Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

'Ons beroep is lenen'

Gewoonlijk leent Financiën jaarlijks een overzichtelijk bedrag. Maar dit zijn ongewone tijden. De staat heeft meer geld nodig dan ooit tevoren. De Agent van Financiën, die het regelt, krijgt het iets drukker.

‘Handelaren’ van het agentschap die geld lenen en geld uitzetten. Nederland, Amsterdam, 25-11-2008 Ministerie van Financien Agentschap aan het Orlyplein in Amsterdam Sloterdijk. Het Agentschap maakt onderdeel uit van het ministerie, maar is van oudsher gevestigd in het financiële centrum van Nederland, Amsterdam. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS
‘Handelaren’ van het agentschap die geld lenen en geld uitzetten. Nederland, Amsterdam, 25-11-2008 Ministerie van Financien Agentschap aan het Orlyplein in Amsterdam Sloterdijk. Het Agentschap maakt onderdeel uit van het ministerie, maar is van oudsher gevestigd in het financiële centrum van Nederland, Amsterdam. PHOTO AND COPYRIGHT ROGER CREMERS Cremers, Roger

Drie medewerkers kijken in een sobere kantoorruimte op het bedrijvenpark Amsterdam-Sloterdijk naar een muur van computerschermen. Grafieken en getallen in alle kleuren lichten op. Buiten is het nat, koud en vroeg donker.

Op een van de schermen staat een verzoek. Goedemiddag, ik zoek 10 miljoen. Tom, thanks.

„Daar reageren we dus niet op”, grapt Erik Wilders. „Bedragen tot 50 miljoen euro zijn voor ons praktisch nul.”

Wilders is de Agent van het Ministerie van Financiën. Over de schouder van zijn medewerkers kijkt hij mee naar de gang van zaken. Dit mag een alledaagse werkplek lijken, de afgelopen weken was deze ruimte het financiële zenuwcentrum in de bancaire crisis. Dit is de dealing room van de staat. Vanuit deze plek leende de Nederlandse overheid tientallen miljarden euro’s om de reddingsoperaties in de financiële sector te betalen: ruim 66 miljard om ABN Amro en Fortis Nederland te nationaliseren en hun schulden te herfinancieren; alsmede 13,75 miljard euro steun van de staat voor ING, Aegon en SNS Reaal.

Het Agentschap van Financiën is de schatkistbewaarder van de staat. Je zou het Agentschap ook de staatsschuldbeheerder kunnen noemen. In dit bescheiden kantoor regelen veertig ambtenaren dat de overheid altijd haar rekeningen kan betalen en dat er rente binnen komt op geld dat tijdelijk overtollig is. Wilders (1968), econoom, werkt sinds 1998 bij het Agentschap en werd vier jaar geleden benoemd tot Agent.

Dagelijks maakt het ministerie van Financiën de balans op van geld dat bij het Rijk binnenkomt en geld dat er uit gaat. „Iedere werkdag, om half vijf, horen wij van ‘Den Haag’ het eindsaldo van die dag”, zegt Wilders. Dan kan er bijvoorbeeld 700 miljoen euro over zijn, een bedrag dat dan voor een nachtje moet worden uitgeleend. De overheid kan net zo goed 700 miljoen euro rood staan, waardoor er nog even snel op de financiële markten moet worden bijgeleend. Overnight wil de Agent op een tekort of overschot tussen de nul en 50 miljoen euro uitkomen. Voor bedragen onder 50 miljoen is het voor de staat niet de moeite om er een tegenpartij voor te zoeken.

Het Agentschap van Financiën heeft een lange geschiedenis. Het werd op 22 maart 1841 opgericht, omdat Koning Willem II veel geld had geleend om na de afsplitsing van België te kunnen investeren in Nederland. Het parlement wilde enige controle op de financiën het Rijk en het Agentschap was een feit.

„Ons beroep is lenen”, lacht Erik Wilders. In zijn werkkamer staan een soort piratenkist en een groene metalen trommel met de tekst ‘Lotingsbus Schuldbewijzen’. Dergelijke trommels – deze stamt uit 1953 – werden tot de jaren tachtig van de vorige eeuw gebruikt om staatsleningen vervroegd via een loting af te lossen. In de gangen en aan de muren van van het kantoor hangen historische schuldbewijzen: obligaties die de staat uitgaf om de schatkist te vullen. Sommige zijn met de hand geschreven schuldbekentenissen, andere zijn nog voorzien van de coupons die afgeknipt konden worden om de rente te innen.

