Märklin is er vooral nog voor zonderlinge zeventiger

In de Lietzenburger Strasse in de Berlijnse wijk Charlottenburg is een winkel die modeltreintjes verkoopt. Het is er bijna altijd vol – met klanten van ruim boven de veertig jaar. De hoge gemiddelde leeftijd van de cliëntèle is misschien wel het grootste probleem van de Duitse traditionele modelspoorbouwer Märklin, die gisteren uitstel van betaling heeft aangevraagd.

Het is al de tweede keer binnen enkele jaren dat Märklin met rampzalig nieuws naar buiten komt. Dalende omzetten, oplopende verliezen en steeds minder klanten. De producten van het honderdvijftig jaar oude bedrijf in Göppingen, in de Zuid-Duitse deelstaat Baden-Württemberg, zijn intussen van onvergankelijke schoonheid en grote Duitse degelijkheid gebleven.

In 2006 kon Märklin nog van de ondergang worden gered door de Britse investeerder Kingsbridge Capital. Maar een grote sanering door de Britten kon de onderliggende problemen niet wegnemen: de afnemende interesse bij de jeugd voor modeltreinen.

Tegenwoordig, of eigenlijk al heel lang, is de beste klant van Märklin een man van rond de vijftig jaar, die op zijn hobbyzolder een complete treinwereld in het klein heeft geschapen. Hij is machinist, conducteur en railbouwer tegelijk. Zijn vrouw duldt de hobby omdat het niet anders kan, zijn kinderen doen computerspelletjes en z’n omgeving houdt hem een beetje voor een zonderling. Voor Märklin is hij belangrijk, maar hij vertegenwoordigt tevens het gevreesde Auslaufmodell – de aflopende zaak.

Bij Märklin werken circa duizend mensen. Ze vrezen voor hun baan. Door de kredietcrisis kon Märklin geen geld meer van de banken krijgen. De schulden door de aankopen van de laatste jaren moeten worden afbetaald; bij een dalende omzet (128 miljoen euro in 2008) en een kredietklem een schier onmogelijke opgave.