Krekel wint, na eigen doelpunt mier

Het pensioenstelsel van Nederland heet superieur te zijn aan dat van landen als Italië, waar werkenden direct betalen voor gepensioneerden. Tot de kredietcrisis toesloeg.

Er zijn krekels en er zijn mieren. Toen begin jaren negentig de strijd om de invoering van de euro losbarstte, stonden ze in Europa lijnrecht tegenover elkaar. Landen waar de staatsschuld relatief laag was en waar veel gespaard werd, waren beducht voor de lotsverbondenheid die de euro met zich mee zou brengen. Moesten zij in tijden van crisis de potverteerders, met hun lage besparingen en hoge schulden, te hulp schieten als die in de problemen kwamen en de euro in gevaar brachten? Dat nooit. De no bail out-clausule, die stelt dat zo’n overdracht van kapitaal niet mocht plaatsvinden, werd een harde voorwaarde in het Verdrag van Maastricht.

Nederland was, en is, een mier. Werknemers sparen in merendeel verplicht voor de oude dag in pensioenfondsen, die begin 2008 het enorme kapitaal van 685 miljard euro bevatten. De krekels doen het anders. In plaats van een kapitaaldekkingsstelsel voor de pensioenen hanteren zij een omslagstelsel. Werkenden betalen via de belasting de pensioenen van de gepensioneerden. Dat gebeurt in Nederland alleen met de basisvoorziening, de AOW.

Het omslagsysteem van de krekels is gevaarlijk: per 2010 slaat de vergrijzing in volle hevigheid toe, als de naoorlogse generatie stopt met werken. Er komen relatief minder werkenden, die moeten gaan betalen voor meer niet-werkenden. De oplossing voor de financiële schaarbeweging is dat de premies fors omhoog moeten, of de pensioenen flink versoberd. Waarschijnlijk wordt het een beetje van allebei, tenzij de staat inspringt door gewoon meer te lenen of te bezuinigen op andere uitgaven. Die laatste twee maatregelen zijn niet goed houdbaar op de langere termijn.

Maar doen de mieren het wel beter dan de krekels? Dat hangt af van hun beleggingsresultaten. En die zijn niet al te best. De beste manier om dat te bekijken is om de wereldwijde aandelenindex te nemen op basis van de herbelegging van dividend, en die terug te rekenen naar euro’s. Omdat pensioenen inflatievast moeten zijn, wordt de gehanteerde index gecorrigeerd voor inflatie. Wat blijkt? Wie van de afgelopen tien jaar in 2003 was ingestapt, heeft beleggingswinst. Beleggen in alle andere negen jaren leverde verlies op. Vóór eind 1998 is er wel winst, en hoe verder terug, hoe groter die is. Maar dan hebben we het wel over een van de meest langdurige bull markets ooit, die inmiddels in tranen is geëindigd. Het is de vraag hoe representatief die was.

Obligatiebeleggingen dan? Die deden het de afgelopen tien jaar wel beter dan de inflatie. Maar het houdt niet over. Treffend is ook dat het rendement lager was naarmate het risico hoger was: staatsobligaties, met herbelegde rente en gecorrigeerd voor inflatie, presteerden het best. Dan volgen bedrijfsobligaties met een kredietbeoordeling van A of hoger, en dan de bedrijfsobligaties met het oordeel BBB. Let wel, al deze beleggingsindices zijn gecorrigeerd voor de inflatie. Hadden de beleggingen in plaats van de koopkracht de lonen bij moeten houden, dan hadden zij over tien jaar nog in totaal twee procentpunt extra moeten renderen.

Pensioenfondsen staan er op dit moment bijzonder slecht voor. Vandaar dat er veel zijn die inmiddels hebben aangekondigd de pensioenen even niet met de inflatie te laten stijgen. Dat betekent een duurzame versobering van alle pensioenen in de toekomst als deze maatregel, zoals na de dotcom-krach, later niet wordt ingelopen. En intussen is de pensioenuitkering niet langer gebaseerd op het eindloon van de werknemer, maar op het gemiddelde loon tijdens zijn of haar loopbaan. Dat is gemiddeld een enorme achteruitgang, waar veel toekomstige gepensioneerden nog ontsteld van zullen op kijken als het zo ver is.

De vraag is dus: is het pensioensysteem van de mieren wel zo superieur aan het omslagstelsel van de krekels? Van de 685 miljard euro die er begin 2008 nog in de potten zat, was afgelopen september nog maar 622 miljard over. En dat zal eind 2008, drie maanden en een nieuwe financiële krach verder, nog veel en veel minder zijn geweest. Recentere gegevens zijn er nog niet, maar misschien is er in het afgelopen jaar wel 100 miljard euro verloren.

In 2007, het laatst bekende jaar, werd 20 miljard aan pensioenen en verwante uitkeringen betaald. Werknemers en werkgevers legden 24 miljard euro in, dus 4 miljard euro meer. Zo bezien bestaat het omslagstelsel op dit moment dus al – en meer dan dat. We zouden er op dit moment op vooruitgaan als we krekels waren, zeker als de fondsen werden opgeheven en iedereen zijn inleg kreeg uitgekeerd, met de losse pols zo’n 60.000 euro per deelnemer.

In dat geval zou de vergrijzing straks natuurlijk wel een gat slaan. Maar wie zegt dat de beleggingsresultaten duurzaam beter worden, en dat de ontvangen rentes door pensioenfondsen duurzaam stijgen vanaf hun huidige, lage niveau. De balans tussen kapitaaldekking en omslag is op dit moment niet zo scheef als lang werd aangenomen.

NRC Handelsblad werkt voor deze rubriek samen met de website MeJudice, www.mejudice.nl

Lezers kunnen reageren op de bijdragen van Maarten Schinkel op nrc.nl/schinkel