Gastoevoer hapert in deel Midden-Europa

De jaarlijkse gasruzie tussen Rusland en Oekraïne verhardt zich. Oekraïne lijkt de gasdollars die Rusland hard nodig heeft niet te kunnen betalen.

De gasruzie tussen Rusland en Oekraïne komt gevaarlijk dicht bij West-Europa. Vijf Midden-Europese landen meldden dit weekeinde een daling van de gastoevoer. Hongarije, Roemenië, Tsjechië, Polen en Bulgarije rapporteerden tekorten oplopend tot 30 procent. Vanochtend kwam daar Kroatië bij. En ook in Turkije kampt men met (vooralsnog kleine) problemen.

De vrees voor herhaling van een vergelijkbaar incident uit 2006 groeit hierdoor met de dag. Toen leidde een prijsdispuut tussen Rusland en Oekraïne tot een haperende gasvoorziening in grote delen van Zuid-Europa. Oekraïne ging na een gasstop stiekem gas aftappen, maar 80 procent van het Russische gas dat via Oekraïne loopt is bestemd voor Europa.

Het huidige geschil nam halverwege vorige week problematische vormen aan. Op Nieuwjaarsdag staakte Gazprom, het Russische staatsgasbedrijf met het monopolie op de gasexport, de levering aan Oekraïne nadat de onderhandelingen over een nieuwe gasprijs voor 2009 en achterstallige betalingen waren mislukt. Oekraïne weigerde akkoord te gaan met een prijs van 250 dollar per 1.000 kubieke meter, tenzij daar een verdubbeling tegenover stond van de vergoeding voor het transport van Russisch gas naar Europa over Oekraïens grondgebied. Maar daarmee weigerde Gazprom op zijn beurt in te stemmen.

Beide partijen geven elkaar de schuld van de stokkende toevoer in de genoemde delen van Europa. Gazprom zegt dat Oekraïne 25 miljoen kubieke meter gas heeft „gestolen”. Het zegt de toevoer naar Europa te hebben verhoogd om problemen te voorkomen, maar tevergeefs. Oekraïne beweert dat Rusland juist minder gas is gaan leveren. Onduidelijk is nog of de EU-landen zich zullen houden aan het ‘energiesolidariteitsverdrag’, waarin de lidstaten beloven elkaar te helpen bij problemen met de energievoorziening.

Ondertussen verharden de onderhandelingen verder. Gisteren liet Gazprom weten dat het voor de maand januari een gasprijs zal rekenen van 450 dollar. Eerder noemde het voor heel 2009 een prijs van 418 dollar, omdat het oude bod van 250 dollar was komen te vervallen, als gevolg van de weigering van Oekraïne. Het Oekraïense staatsgasbedrijf Naftogaz betaalt nu nog 179,50 dollar.

Gazprom heeft het geld hard nodig: door de dalende olieprijs (waaraan de gasprijs, met enige vertraging, is gekoppeld) zijn de inkomsten gekelderd. Het bedrijf kampt met enorme schulden. Het geduld van de, veelal buitenlandse, geldschieters raakt op. In de afgelopen drie maanden is de beurskoers van het bedrijf met meer dan 70 procent ingezakt.

Mogelijk is ook dat Rusland met zijn opstelling steun probeert te winnen voor een aantal omstreden pijpleidingprojecten. Gazprom heeft lang gekoesterde plannen voor leidingen onder de Oostzee (Nord Stream) en door de Zwarte Zee (South Stream). Die plannen stuiten echter op weerstand bij sommige Europese landen omdat de geplande leidingen hun grondgebied omzeilen, waardoor zij belangrijke transitinkomsten mislopen. Gazprom herhaalt nu te pas en te onpas dat Oekraïne een „onbetrouwbaar” doorvoerland is.

Maar ook politieke aspecten lijken een rol te spelen. Oekraïne heeft Ruslands woede gewekt met zijn pro-westerse koers onder president Joesjtsjenko, een verklaard tegenstander van het Kremlin. De voormalige Sovjetrepubliek wil lid worden van de NAVO en de Europese Unie. Ook Joesjtsjenko’s steun voor Georgië in de augustusoorlog met Rusland leidde tot boosheid in Moskou. De vraag is echter of Oekraïne wel over de brug kan komen. Het land is hard geraakt door de financiële crisis.

Vervolg Gas: pagina 11

Gasruzie verdeelt EU-leden

Vervolg Gas van pagina 1

Dat Oekraïne zich daarnaast in een diepe politieke crisis bevindt, lijkt niet bij te dragen aan een snelle oplossing. Joesjtsjenko en premier Joelia Timosjenko zijn in een bittere machtsstrijd verwikkeld. Timosjenko voert de onderhandelingen met Rusland, maar in internationale media wordt al gespeculeerd dat Moskou een oplossing zou frustreren om het gezag van de president te ondermijnen ten gunste van Timosjenko, die een meer pragmatische opstelling jegens Rusland beoogt.

Om twee uur vanmiddag zou in Brussel, onder leiding van Tsjechië, een spoedvergadering gehouden worden over de gasruzie. Tsjechië is sinds 1 januari voorzitter van de Europese Raad (van regeringsleiders). De verwachtingen van dit beraad zijn overigens niet hoog gespannen. De EU-landen zijn verdeeld over de aanpak van Rusland: de Baltische Staten en Polen stellen Moskou verantwoordelijk voor het conflict. Frankrijk en Duitsland, die grote handelsbelangen in Rusland hebben, willen Moskou liever niet voor het hoofd stoten. Tsjechië heeft al laten weten dat het om een „commercieel dispuut” gaat tussen twee landen, waarvoor de betrokken partijen zelf een oplossing moeten zien te vinden. „We weigeren om een kant te kiezen”, aldus de Tsjechische vicepremier Alexander Vondra.

Eerdere artikelen over de gasruzie op nrc.nl/economie