Private equity op sterven na dood

Henry Kravis houdt staande dat de private-equitysector die hij heeft helpen opbouwen nog niet dood is. Maar voor veel grote namen uit de bedrijfstak van de bedrijvenopkopers, die deze week samenkomen tijdens de jaarlijkse Super Return-conferentie in Berlijn, is het lang niet zeker of ze de crisis wel zullen overleven.

De aandelenkoersen van aan de beurs verhandelde fondsen duiden erop dat hun portefeuilles gevaar lopen. Kredieten voor nieuwe transacties zijn non-existent of vreselijk duur. Sommige beleggers trekken zich terug uit de sector. En mislukte of op faillissementen uitgedraaide bedrijfsovernames beginnen zich nu pas af te tekenen. Private equity mag dan niet dood zijn, de pols is wél zwak.

Kravis hoeft voor ondersteunend bewijsmateriaal niet verder te kijken dan zijn eigen beursgenoteerde fonds. KKR haalde in 2006 5 miljard dollar op. Maar de marktwaarde van het in Amsterdam genoteerde fonds bedraagt nu minder dan 500 miljoen dollar.

Het probleem is dat de meeste bedrijvenopkopers tijdens de bloeiperiode veel te veel hebben betaald voor hun overnames en veel te veel hebben geleend. De beurswaarden zijn gekelderd, wat erop duidt dat de aandelenbelangen, die private-equityfirma’s bezitten in de bedrijven in hun portefeuille, weinig waard zijn. Veel van deze belangen vertegenwoordigen zelfs een waarde die kleiner is dan hun schuldenlast.

Bovendien verkeren Kravis en anderen niet bepaald in een goede positie om te profiteren van de mondiale prijsdaling van bedrijven en aandelen, omdat het onmogelijk of veel te duur is geworden om geld te lenen voor nieuwe transacties. Het aantal overnames is dit jaar tot nu toe met 64 procent gedaald. Intussen is het even lastig om bestaande belangen te verkopen.

Daardoor is een nieuwe complicatie ontstaan. Private-equitybeleggers als universiteiten en pensioenfondsen hebben de gewoonte het geld dat zij ontvangen uit verkochte belangen te herinvesteren in de financiering van nieuwe overnames. Nu geld een schaars goed is geworden door de neergang in vrijwel alle sectoren, proberen sommigen onder hun kapitaaltoezeggingen uit te komen.

Het feit dat de private-equitysector een levenloze indruk maakt, betekent natuurlijk nog niet dat de bedrijvenopkopers het zullen opgeven en meer tijd aan boord van hun jacht zullen doorbrengen. Private-equityfirma’s hebben grote hoeveelheden langetermijnkapitaal achter de hand, in tegenstelling tot hedgefondsen of Wall Street-banken. De fondsen zelf zullen dus niet net als Lehman Brothers omvallen.

Sommige bedrijvenopkopers zullen misschien de komende jaren hun activiteiten op een lager pitje zetten. Anderen zullen proberen zichzelf opnieuw uit te vinden als beleggers in schuldsaneringen. Maar daarvoor zijn kwaliteiten nodig die verschillen van die waar private-equityfirma’s normaal gesproken over beschikken, zoals TPG heeft aangetoond met zijn mislukte redding van de Amerikaanse spaarbank Washington Mutual vorig jaar. Voor Kravis mag private equity dan nog niet dood zijn, hij zou wel eens in de minderheid kunnen verkeren.

Lauren Silva Laughlin

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com