De rekening courant van de rijksoverheid kent vaste ritmes. Zoals de belastinginkomsten die toenemen naarmate de maand vordert, en zoals de dag waarop de ambtenarensalarissen worden uitbetaald en in één klap miljarden uit de schatkist stromen. Dat valt redelijk te overzien.

De afgelopen twee maanden waren van een totaal andere orde.

Op vrijdag 3 oktober maakte het kabinet bekend dat was besloten om ABN Amro en Fortis Nederland uit het zinkende Fortisconcern te lichten. Voor de Agent was dit het begin van de spannendste dagen van het jaar. „We hadden al 6 miljard euro achter de hand gehouden voor de overeenkomst die enkele dagen eerder (op zondag 28 september, red) was gesloten om Fortis te steunen met een kapitaalinjectie van 4,9 miljard euro. In de loop van die vrijdagmiddag hoorde ik dat daar 10 miljard euro bijkwam. Diezelfde middag hebben we dat geleend, waardoor de overname gefinancierd was”, vertelt Wilders.

Tijdens de moeizame nachtelijke onderhandelingen tussen Nederland en België bleek dat er ook 34 miljard euro aan kortlopende kredieten en 16 miljard aan langlopende leningen van de Fortis Holding in België aan Fortis Nederland moest worden overgenomen. Bos belde op uit Brussel. Kon dat? wilde hij van Wilders weten.

Wilders: „Dat was iets moeilijker om in één dag te regelen. Moet je nagaan: 34 miljard aan korte leningen, 16 miljard aan lange leningen, plus 16 miljard aan de aankoopprijs: bij elkaar is dat een kwart van de totale staatsschuld. De Nederlandsche Bank heeft toen voor het weekeind een overbruggingskrediet verstrekt, waarvan wij die maandag 20 miljard euro aflosten en later in de week de rest van het bedrag. Zonder die lening was de deal niet doorgegaan. Inmiddels heeft Fortis Nederland het eerste deel op zijn schuld aan ons al weer afbetaald.”

Afnemers van de staatsobligaties bevinden zich over de hele wereld, maar het Agentschap gaat niet alles zelf aan de eindgebruikers verkopen. Daarvoor werkt de Agent samen met makelaars en een clubje grote internationale banken die de obligaties van de staat aan de man brengen. Met ‘succes’: de staatsschuld is de laatste weken gestegen van 220 naar 283 miljard euro.

In een normaal jaar geeft het Agentschap jaarlijks zo’n 40 miljard euro aan nieuwe leningen uit. „Meestal zijn we zo groot, dat wij de markt bepalen”, zegt Wilders. Dat geldt ook voor het kortlopend uitzetten van overtollig geld dat voor een nacht of enkele dagen wordt uitgeleend in de markt. De risico’s daarvan worden scherp in de gaten gehouden. „Op al onze uitleningen hebben we nooit iets verloren”, zegt hij.

Om de handelaren in de dealingroom van het Agentschap scherp te houden, is ‘Eonia’ tot standaard verheven op het agentschap. Eonia staat voor de Euro Overnight Index Average en is het gemiddelde Europese rentetarief voor daggeld. Handelaren moeten beter presteren dan die index en proberen goedkoper te lenen dan Eonia. Het was een van de redenen waarom een handelaar vloekte toen hem gevraagd werd aan het eind van die vrijdagmiddag 3 oktober nog even 10 miljard euro extra uit de markt te halen. Als de tegenpartij weet dat de tijdsdruk groot is, gaat het rentepercentage iets omhoog. Niet dat er zoveel onderhandelingsruimte zit in de tarieven, maar iedere promille korting op 10 miljard euro is een meevaller van tien miljoen euro.

Tot het eind van het jaar moeten de dealers van het Agentschap nog 30 à 40 miljard euro uit de markt halen ter herfinanciering van de kortlopende leningen uit de hectische dagen van oktober. Wilders: „Dat is redelijk makkelijk voor ons te doen. In deze moeilijke markten bevindt de staat zich in de bevoorrechte positie dat veel partijen graag geld aan ons willen uitlenen.”