte broek zitten onder de modder. Mais, soja en katoen groeien op zijn 80 hectaren land. Hij zegt: „Ik ben een Camba [laaglander, red.] en Camba’s zijn doorzetters. Straks zul je zien dat indianen, of campesinos [landarbeiders, red.], hierheen komen om grond op te eisen. Dat zal tot conflicten leiden.”

Bolivia kent sinds vorige week zondag een nieuwe grondwet. Deze is gelanceerd door Evo Morales, de eerste inheemse president van het land, en via een landelijk referendum goedgekeurd. In de nieuwe constitutie behoren herverdeling van grond en zelfbeschikking en zeggenschap over natuurlijke (energie)bronnen voor inheemse gemeenschappen tot de belangrijkste pijlers.

Dat boer Velasco conflicten verwacht is niet overdreven. Zijn dorpje, 25 de Agosto, ligt op zo’n 90 kilometer afstand van Santa Cruz en in deze regio houden sinds deze maand 100 gewapende campesinos een paar duizend hectaren bezet. De landbouwgrond is eigendom van drie herenboeren. Maar niemand die de campesinos durft te verwijderen.

„De politie doet niets, en het leger grijpt ook niet in. Beide staan onder controle van Morales”, zegt Edward Siles, technisch adviseur van ANAPO, de belangenclub van landbouwproducenten in Santa Cruz. Is deze illegale landbezetting een voorbode van wat komen gaat in Bolivia? Siles hoopt van niet, maar zegt dat er wel rekening mee wordt gehouden. Kijk naar Paraguay of Brazilië, daar gebeurt het ook.

Met deze stap hoopt de regering-Morales onder meer een einde te maken aan de ongelijke verdeling van rijkdom in het land. In Bolivia, het op een na armste land van Latijns Amerika, leeft grofweg 60 procent van de bevolking onder de armoedegrens. Vooral de inheemse Bolivianen zijn arm. Een kleine, rijke, blanke elite bezit het meeste land.

Zo moet de constitutie vooral de achtergestelde positie van de indiaanse meerderheid gelijktrekken. Toen Morales na de overwinning van zondag in La Paz vanaf het balkon van het presidentiële paleis zijn overwinningstoespraak hield, stond het plein voor het gebouw dan ook vol emotionele en trotse indianen. Datzelfde plein, Plaza Murillo, gold ruim een halve eeuw geleden nog als verboden terrein voor de inheemse bevolking.

De politieke hervorming van Bolivia is ingrijpend te noemen. En herverdeling van grondbezit is een thema dat in links Latijns-Amerika, in het bijzonder in Ecuador, Venezuela en Paraguay, nog altijd hoog op de agenda staat. Maar Morales lijkt er met de nieuwe grondwet echt werk van te willen maken.

Vorige week zondag stemde Bolivia in een parallel referendum ook alvast over de maximale oppervlakte grond die een boer in de toekomst mag bezitten. Uitkomst: 5.000 hectares. Pijnlijk voor de grootgrondbezitters? Vooralsnog niet. De regelgeving laat bestaande landbouwbedrijven tot op zekere hoogte ongemoeid. Als een boer echter meer dan 5.000 hectare bezit en een deel daarvan niet gebruikt, kan de regering alsnog besluiten dat te confisqueren ten behoeve van herverdeling.

Wat dat betreft staat het land nog wat te wachten. Bolivia heeft volgens ANAPO zo’n 7 miljoen hectare landbouwgrond, waarvan 1,5 miljoen door de eigenaren echt wordt gebruikt.

Op twintig minuten rijden van het dorpje 25 Agosto woont een mennonietengemeenschap, Nueva Holanda genaamd. Die is alleen bereikbaar via zandweggetjes. Zo’n tachtig families. Hun levenstijl doet denken aan die van de Amish, sober, zonder televisie. Tot twee jaar terug hadden ze zelfs geen auto’s.

Nueva Holanda staat voor nieuw Holland; mennonieten behoren tot de Doperse kerk, waarin de Fries Menno Simons in de 16de eeuw een belangrijke rol heeft gespeeld. In totaal heeft deze gemeenschap zo’n 12.000 hectare grond.

Op het erf van Herman Klippenstein valt meteen de ordentelijkheid op. Een strak gazon en een zorgvuldig onderhouden huis. Kindjes met blonde haren en blauwe ogen, een vrouw in wat ouderwets aandoende jurk. Klippenstein is een vriendelijke man. Telkens als hem een vraag wordt gesteld, lacht hij verlegen.

De nieuwe wetgeving kent hij, maar hij maakt zich er niet druk over. Nog niet. „We moeten eerst afwachten wat er gaat gebeuren. Er wonen hier in de buurt ook geen inheemse gemeenschappen die ineens op onze akkers willen boeren”, zegt hij.

Dan vertelt Klippenstein over een advocaat die hij onlangs sprak. Die werkte voor de regering van Morales. Hij toonde interesse in de werkwijze van de mennonieten. „Onze kolonie zou volgens hem als voorbeeld kunnen dienen voor de inheemse groepen als die in de toekomst de beschikking krijgen over een eigen stuk grond. ”

Want dat is ongeveer de bedoeling: dat indiaanse stammen landbouwpercelen krijgen en die als gemeenschap op een rendabele manier exploiteren. Hoe precies? Daar moet nog over worden nagedacht door de regering.

Op Hacienda Los Tamarindos, onderdeel van een groot landbouwbedrijf met bijna 10.000 hectare, is de stemming minder mild. Manager Fredy Egücz ziet de bui al hangen. „De wet is voor indianen, niet voor mij”, zegt hij. Tussen zijn vingers bungelt een peuk, zijn tweede binnen vijf minuten.

Zijn baas is Carlos Cronenbold, een landbouwmagnaat met een twijfelachtige reputatie en behorend tot de rijkste families van Santa Cruz. Egücz zegt: „Ons bedrijf heeft land in de buurt van inheemse gemeenschappen. Wij vrezen dat zij onze grond willen inpikken en dat de regering niets zal doen om ze te stoppen. Het is een ramp.”