Voer voor restaurateurs

Sommige kunst is werkelijk multi-interpretabel. Is dit een trappetje met een rotsblok erop of is dit een rotsblok dat een trappetje torst?

De Oostenrijkse beeldhouwer Franz West, volgens de kunstwijzer „internationaal gezien één van de meest toonaangevende kunstenaars van zijn generatie en een onbetwiste sleutelfiguur binnen de heropleving van de eens zo invloedrijke Weense kunstscène”, geeft hier uitdrukking aan zijn „gevoel voor donkere, anarchistische humor”. Hij „bewandelt het slappe koord” tussen zuivere en toegepaste kunst. Ja, ik zie de diepere betekenissen ook wel.

Er zit kalk aan het trappetje, er zit kalk aan de kei en kei en trappetje staan voor een gekalkte muur. Als je de kei, gemaakt van papier-maché en verbandgaas, op de grond plaatst, staat het trappetje er ondersteboven op en als je het trappetje op de grond zou zetten, kijkt de papieren kei je aan als een oud mannetje van Paaseiland. Er zijn ook diepere betekenissen die ik niet begrijp.

We zien hier, net als bij Jim Hodges, opnieuw een „elegant arrangement van banale materialen”, maar dan een beetje minder elegant. Sadistische, oer-Weense kunst, zeg maar. Ook de tegenstelling tussen hoekig en golvend werkt ronduit schokkend.

Even dacht ik nog aan humor. Of aan surrealisme. Beide worden, zoals men weet, wel eens in verband gebracht met het samenbrengen van ongelijksoortige elementen.

Vis op de fiets.

Maar het is hoge, internationale, baanbrekende, koorddansende kunst.

Ik kende Franz West alleen als de kunstenaar die overal ter wereld pleinen en grasperken en museazalen vulde met kronkelende lange slierten. Ik betrad pleinen waarop ik languit zijn op darmen lijkende tuinslangen zag liggen. Ik passeerde bermen waarop fier zijn op tuinslangen lijkende darmen stonden. Stel, dacht ik, dat je zo’n kunstenaar zijn gang laat gaan. Een beetje internationaal toonaangevende kunstenaar wil toch zijn gang gaan, nietwaar? Dan was de halve wereld bedolven onder de roze en blauwe en gele slierten, of een dinosaurus alles had ondergekotst.

De triomf van de kunst.

Toen had ik nog geen weet van de verbluffende veelzijdigheid van deze evenwichtskunstenaar. Van zijn hang naar hoeken en zijn verkenning van de hoekigheid. Zijn verkalkte keukentrappetje.

Het werk van West vormt, begrijp ik uit de kunstwijzer, het antwoord op „de vraag hoe we de museumbezoeker kunnen doen vergeten in wat voor middelmatige wereld wij leven”.

’t Is een houdbaar, duurzaam antwoord, echt in de geest van onze tijd.