Het duizelt van de miljoenen rond Kakà

Sjeik Mansour, de schatrijke Arabische eigenaar van voetbalclub Manchester City, heeft een recordbod gedaan op Ricardo Kakà, de Braziliaanse speler van AC Milan. Gesproken wordt van meer dan honderd miljoen euro, met een jaarsalaris van veertien miljoen euro voor de Kakà.

Als de transfer doorgaat betreft het een record in de voetbalgeschiedenis. De duurste transfer dateert van 2001. Toen vertrok Zinedine Zidane voor 75 miljoen euro van Juventus naar Real Madrid.

De Italiaanse premier Silvio Berlusconi, eigenaar van AC Milan, was ooit een van de eerste zakenlieden die grote sommen geld investeerde in het Italiaanse voetbal. Nu zou hij bij de afweging over de verkoop van Kakà de mening van de fans willen peilen, om te voorkomen dat de deal verkeerd valt en hem schaadt als clubeigenaar en premier.

Kaka’s vader is naar Engeland gevlogen om te onderhandelen met Manchester City. De club is nu weliswaar de rijkste van Engeland, maar bevindt zich in de degradatiezone van de Premier Leage. Mansour is vast van zins hierin verandering te brengen.

Of Kakà wil vertrekken uit Milaan is onduidelijk. Eerder deze week zei de speler dat hij „oud wil worden” bij AC Milan. De Italiaanse pers suggereert dat Kakà alleen naar Manchester wil komen als er een ontbindende voorwaarde in het contract wordt opgenomen voor het geval Manchester City degradeert of de club binnen twee jaar de Champions League niet zou halen. Ook eist hij dat zijn vriend Robinho, die afgelopen zomer voor 52 miljoen euro van Real Madrid werd gehaald voorlopig bij City blijft. Verder wil Kakà dat het team extra wordt versterkt en zou hij volledig zeggenschap over zijn beeldrecht willen afdwingen.