Verjongen door de eeuwen heen

In de film The Curious Case of Benjamin Button wordt een man niet ouder maar jonger. Hij blijkt niet de enige te zijn. Benjamin Button heeft tientallen broertjes en zusjes in de kunst die als grijsaard ter wereld komen en als baby sterven.

Graphic novel over Benjamin Button (l) en schetsen daarvoor (r) door Kevin Cornell
Graphic novel over Benjamin Button (l) en schetsen daarvoor (r) door Kevin Cornell

Een van de eerste scènes van de Amerikaanse film The Curious Case of Benjamin Button speelt zich af op het slagveld van de Eerste Wereldoorlog. We zien Amerikaanse soldaten in de loopgraven, ergens in Frankrijk of België, sepia getint vechtend tegen een vijand die al even sepia terugvecht. Alsof het een documentaire is; kleur suggereert tijd. Alsof het echt is. En dan wordt die documentaire teruggedraaid. Kogels vliegen niet in maar uit borsten, mannen vallen niet neer maar veren op, vlieden van dat slagveld, terug in boten en treinen tot ze daar weer uitstappen en thuis zijn. Levend. Ongedeerd.

Het is een truc die wel vaker is toegepast, in literatuur, in film en muziek. If I could turn back time. Een van de meest doorwrochte voorbeelden is de roman De pijl van de tijd (1991) van de Britse schrijver Martin Amis, waarin een arts in Auschwitz geen mensen vermoordt maar levend lijkt te maken.

Amis kwam op het idee toen hij een boek las van weer een andere schrijver, Slaughterhouse-Five (1969) van Kurt Vonnegut, waarin de hoofdpersoon naar een achterstevoren afgedraaide oorlogsfilm kijkt over piloten in de Tweede Wereldoorlog. Hij ziet hoe de bommen niet uit een vliegtuig vallen maar erin verdwijnen, hoe ze in Amerika uit elkaar worden gehaald en het materiaal waarvan ze gemaakt zijn diep in de aarde wordt verborgen.

De tijd terugdraaien is vast geen idee dat pas na de uitvinding van de film bedacht is. Maar het is wel een idee dat door die uitvinding geholpen moet zijn. Film maakte het niet alleen voorstelbaar, maar ook zichtbaar; en dat is weer een stapje dichterbij de werkelijkheid, ook al weet iedereen dat je je ogen niet moet geloven. De truc is overigens bijna net zo oud als film zelf. Een van de allereerste films ooit, Démolition d’un mur, uit 1896, werd door de gebroeders Lumière vaak achterstevoren vertoond, zodat de muur uit de titel niet omviel, maar juist in elkaar werd gezet. Het was het allereerste special effect. Magie.

‘The Curious Case of Benjamin Button’

bevat een heleboel magie. Sterker nog: de film heeft op zijn geboorte moeten wachten tot de special effects zo goed waren dat je je ogen kon geloven. Een man wordt niet ouder maar jonger, en ja, hij blijft dezelfde acteur. De film is gebaseerd op een verhaal dat al in 1921 werd uitgegeven; het werd onder dezelfde titel geschreven door F. Scott Fitzgerald. Als synopsis, treatment of scenario zwierf het al decennia door Hollywood en wekte de belangstelling van verschillende regisseurs, acteurs en scenarioschrijvers; van Spielberg tot Spike Jonze, van Robert Redford tot Johnny Depp, van William Faulkner tot Charlie Kaufman.

Niet een mens, maar een machine maakte het uiteindelijk mogelijk dat The Curious Case een film werd; behalve een camera was er ook een computer voor nodig. De vooruitgang in digitale technieken is belangrijker voor de film dan het feit dat hij uiteindelijk door David Fincher werd geregisseerd, Brad Pitt werd geacteerd en Eric Roth werd geschreven. Dat hadden ook anderen kunnen zijn. Misschien was de film dan wel beter geweest; Charlie Kaufman, Johnny Depp en Spike Jonze hadden misschien niet dertien Oscarnominaties in de wacht gesleept, maar wel een intelligentere film gemaakt, die niet zo op Forrest Gump lijkt als deze.

