Britse regering worstelt met wilde stakingen

Bij raffinaderijen op diverse plaatsen in Engeland braken vorige week wilde stakingen uit tegen de inzet van buitenlandse arbeiders. De stakingen komen slecht uit voor de regering.

Voor het eerst in jaren is Groot-Brittannië de laatste dagen opgeschrikt door wilde stakingen op diverse plaatsen in het land. Voor de regering van premier Gordon Brown, toch al geplaagd door veel economische tegenspoed, is zulke arbeidsonrust op zichzelf al verontrustend genoeg. Zo mogelijk nog alarmerender is de oorzaak: verontwaardiging bij Britse werknemers dat buitenlanders honderden banen krijgen toegewezen bij een raffinaderij in het noordoosten van Engeland.

Minister van Economische Zaken Peter Mandelson, nooit te beroerd voor een stevige uitspraak, verweet de stakers gisteren „een politiek van xenofobie”.

Een jaar geleden zou waarschijnlijk niemand er veel aanstoot aan hebben genomen, maar nu de Britse werkloosheid omhoog schiet, ligt de zaak gevoeliger. De tijden dat buitenlanders bij honderdduizenden ongestoord de Britse arbeidsmarkt konden betreden zijn voorbij. Sterker nog: veel economische migranten, in het bijzonder uit de nieuwere lidstaten van de Europese Unie, verlaten het Verenigd Koninkrijk weer.

De onrust brak uit nadat de Franse oliemaatschappij Total een opdracht voor uitbreiding van zijn raffinaderij in Lindsey in Lincolnshire had gegund aan het Italiaanse bedrijf IREM. Dit zond onmiddellijk honderden Italiaanse en Portugese werkkrachten naar Lindsey om aan de slag te gaan met het project. Dat was tegen het zere been van veel Britten, die meenden dat ze ten onrechte waren gepasseerd voor de nieuwe banen.

Bij het terrein in Lindsey werden de afgelopen dagen in barre weersomstandigheden verbitterde demonstraties gehouden. Bij veel raffinaderijen en energiebedrijven elders in het land legden duizenden werknemers spontaan het werk neer om hun solidariteit te betuigen. Gisteren sloten ook werknemers bij nucleaire installaties in Sellafield en Heysham zich bij de protesten aan.

De betogers menen dat IREM de buitenlanders alleen maar heeft verkozen om de hogere lonen die door Britse vakbonden zijn bedongen, te omzeilen. Volgens hen is er sprake van een illegale praktijk, waarvan Britse werknemers de dupe worden. De regering ontkent dat in navolging van de directie van Total. Ze heeft inmiddels de onafhankelijke bemiddelaar bij arbeidsconflicten ACAS gevraagd een onderzoek in te stellen naar de juridische merites van de zaak.

Veel betogers herinnerden premier Brown aan een rede tot het partijcongres van Labour in 2007. Daar beloofde hij zich sterk te maken voor „Britse banen voor Britse werknemers”. Er was destijds al kritiek op die belofte, die volgens sommigen was bedoeld om de extreemrechtse British National Party (BNP) de wind uit de zeilen te nemen. Die pleit al langer voor protectionisme om banen voor Britse werknemers te waarborgen, hetgeen veel laag geschoolde arbeidskrachten aanspreekt.

Diezelfde Brown heeft zich echter juist de afgelopen dagen gemanifesteerd als een vurig aanhanger van de vrije markt. Zowel tijdens een rede in het Zwitserse Davos als tijdens een ontmoeting met de Chinese premier Wen Jiabao in Londen waarschuwde hij tegen protectionisme. Dat kan de wereld als geheel volgens hem slechts in meer economische misère storten.

Ook heeft de regering duidelijk gemaakt dat ze niet wil tornen aan het vrije verkeer van werknemers binnen de EU. Daarbij kreeg Brown nadrukkelijk steun van Mandelson, die als voormalig Europees Commissaris voor Handel de regels in dit opzicht beter kent dan wie ook in het kabinet.

De vakbonden hebben de stakingen tot dusverre niet onderschreven, maar ze tonen veel sympathie voor de stakers. Vakbondsleiders hebben de regering gemaand ervoor te zorgen dat Britse werknemers een eerlijke kans krijgen mee te dingen naar banen als die bij de Total-raffinaderij.

Voor Brown is het een hachelijke confrontatie. De vakbonden zijn nog altijd de belangrijkste donor van Labour, ook al is hun politieke gewicht in de partij de laatste jaren afgenomen. Juist in de huidige recessie is het echter riskant voor de premier de vakbonden tegen zich in het harnas te jagen.