Ik denk dat het de stank van doden was

Haider Eid is hoogleraar Engels aan de Al-Aqsa Universiteit in Gaza-stad. Hij vertelde aan Eva Bartlett, een Canadese mensenrechtenadvocate, over de gebeurtenissen op 27 december, het begin van de vijandelijkheden. Zij zette het op electronicintifada.net:

Ik lag in mijn bed toen ik om half twee ’s nachts wakker werd van de eerste luchtaanval. Een luchtaanval is niet één explosie, het is een serie explosies. Boem, boem, boem. Het hele appartementengebouw schudde. Ik vluchtte mijn badkamer in. Een halve minuut later was er al een tweede aanval. F16’s bombardeerden het ministerie van Buitenlandse Zaken op 500 meter van mijn huis. Ik hoorde glas breken, en ontdekte dat het ook in de slaapkamer lag, en in het bed, dat pal onder het raam staat. Als ik daar was blijven liggen, was ik gewond geraakt – of erger. Het was een harde explosie, het glas moet met geweld naar binnen zijn gekomen.

Ik sleepte een matras naar de woonkamer aan de zeekant, en probeerde in slaap te vallen. Even later hoorde ik weer een explosie, de derde aanval, ergens bij de zee. Nu spatte het raam aan de voorkant van de huiskamer uiteen, het glas belandde overal, gelukkig ver weg van waar ik was gaan liggen.

Ik belde met een vriend die bij de ministeries woont. Hij heeft vijf kinderen tussen de 5 en 15. Hij zei dat er niks met hen aan de hand was, alleen waren ze doodsbang en huilden.

Ik ging naar de logeerkamer, waar de ramen ook kapot waren. In de lucht hingen zwarte wolken. Weer een aanval. Het gebouw schudde, mensen schreeuwden, er kwam rook, vuur en er hing een vreselijke stank. Ik weet niet wat... ik denk dat het de stank van dode lichamen was. (...)

Ik bleef explosies horen, ook verderop, en luisterde naar de radio. Ik belde vrienden, maar kon ze niet bereiken. Het gebouw bleef schudden alsof er een aardbeving aan de gang was. Nooit eerder hoorde ik zulke harde explosies. Het was vreselijk, beangstigend en verwarrend. Je weet niet waar je heen moet, wat je moet doen. Buiten was het te donker om je weg te kunnen vinden, binnen hoorde ik kinderen huilen. (...)

Ik sleepte mijn matras de gang in, de enige plek die ik nog kon verzinnen. Daar lag ik naar de radio te luisteren, terwijl ik explosie na explosie hoorde. Na drie kwartier was er geen elektriciteit meer, de telefoon deed het niet langer, er was geen internet, geen mobiel telefoonverkeer. En het klinkt misschien raar, maar toen ben ik maar weer naar bed gegaan, naar het matras in de gang. Het was de enige plek waar ik me veilig voelde.

Lees meer van Haider Eid op electronicintifada.net