Kalm, blij en energiek

Vrijdag zal ik erin geslaagd zijn drieëndertig barre winters te overleven. Geen geringe prestatie, al zeg ik het zelf. Drieëndertig is een mooie leeftijd. Ook een leeftijd waarop men met oprechte overgave kan panikeren over de toekomst, maar dat zal mij niet gebeuren. Want ik ben sterk en ik leef nu. Bovendien ben ik een tijdje geleden met aikido begonnen.

„Aikido is een zachte, maar diepgaande krijgskunst die je wapent voor de harde realiteit”, zo luidt de eerste zin op de homepage van de club. En dan vragen vrienden onbegrijpend hoe ik erbij kom. Toegegeven, ik ben vaak de eerste die zich sceptisch moet uitlaten over het op oriëntaalse wijze nastreven van harmonie en het opwekken van innerlijke energiebronnen. Daarnaast sta ik erom bekend moordlustig te worden wanneer ik op volle treinen of in wachtrijen ongevraagd aangeraakt word door zwetende mensen. Dat ik mij nu kalm, energiek en blij voel wanneer ik aan het einde van een les een hevig transpirerende man van tachtig kilo op mijn voorovergebogen rug uitstrek, is voor mij eigenlijk ook een enorme verrassing.

Mijn interesse werd gewekt door Ilja Leonard Pfeijffer en Patricia De Martelaere, auteurs wier werk ik bewonder en die zich in interviews, afzonderlijk van elkaar maar even enthousiast, over aikido uitlieten. In Humo verklaarde Pfeijffer ooit dat de krijgskunst ervoor heeft gezorgd dat hij nooit naar alcoholisme is afgegleden. Dat vond ik een reden om de benaming aikido in mijn geheugen op te slaan. Toch zag ik mijzelf eerder als een volhouder dan als een krijgskunstenaar. Ik doe nog steeds aan hardlopen. Voor de combinatie van meditatie en zweet, esthetiek en techniek, nederigheid en controle, achtte ik mijzelf te nerveus; voor een groepssport te eenzelvig. Niet dus. De andere clubleden zijn aardig. Ik sla praatjes in de kleedkamer over en heb mij – na enige terughoudende aarzeling over al dat plotse enthousiasme omdat het mij nogal overdreven voorkwam – ingeschreven voor een aikido-weekend. Mijn bereidheid om elk woord van de leraar in mij op te slaan, mijn wil om juist te verdedigen, te vallen en te ademen hebben mij doen inzien dat het mogelijk is jezelf te ontroeren.

En het voornemen om aikido volledig te leren beheersen, noopt mij ertoe om nog eens drieëndertig jaar in leven te blijven. Dank, domo arigato gozaimashita!