Weg met geesten als die Schnitzler en Ibsen!

Literaire hardlopers, van Robert Brownings Pheidippides tot Haruki Murakami’s marathonman John L. Parker Jr: Once a Runner (1978, komt in mei 2009 in vertaling bij de Arbeiderspers); cultklassieker over een geschorste college-atleet die uit is op sportieve wraak Haruki Murakami: Waarover ik praat als ik over hardlopen praat (2007); zie hieronder Sido Martens: De loper (2008); ex-popmuzikant over lopen en leven Abdelkader Benali: Marathonloper (2007); autobiografische roman van de snelste langeafstandsliterator van Nederland Dirk van Weelden: Looptijd (2003); loopfilosofische essays van een ster op de halve marathon Jac Toes: Fotofinish (1998); spannende hardlooproman; won de Gouden Strop Jan Knippenberg: De mens als duurloper (1987); non-fictieklassieker van een ultraloper Dr. George Sheehan: Running & Being: The Total Experience (1978); cultboek van een Amerikaanse loopgoeroe William Goldman: Marathon Man (1974); tandartsthriller die aan de basis stond van de Dustin Hoffman-film Brian Glanville: The Olympian (1969); roman over de verhouding tussen loper en coach Alan Sillitoe: The Loneliness of the Long-Distance Runner (1959); klassieke roman over een loopbegaafde non-conformist Evelyn Waugh: Decline and Fall (1928); kostschoolsatire met beroemde hardloopscène Robert Browning: Pheidippides (1879); lang gedicht over de eerste loper van Marathon naar Athene; inspireerde naar verluidt baron Pierre de Coubertin tot het instellen van de Olympische marathon
Literaire hardlopers, van Robert Brownings Pheidippides tot Haruki Murakami’s marathonman John L. Parker Jr: Once a Runner (1978, komt in mei 2009 in vertaling bij de Arbeiderspers); cultklassieker over een geschorste college-atleet die uit is op sportieve wraak Haruki Murakami: Waarover ik praat als ik over hardlopen praat (2007); zie hieronder Sido Martens: De loper (2008); ex-popmuzikant over lopen en leven Abdelkader Benali: Marathonloper (2007); autobiografische roman van de snelste langeafstandsliterator van Nederland Dirk van Weelden: Looptijd (2003); loopfilosofische essays van een ster op de halve marathon Jac Toes: Fotofinish (1998); spannende hardlooproman; won de Gouden Strop Jan Knippenberg: De mens als duurloper (1987); non-fictieklassieker van een ultraloper Dr. George Sheehan: Running & Being: The Total Experience (1978); cultboek van een Amerikaanse loopgoeroe William Goldman: Marathon Man (1974); tandartsthriller die aan de basis stond van de Dustin Hoffman-film Brian Glanville: The Olympian (1969); roman over de verhouding tussen loper en coach Alan Sillitoe: The Loneliness of the Long-Distance Runner (1959); klassieke roman over een loopbegaafde non-conformist Evelyn Waugh: Decline and Fall (1928); kostschoolsatire met beroemde hardloopscène Robert Browning: Pheidippides (1879); lang gedicht over de eerste loper van Marathon naar Athene; inspireerde naar verluidt baron Pierre de Coubertin tot het instellen van de Olympische marathon

Ad van der Logt: Het theater van de nieuwe orde. Een onderzoek naar het drama van Nederlandse nationaalsocialisten. Aksant, 576 blz + cd-rom €39,90

De eerste keer dat een Nederlands toneelgezelschap door de overheid werd gesubsidieerd, was in 1942. Voordien hadden de grootste gezelschappen van het land hooguit enkele gemeentelijke en/of stedelijke subsidies ontvangen. Maar tijdens de bezetting moesten ook de kunsten worden ingezet om de hearts and minds van het Nederlandse volk te veroveren voor het nationaal-socialisme. Het eerste gesubsidieerde gezelschap was dan ook het door NSB-acteurs bemande Noord-Hollandsch Tooneel.

In de twee jaar dat dit NHT heeft bestaan, werden twaalf stukken uitgebracht. Maar geen enkele voorstelling had een nationaal-socialistische strekking. „Het grootste en meest toonaangevende nationaal-socialistische toneelgezelschap heeft geen nationaal-socialistisch toneel gespeeld!”, concludeert Ad van der Logt in zijn baksteendikke studie Het theater van de nieuwe orde. De paradox wordt verklaarbaarder als is verteld dat daar een welbewust beleid achter zat. Het toenmalige Departement voor Volksvoorlichting en Kunsten (DVK) vond het niet verstandig het Nederlandse publiek onmiddellijk onomwonden met nazipropaganda te bestoken. Het leek hun beter voorzichtig te beginnen, met stukken die in elk geval niet in strijd waren met de ideologie van het nieuwe bewind. Eerst weg met ‘negatieve geesten als Schnitzler, individualisten als Ibsen en cultuurbolsjewistische eendagsvliegen’ met hun ‘grof materialisme, vertroebeld door kitsch en joodsche bluf”, zoals dat in nazitermen heette – dan gaat de echte hersenspoeling makkelijker.

Aan dat laatste is het NHT nooit meer toegekomen. Voor echt schril nazidrama moest Van der Logt zijn toevlucht nemen tot de radio; tot hoorspelen met de propaganda die men op het toneel nog niet aandurfde. Met het NHT ging het intussen mis: de toneelspelers waren derderangs, de voorstellingen bleven zelfs volgens NSB-critici onder de maat en er kwam nauwelijks iemand kijken, zelfs de partijbonzen niet. De formidabele startsubsidie van 250.000 gulden werd al na een jaar gehalveerd. En na het tweede jaar viel het zaakje ruziënd uiteen.

Het theater van de nieuwe orde gaat goeddeels voorbij aan de reguliere toneelgezelschappen die tijdens de bezetting angstvallig op neutraal gebied bleven. Daarover is al vaker geschreven. Terwijl het collaborerende toneel nog niet eerder zo veelomvattend en nauwkeurig in beeld kwam. Van der Logt had zelfs aan 576 pagina's niet genoeg; de bij zijn boek gevoegde cd-rom bevat er nog minstens honderd extra, vol authentieke documentteksten en eigen analyses.