Kolossale staatsschuld is grootste probleem Amerikaanse economie

Het reële bruto binnenlands product (bbp) van de Verenigde Staten is in het vierde kwartaal met 3,8 procent op jaarbasis gedaald. Dat was minder dan verwacht, maar de details zijn verontrustend. De onevenwichtige handelsbalans en de spaarquote zijn slechts gedeeltelijk gecorrigeerd, terwijl de federale uitgaven scherp zijn gestegen en de bedrijfsvoorraden zijn gegroeid. Het nominale bbp is met 4,1 procent gedaald, waardoor de Amerikaanse schuldenlast in verhouding tot het bbp is toegenomen. Het grootste probleem van de Amerikaanse economie zou wel eens de veel te grote schuldenlast kunnen zijn.

De consensusschatting voor de daling van het reële bbp bedroeg 5,5 procent. De lagere feitelijke daling kan duiden op een minder diepe recessie dan was verwacht. Maar de details van de gegevens lijken te suggereren dat de recessie ook langduriger zal zijn. Zonder de grote, maar niet verrassende stijging van de voorraden zou het bbp met 5 procent zijn gedaald. Door die groei van de voorraden zal het toekomstige economische groeitempo navenant achteruitgaan.

De VS hebben te kampen met drie economische onevenwichtigheden: een ontoereikende spaarquote, een gevaarlijk tekort op de betalingsbalans en een steeds verontrustender begrotingstekort. Het afgelopen kwartaal werd bescheiden vooruitgang geboekt op het punt van de spaarquote, die is gestegen van 1,3 naar 2,9 procent. Zeer bescheiden vooruitgang deed zich voor bij de betalingsbalans, omdat het voordeel van de dalende energieprijzen bijna geheel teniet werd gedaan door een nog snellere daling van de exportvolumes in verhouding tot de importvolumes. Het begrotingstekort is scherp gestegen.

Bovendien is de schuldenlast van de Amerikaanse economie, gemeten aan de hand van de verhouding tot het bbp, gegroeid. Dat komt deels doordat de noemer in de vergelijking wordt gevormd door het nominale bbp, dat percentueel het hardst is gedaald sinds 1957.

Om de Amerikaanse economie te repareren moet de spaarquote omhoog, misschien wel naar 8 procent van het beschikbare inkomen, terwijl het tekort op de betalingsbalans aanzienlijk moet verminderen en de schuldenlast kleiner moet worden. Toch zal zowel het federale begrotingstekort als de schuldenlast toenemen als gevolg van het voorgestelde stimuleringspakket. Daardoor kon het wel eens tot 2010 of zelfs 2011 gaan duren, voordat er echt sprake is van een herstel van het evenwicht.

Ondanks de bescheiden verbetering van het consumentenvertrouwen in januari duidt dat op een langdurige, trage economische inzinking, voordat de omstandigheden rijp zijn voor een ommekeer.

Martin Hutchinson