Nieuwe president moet extremisten zien te isoleren

Sinds zaterdag is Sheikh Ahmed president van Somalië. In 2006 leidde hij een islamitisch bewind dat als (te) extremistisch gold. Inmiddels geldt hij als gematigd en acceptabel.

Op zijn eerste dag als president van Somalië bezocht Sheikh Sharif Sheikh Ahmed gisteren zijn voormalige vijand, premier Meles Zenawi van buurland Ethiopië. Het was Zenawi die eind 2006 het door Sheikh Ahmed geleide, streng-islamitische bewind in Somalië omverwierp. Dit weekend zei Zenawi „erg blij” te zijn met de nieuwe benoeming van Sheikh Ahmed. „Een stap vooruit naar vrede en gunstig voor de hele regio”, aldus Zenawi.

De nieuwe toon van Ethiopië weerspiegelt de veranderde verhoudingen in de Hoorn van Afrika. Ethiopië intervenieerde ruim twee jaar terug in Somalië om, met instemming van de Verenigde Staten, de toenmalige islamitische machthebbers te verdrijven en de door het Westen erkende regering in het zadel te helpen. De ingreep pakte averechts uit: Somalië veranderde in een chaotisch strijdtoneel met opstandelingen die extremistischer bleken dan de heersers die waren verjaagd. De internationale gemeenschap legt zich nu neer bij wat veel waarnemers zien als enig werkbaar alternatief: een Somalië onder een – relatief – gematigd islamitisch bewind.

„De belangrijkste opgave voor Sheikh Ahmed wordt het vormen van een stabiele regering waarin de verschillende, gematigde opstandelingenfacties zich vertegenwoordigd weten zodat de overheid in Somalië eindelijk draagvlak krijgt en de meest extremistische opstandelingen geïsoleerd raken”, zegt Rashid Abdi, Somalië-expert bij de International Crisis Group. „Geen gemakkelijke opgave, maar wel de enige met kans van slagen.”

Somalië heeft sinds 1991, toen dictator Siad Barre van het podium verdween, een reputatie opgebouwd als schoolvoorbeeld van een mislukte staat. Na achttien jaar clanstrijd, burgeroorlog, voedseltekort, ontvoeringen en piraterij woedt in Somalië de „ergste humanitaire crisis in Afrika”, aldus de Verenigde Naties. Veertien opeenvolgende regeringen slaagden er niet in de crisis op te lossen.

De huidige situatie gaat eigenlijk terug tot december 2006, toen Ethiopische troepen de Unie van Islamitische Rechtbanken (ICU) verjoegen, de fundamentalisten die in dat jaar de macht hadden veroverd op de warlords in Somalië. De ICU had opgeroepen tot heilige oorlog tegen het overwegend christelijke Ethiopië. Belangrijker was dat de ICU steun gaf aan afscheidingsbewegingen in de Ogaden, de Oost-Ethiopische grensregio waar etnische Somaliërs leven.

De Ethiopiërs raakten echter verstrikt in een slepende strijd tegen gewapende islamitische groeperingen die slechts door één zaak werden verbonden: de strijd tegen de alom gehate, Ethiopische bezetter.

Ethiopië ging inzien dat het de strijd niet kon winnen en besloot dat een islamitisch bewind in Somalië misschien geen bondgenoot zou opleveren, maar mogelijk wel stabiliteit. Zo had de ICU, juist vanwege haar rigoureuze uitleg van de islam, in elk geval voor orde en regelmaat gezorgd in het halfjaar dat zij de macht had gehad.

Ethiopië trok zich terug uit Somalië nadat een gedeelte van de opstandelingen, onder wie ex-ICU-strijders, te kennen had gegeven het pad van de politiek te zullen betreden op voorwaarde dat de Ethiopiërs zouden verdwijnen. De politieke vleugel van deze gematigden, de Alliantie voor de Herbevrijding van Somalië (ARS), werd geleid door Sheikh Ahmed.

De politieke transitie werd vastgelegd in het akkoord van Djibouti, dat vorig jaar tot stand kwam na bemiddeling van de VN. ‘Djibouti’ voorzag ook in een verdubbeling van het aantal parlementszetels tot 550 zodat de ARS volksvertegenwoordigers kon leveren. Het uitgebreide parlement koos zaterdag Sheikh Ahmed tot president.

„Ik wil onze buurlanden informeren dat we klaar zijn voor een vreedzaam Oost-Afrika dat gelooft in samenwerking en wederzijds respect”, verklaarde Sheikh Ahmed in een handreiking aan Ethiopië. De VS zijn onder Barack Obama „een macht geworden die gelooft in vrede”, een handreiking aan het land dat volgens analisten heeft bijgedragen aan de instabiliteit in Somalië door raketbeschietingen op vermeende terroristen waarbij ook burgerdoden vielen. De Amerikaanse gezant voor Somalië, John Yates, stelde in een reactie „politieke en financiële steun” in het vooruitzicht.

Toch wacht de nieuwe regering een uiterst zware taak. Al-Shabaab zegt niet te zullen rusten voor Somalië bestuurd wordt volgens islamitisch recht. Al-Shabaab, dat eerder van zich deed spreken met de steniging van een 13-jarig verkracht meisje, beheerst brede delen van Somalië waaronder Baidoa, de stad waar het parlement voorheen bijeenkwam. Al-Shabaab staat op de Amerikaanse lijst van terreurorganisaties.

Sheikh Ahmed heeft gezegd dat hij de verschillende opstandelingenbewegingen wil integreren in een militie onder gezag van de regering. Zo’n militie zou opgewassen moeten zijn tegen Al-Shabaab. Sheikh Ahmed speculeert ook op de weerstand onder veel Somaliërs tegen Al-Shabaab. De Somaliërs steunden Al-Shabaab in hun verzet tegen de Ethiopiërs, maar nu die weg zijn vrezen ze de morele geboden van de extremisten. Zo verbiedt Al-Shabaab in sommige steden de in Somalië populaire, mild-stimulerende kauwdrug qat.

„Het is de vraag of deze strategie werkt”, zegt Abdi van de International Crisis Group. Sheikh Ahmed moet de in Somalië invloedrijke clanleiders tevreden houden. En sommige opstandelingenbewegingen, zoals Ahlu Sunna Waljamaca, keren zich weliswaar tegen Al-Shabaab, dat ze te extreem vinden, maar alleen op voorwaarde dat Sheikh Ahmed niet praat met Al-Shabaab. Sheikh Ahmed is juist bereid tot gesprekken. „Bovendien weten we van clubjes als Ahlu Sunna Waljamaca niet veel, behalve dat ze zeggen met de regering te willen samenwerken”, zegt Abdi. „Maar mocht Al-Shabaab verslagen worden, wie zegt dat ze dan loyaal blijven aan de regering?”