Ophef over nieuwe 'Polen-cao'

Is het uitbuiting of een verbetering? Dat is de kern van de discussie over de nieuwe cao voor buitenlandse uitzendkrachten die de Internetvakbond, onderdeel van De Unie, afgelopen weekend sloot met de Vereniging van Internationale Arbeidsbemiddelaars (VIA).

Volgens Joop de Vries, onderhandelaar van de Internetvakbond, is een speciale collectieve arbeidsovereenkomst voor buitenlandse, in de praktijk vooral Poolse, uitzendkrachten broodnodig omdat zij „bijzondere behoeftes” hebben, zoals een werkgarantie, taalcursussen en een verplichting van de werkgever om adequaat onderdak te bieden. Hier is het nieuwe cao-voorstel in voorzien.

Vakbond FNV Bondgenoten en de koepel voor uitzendbureaus ABU zeggen dat de cao juist slechter is dan de arbeidsovereenkomst die zij eerder sloten. Vooral de toeslagen voor avondwerk en overwerk zouden lager zijn. „Dit akkoord buit buitenlanders uit en verzwakt de concurrentiepositie van Nederlandse uitzendkrachten”, zegt een woordvoerder van FNV Bondgenoten.

Minister Donner (Sociale Zaken, CDA) is gevraagd de overeenkomst tussen FNV en ABU algemeen verbindend te verklaren. Die zou dan op 1 april voor de sector moeten ingaan. Dan vallen alle uitzendkrachten onder die voorwaarden, tenzij Sociale Zaken ontheffing verleent aan de alternatieve cao van VIA en de Internetvakbond. Het ministerie had vanmorgen nog geen verzoek van de VIA ontvangen voor dispensatie van de uitzend-cao.

Drie jaar geleden werd een verzoek van uitzendbureau VIA om een eigen cao te mogen toepassen door toenmalig minister De Geus (CDA) afgewezen, omdat de VIA-cao een direct onderscheid maakt op grond van nationaliteit. Dat is in strijd met de Wet gelijke behandeling.