Misschien komt er ooit nog eens

een remake van, of een andere versie van hetzelfde idee, want net als het andersom vertellen van een verhaal niet aan een maker is gebonden, kan ook het laten verjongen in plaats van verouderen van een mens meerdere auteurs hebben. Succes heeft vele vaders; kunst ook. Scott Fitzgerald zei zelf dat zijn verhaal was geïnspireerd op een opmerking van Mark Twain. In een biografie van Twain uit 1912 staat de opmerking: „Denk aan het geweldige idee van jong te worden in plaats van oud. Dat je vooruitkijkt naar achttien worden in plaats van tachtig. Ja, de almachtige heeft zich er slecht van afgemaakt. Ik wou dat hij mijn hulp had ingeroepen.’’

Later zag Fitzgerald dat Twain en hij niet de enige waren. In de Notebooks van Samuel Butler, ook gepubliceerd in 1912, vond hij hetzelfde idee later terug. „Ze leven hun leven achterwaarts”, schreef Butler in een aantekening, „beginnend als oude mannen en vrouwen, met weinig meer kennis van het verleden dan wij hebben van de toekomst, en de toekomst voorziend zo helder als wij het verleden zien, eindigend bij het binnengaan van de baarmoeder, alsof ze begraven worden.’’

Benjamin Button heeft nu al drie vaders. Ze schreven allemaal na de uitvinding van de film. Butler nog net; hij stierf in 1902. Zou het idee van het achterstevoren leven pas door deze uitvinding mogelijk zijn geworden, of was het er al veel langer, en lijkt het idee alleen cinematografisch? Douwe Draaisma heeft daar eens een mooie observatie van gegeven: wij zeggen nu bij mensen die sterven dat het leven als een film aan hen voorbij trekt. Daarvoor bestond dat fenomeen waarschijnlijk ook, maar mensen vergeleken het anders; in de negentiende eeuw met een panorama, daarvoor met een reeks schilderijen.

En inderdaad, ook het idee van de

mens die oud geboren wordt en jong sterft is ouder dan de cinema. Veel ouder. Plato schrijft er al over in zijn republiek: grijs haar wordt weer zwart; wangen die eerst stekelig zijn worden zacht en glad. De Romeinse schrijver Claudius Aelianus verhaalt van een eiland waar een rivier stroomt waar een boom staat. Als je de vruchten van die boom eet, sla je aan het verjongen. „Hij zal de ouderdom van zich afschudden en terugkeren naar het toppunt van zijn kracht; eerst een jongeman worden, dan een kind, op het laatst een baby, en aldus sterven.”

Het verschijnsel blijkt zelfs een naam te hebben. Onder liefhebbers van sciencefiction en fantasy heet verjongen in plaats van verouderen het Merlijn-syndroom, vernoemd naar de tovenaar Merlijn, die in ieder geval volgens de Britse schrijver E.B. White andersom leefde.

Wie er op gespitst is, ziet het idee opeens overal verschijnen, zoals je op elke stoep een kinderwagen ziet als je net zwanger bent. Het Merlijn-syndroom is opeens overal, van televisieserie tot poëzie, van strip tot liedje. Het duikt op in Hamlet en in Alice in Wonderland, bij Fritz Leiber en Philip K. Dick; in Star Trek en Mork en Mindy, bij Jan Hanlo, Micha Hamel.

Van plagiaat van Plato kun je al deze auteurs niet beschuldigen. Kennis en google hebben de vindplaatsen vast nog niet uitgeput; het moet nog veel vaker zijn opgeschreven. Ik herinner me nu opeens een verwijzing naar een Tsjechische komedie uit 1966, waarin een man van de guillotine wordt gered door zijn verhaal achterwaarts te vertellen; het eindigt ermee dat hij als baby terug in zijn moeder wordt gestopt. De titel: Happy End.

Het idee lijkt ook zo universeel dat het niet alleen in de westerse cultuur zal voorkomen. Staat het in Duizend en één nacht, in de Mahabharata?

