'Informatie moet consistenter'

De toon van de Rekenkamer over de JSF wordt scherper. Defensie moet eindelijk eens een helder totaaloverzicht geven van de kosten, zegt collegelid Gijs de Vries.

Welk cijfer zou de Algemene Rekenkamer geven aan het ministerie van Defensie over de manier waarop het parlement wordt geïnformeerd over de Joint Strike Fighter?

Oud VVD-politicus Gijs de Vries heeft te lang meegelopen op het Binnenhof om dáárop in te gaan. „Dat vind ik nou echt een Háágse vraag”, zegt het pas benoemde collegelid van de Rekenkamer met een minzame glimlach.

Maar toch. Het jaarlijkse monitorrapport van de Algemene Rekenkamer over de JSF is dit keer buitengewoon kritisch. Volgens de Rekenkamer geeft Defensie een „veelal eenzijdig beeld” van de verwachte opvolger van het F-16 gevechtsvliegtuig. Een „volledig overzicht van de onderling vergelijkbare kosten voor JSF-programma voor Nederland ontbreekt”, schrijft de Rekenkamer. Daardoor blijven veel „risico’s en onzekerheden” in het programma „buiten beeld”. Eind april moet de Kamer instemmen met de aankoop van de eerste twee JSF-toestellen. Maar in een reactie op het Rekenkamerrapport liet de PvdA-fractie gisteren al weten dat er meer informatie op tafel moet komen.

De toon van de rapportage is scherper dan in andere jaren.

„In 2007 hebben we al een aantal belangrijke aanbevelingen gedaan, waar tot nu toe nog geen bevredigende reactie op is gekomen. Die aanbevelingen hebben we nog eens moeten herhalen.”

Wordt de Kamer eigenlijk wel goed geïnformeerd?

„De Kamer krijgt héél veel informatie over de JSF. Maar omdat die informatie zo ongelijksoortig is, moet de Kamer voortdurend appels met peren vergelijken. Wij vinden bijvoorbeeld dat Defensie eindelijk eens zou moeten werken met één prijspeil en met één dollarkoers. Wij wijzen nogmaals op de noodzaak van consistente informatie over de ontwikkeling van de kosten, over de héle breedte van het programma.”

U spreekt zelfs van ‘een eenzijdig beeld’ van de kant van Defensie.

„Wij vinden dat de Kamer op sommige punten uitvoeriger zou kunnen worden geïnformeerd. Bijvoorbeeld over wat nou eigenlijk de voor en nadelen zijn van het maken van afspraken met andere landen over de prijs van de JSF. Of wat de kosten zijn van eventuele uitstap. Hoe hoog zijn die? Het gaat om een buitengewoon belangrijk besluit, met belangrijke gevolgen voor de veiligheidspolitieke rol die Nederland in de wereld wil spelen. Daarover moet maximale inzichtelijkheid komen.”

De geschatte prijs van de JSF is gestegen, concludeert u. Hoe duur wordt het toestel eigenlijk?

(lacht smakelijk:) „Ha! Dat is een leuke!” (serieus:) „Maar inderdaad: het is de kernvraag. De prijs is afhankelijk van een groot aantal factoren. Wij stellen vast dat er negatieve ontwikkelingen zijn in de verwervingskosten. Uit de rapportages van de Amerikaanse Rekenkamer, het GAO, rijst het beeld op mogelijke verdere stijgingen van de kosten. Aan de andere kant is er het positieve effect van de lage dollarkoers. Ik vraag me af of het ooit mogelijk is hier een definitief anwoord op te geven.

„Wat opvalt, is dat de accountantsdienst van Defensie heeft gezegd dat er veel informatie over de kosten van de JSF en mogelijke alternatieve vliegtuigen niet voorhanden is. Toch heeft staatssecretaris De Vries geschreven dat de JSF nog steeds ‘het beste toestel voor de beste prijs’ is. Daar zit wel wat licht tussen.”

Volgens Defensie heeft een recente vergelijking uitgewezen dat de alternatieven als de Advanced F-16 en de Saab Gripen niet kunnen tippen aan de JSF. Maar de Kamer is wantrouwig, en wil graag dat u de kandidatenvergelijking controleert. Gaat u dat doen?

„Het parlement heeft een groot aantal vragen gesteld over de kandidatenvergelijking. Daar moet de regering eerst op antwoorden. Mochten die antwoorden lacunes bevatten, dan gaan we daar ongetwijfeld nader naar kijken.”