Het steno dat niet had mogen bestaan

Een notulist van het oorlogskabinet van Churchill overtrad alle regels: hij bewaarde zijn originele notulen. Ze tonen hoe de Britse premier in 1945 écht dacht over Stalin.

Het geheime stenoverslag van de Jalta-conferentie in 1945, waar Churchill, Roosevelt en Stalin de naoorlogse wereld bespraken, is bewaard. Foto UPI Churchill, Franklin D. Roosevelt en Jozef Stalin bespraken de naoorlogse wereld tijdens de Jalta-conferentie in 1945. Churchills verloren gewaande verslag ervan is bewaard. Foto UPI
Het geheime stenoverslag van de Jalta-conferentie in 1945, waar Churchill, Roosevelt en Stalin de naoorlogse wereld bespraken, is bewaard. Foto UPI Churchill, Franklin D. Roosevelt en Jozef Stalin bespraken de naoorlogse wereld tijdens de Jalta-conferentie in 1945. Churchills verloren gewaande verslag ervan is bewaard. Foto UPI UPI

Het is de droom van iedere historicus: een vondst doen in het archief die er voor zorgt dat de geschiedenisboeken herschreven moeten worden. Het overkwam de bekende Engelse auteur Andrew Roberts toen hij in de Churchill Archives in Cambridge onderzoek deed voor zijn afgelopen najaar verschenen boek Masters and Commanders: The Military Geniuses Who Led the West to Victory in World War II.

Roberts vertelt over de telefoon vanuit Londen hoe hij laat op een vrijdagmiddag besloot een map aan te vragen die uit het bezit kwam van ene Lawrence Burgis, een assistent van de plaatsvervangend secretaris van het Britse oorlogskabinet van premier Winston Churchill. „Ik zou graag beweren dat het een geniaal inzicht was dat me deed besluiten die map te bestellen, maar om eerlijk te zijn had ik nog een uurtje voordat mijn trein vertrok en besloot ik zo de tijd te doden.”

De papieren die Roberts zich liet brengen hadden betrekking op de laatste maand van 1941. Hij was benieuwd of er iets in te lezen viel over de Japanse aanval op Pearl Harbor die op 7 december had plaatsgevonden. „Ik kon de tekens die ik las niet meteen ontcijferen. Het ging om nogal onleesbaar geschreven steno, maar met enige moeite lukte het me uiteindelijk de hiëroglyfen te doorgronden. En wat bleek? Het was een woordelijk verslag van een aantal kabinetsvergaderingen.”

Roberts was met stomheid geslagen. Burgis had de Britse Official Secrets Act gebroken, zo leek het. Die schrijft voor dat nadat de notulen van een kabinetsvergadering zijn uitgewerkt, de originele aantekeningen vernietigd moeten te worden. Dat had Burgis niet gedaan. Hij had al zijn stenoverslagen van de oorlogsjaren bewaard en die na zijn dood in 1971 nagelaten aan de Churchill Archives. Roberts was de eerste die ze, ruim 35 jaar later, inkeek.

Er volgde voor de historicus een onrustig weekend thuis. „Ik was bang dat ik me vergist had, of dat iemand anders op het idee zou komen de mappen van Burgis in te kijken.” De volgende maandag haastte Roberts zich terug naar Cambridge, waar hij in de drie weken die volgden het complete archief van de stenograaf doornam en vertaalde. Hij legde zijn vondst voor aan de directeur van de Churchill Archives, die de laatste twijfels wegnam: dit was een belangrijke ontdekking. Roberts verwerkte een deel van wat hij in de aantekeningen van Burgis vond in Masters and Commanders. De rest komt terecht in een nieuw boek, waarvan hij eind deze week het 200.000 woorden tellende manuscript bij zijn uitgever inlevert.

De historicus legt uit waarom zijn vondst zo belangrijk is. „De officiële uitgewerkte notulen van de bijeenkomsten van het War Cabinet zijn al enkele decennia beschikbaar voor historici. Die blinken echter uit in nietszeggendheid. Van de felle discussies die aan de besluitvorming vooraf gingen, vind je nagenoeg niets terug. Dat is met de papieren van Burgis wel anders.”

De woordelijke verslagen van de vergaderingen dwingen ertoe een aantal min of meer vaststaande feiten over de Tweede Wereldoorlog opnieuw tegen het licht te houden. Misschien wel de grootste schok kreeg Roberts toen hij kennisnam van Churchills verslag van de conferentie van Jalta.

In deze badplaats op de Krim had de Britse premier samen met de Russische leider Stalin en de Amerikaanse president Roosevelt van 4 tot 11 februari 1945 de contouren van de naoorlogse wereld besproken. Algemeen wordt aangenomen dat Roosevelt zich in Jalta heeft laten inpakken door Stalin. In ruil voor Russische deelname aan de oorlog tegen Japan en de nog op te richten Verenigde Naties zou de Amerikaanse president Oost-Europa hebben ‘weggegeven’ aan de Sovjets. Churchill zou zich hierbij pas na verwoede discussies hebben neergelegd.

Maar wat blijkt uit de aantekeningen van Burgis? Churchill vertelde na thuiskomst aan zijn ministers dat Stalin voornemens was „het goed te maken met de Polen”. Verder zei de Britse premier: „Stalin heeft zeer warme gevoelens ten opzichte van de twee westerse democratieën en wil prettig met ons samenwerken. Al mijn hoop is gevestigd op één man, hij zal geen kwaadwillende avonturen aangaan.”

Gezien de rampzalige ontwikkelingen die zich al vrij snel na Jalta in Polen en de rest van Oost-Europa voltrokken, lijkt het er op dat niet alleen Roosevelt zich door Stalin heeft laten inpakken, stelt Roberts. „Daarbij komt ook dat Churchill een realist was. Hij wist dat miljoenen soldaten van het Rode Leger richting Oost-Europa optrokken. Een andere keus dan het geloven van Stalins beloftes had hij eigenlijk niet. Maar dat hij zich zo vergist heeft in het karakter van de Russische leider, is ronduit onthutsend.”

Video over Roberts’ vondst te zien op nrc.nl/wetenschap