Moddercultus

De VRT pakte weer middagvullend uit rondom het WK veldrijden – waarom kan dat in Nederland niet? Prikkelende filmpjes vooraf. Het Belgische merk Sven Nys laat zich door een trainer wetenschappelijk verantwoord afbeulen op een zandduin. De cijfers liegen er niet om: nooit eerder was Nys zo goed. Vijand Lars Boom zweet op een hometrainer in de huiskamer. Het camerateam ontdekt een boek op de salontafel, onderwerp: ‘strategische doelen’, nota bene geschreven door een Belg. Suspense! Bestrijdt Lars Boom Belgen met Belgen? Jawel, het is oorlog, en Boom speelt het hoog.

Natuurlijk viel zondagmiddag niets af te dingen op de brutale demonstratie van Niels Albert. In je eentje rondrossen door een windhoos met een gemiddelde van net geen dertig per uur, voortreffelijk. Navrant blijft het dat de Vlaamse koorknaap werd voortgejaagd door een mysterieuze jour sans van Lars Boom.

Veldrijden wordt in Nederland eerder getolereerd dan omhelsd. Boom wordt wereldkampioen, onze camera’s gaan het registreren, en daarna zullen we eventjes onbeschaafd juichen. In België, waar de moddercultus in het protoplasma bestorven ligt, weten ze hoe ze hun kampioenen moeten ophitsen.

„Veldrijden is geen topsport”, besloot de Vlaamse minister van Sport, Bert Anciaux, een paar dagen voor de slag om Hoogerheide. Geen wonder dat Niels Albert als door een wesp gestoken het tegendeel neerlegde in een razende solo. In het roerbakdebat omtrent Amerikaanse oorlogsverzoeken had onze minister-president toch ook terloops kunnen opmerken dat veldrijden geen topsport is. Zeker weten dat Lars Boom zijn rimpel met megalomane furie had gecompenseerd.

Helemaal alleen lieten we hem in het psychologische prikkeldraadstelsel zoals het door de Belgische wielerpers was uitgerold. In twee weken tijd had deze het immer gespleten blubbergilde tot een gloeiende massa gekneed. Wat stelde de Nederlandse pers daar tegenover? Dat parcoursarchitect Adri van der Poel de omloop als een borstrok om de torso van Boom had gebreid. Fout. Zo blijft de druk op de verkeerde schouders liggen.

„Het Belgisch blok interesseert me geen bal”, liet Boom ten slotte in de Vlaamse kranten optekenen. Dat was meer analyse dan branie. In de loopgraaf veldrijden wint opportunisme het nog altijd van blokvorming.

Niels Albert is een geweldig modderstrateeg. Met geveinsde vormstagnatie had hij vooraf het eigen blok kundig op het verkeerde been gezet. Het betaalde uit. Sven Nys werd op zijn Vlaams geëerd omdat hij het cruciale gaatje had gelaten, uiteraard in de verzwegen veronderstelling dat het joch Albert een half uur later te zijner gunste zou omvallen. Dat Nys iets minder vrijwillig een gaatje liet voor de Tsjechische puber Stybar, werd gemakshalve vergeten.

Blijft het mysterie van Booms slechte dag. Een fout virusje? Zorgen om een onzorgvuldig ingevulde whereabout? Ergernis om de 5.000 euro boete, door Rabobank opgelegd wegens trainen zonder valhelm in de huiskamer?