Basmuziek van razend vrachtverkeer

De mens probeert de wereld technisch te beheersen en wordt daardoor zelf door die wereld beheerst. Maarten Doorman en Fredie Beckmans bezoeken graven van filosofen.

Graf van Martin Heidegger (1889-1976) in Messkirch. Foto Fredie Beckmans
Graf van Martin Heidegger (1889-1976) in Messkirch. Foto Fredie Beckmans Beckmans, Fredie

Op veel graven van het kerkhof in Messkirch liggen restjes sneeuw, maar niet rondom het graf van Heidegger en zijn vrouw. Dat doet denken aan een door hem wel vaker aangehaalde hymne van Hölderlin, de diepzinnige Duitse dichter die Heidegger meesleurde, de taal in.

In deze hymne, Mnemosyne, bezingt Hölderlin de nagedachtenis van menige Griekse held en vertelt hij hoe de sneeuw nog maar de helft van de groene Alpenweiden bedekt – een beeld dat de belofte wekt van een nabij voorjaar. Op Heideggers sneeuwloze graf groeien groene klimop, wat hei, en al een paar kleine viooltjes erbij. Alleen lukt het niet er iets van die beloftevolle frisse bergweide in te ontdekken.

Dat ligt niet louter aan het sombere weer: zo’n opgewekte blik op de toekomst staat hoe dan ook haaks op Heideggers denken. Dat zet juist keer op keer uiteen hoe oneigenlijk wij leven door het Zijn te vergeten. De mens probeert de wereld technisch te beheersen en wordt daardoor zelf door die wereld beheerst.

Heideggers filosofie van de wezenloosheid stelde allereerst de vraag waarom eigenlijk het zijnde er is en niet veeleer niets. Hij pleit ervoor dat we ons overgeven aan het Zijn in wat hij gelatenheid noemt, een filosofische grondhouding die zich van ons rusteloze activisme afkeert en iets leert van wat dichters als Hölderlin openbaren.

Allengs meer poogt de in plattelandskledij gestoken Heidegger de stilte te ervaren die ook op dit kerkhof in zijn geboortedorp Messkirch te beluisteren lijkt. Na het leerverbod dat hem wegens zijn collaboratie met de nazi’s werd opgelegd, trok hij zich terug in zijn befaamde hut in het Zwarte Woud. Gaandeweg verdween hij uit het openbare leven, terwijl zijn rol in de filosofie steeds groter werd.

Maar de stilte van dit wat hoger gelegen kerkhof valt tegen: door de akoestiek van het half besneeuwde landschap is verre basmuziek van voorbijrazend vrachtverkeer onophoudelijk aanwezig. Zelfs de gelatenheid van de dood legt het af tegen het alomtegenwoordige van de door Heidegger levenslang zo filosofisch bekritiseerde techniek.

Haast misplaatst is de franje van de naar joods gebruik op zijn zerk gelegde stenen. Betere symboliek is dan de ernaast gelegen bruine kastanje, of het minieme stukje schedel, achtergelaten door een of ander freak.

Maarten Doorman