Op de een of andere manier maakt

de wetenschap dat zoveel mensen hetzelfde idee hebben gehad en nog steeds hebben, er iets ontroerends van. En dat het toch net zo onder de radar is gebleven dat mensen het gevoel hebben dat ze iets nieuws bedenken, dat ze iets nieuws zeggen als ze het bedenken en uitwerken. Naar eigen zeggen kreeg Sean Andrew Greer een paniekaanval toen hij in 2001 De bekentenissen van Max Tivoli had geschreven en opeens over het verhaal van Scott Fitzgerald hoorde. Deze roman gaat ook over een man die verkeerd om leeft. Ook de Franse striptekenaar Nicolas Vadot schrok zich dood toen hij in de Variety las over Benjamin Button. Hij was net een strip aan het tekenen waarin een man van tachtig elke dag een jaar jonger wordt. Vadot vond de overeenkomsten niet groot genoeg om zijn plan te staken. Wel laat hij op dag 42 van 80 jours de vrouwelijke hoofdpersoon in een ligstoel het verhaal van Scott Fitzgerald lezen.

Sean Andrew Greer vertelt op zijn website dat Warner Brothers de filmrechten op zijn roman wilde kopen, niet om het te verfilmen, maar om te verhinderen dat een ander dat deed. Hij verkocht ze niet; er is dus nog hoop dat ook Greers versie wordt verfilmd.

En al die uitwerkingen samen geven het gelukzalige gevoel dat je ook wel eens hebt als je in een roman of in een film een gevoel verwoord leest waarvan je tot dan vermoedde dat je de enige was die daar last van had. Maar je bent niet alleen. Zelfs als je geboren wordt met rimpels en aambeien ben je niet alleen. In de verbeelding heb je altijd vrienden.

Greer maakt in hetzelfde artikel nog

een interessante opmerking: hij schrijft dat hij het idee van een man die verjongt eigenlijk een slecht idee vond voor een roman. Kitsch, een gimmick. „Ik heb geworsteld met de vraag of ik er wel literatuur van kon maken.”

Inmiddels hoeft het idee geen literatuur meer te worden, of film. Het internet gaat aan de kunst voorbij. Ongepolijst. Deze banale verwoording van het idee vond ik anoniem op een weblog:

‘Het leven.... andersom. Zou nog niet zo slecht zijn! Ik bedoel, Ok, het leven is hard, het kost je je leven en wat krijg je ervoor terug? Je gaat dood. Daarom denk ik dat het leven eigenlijk andersom zou moeten zijn, ongeveer zo..... Eerst ga je dood, dan heb je dat alvast achter de rug. Dan breng je een aantal jaren door in het bejaardentehuis. Een beetje bingoën en kaarten. Je gaat steeds beter zien, horen, en krijgt zo langzamerhand een beetje haar. Zelfs je echtgeno(o)t(e) gaat er weer een beetje fatsoenlijk uitzien, wat weer gevolgen heeft m.b.t. andere (seksuele) gevoelens waarvan je niet wist dat ze er waren. Er wordt goed voor je gezorgd tot je er op je 65e uit wordt gegooid omdat je te jong bent. Vervolgens krijg je van je baas een gouden horloge, en begin je met werken. Je doet rustig aan met veel vrije dagen en naarmate je langer werkt, word je alleen maar minder gestresst. Je seksuele gevoelens spelen nog meer op nu omdat het lichaam van je levenspartner goddelijke vormen begint aan te nemen. Na een jaartje of 40 te hebben gewerkt ben je jong genoeg om een beetje de beest uit te gaan hangen. Aan school hoef je nog niet te denken. Je gaat elk weekend feesten, probeert alcohol en drugs uit, want over 25 jaar is het toch allemaal afgelopen. Je neemt lekkere vakanties naar Spanje en gaat iedere winter (apres)skiën, want je hebt 40 jaar een goede baan gehad en dus geld zat! Nu ben je klaar om je studententijd in te gaan, je gaat je verder bekend maken met de alcoholische drankjes en XTC-tjes. Leren en huiswerk maken? Joh, das niet nodig, je hoeft toch niet meer te gaan werken. Op je 12e ga je naar de basisschool. Je hebt geen enkele verantwoordelijkheid en je kan zoveel spelen als je wilt. Dan word je baby, je wordt aan de lopende band geknuffeld en vertroeteld en tenslotte kruip je lekker in een jonge vrouw, je brengt je laatste 9 maanden zwevend door. En het mooiste komt nog: Je eindigt als een spetterend orgasme!”

Rectificatie / Gerectificeerd

CORRECTIES

Merlijn

In ‘Verjongen door de eeuwen heen’ (CS, 30 jan. ) staat dat de Britse schrijver E.B. White de tovenaar Merlijn als andersom levend beschreef. Dat was de Engelse schrijver T.H. White, in het boek Once and Future King.