Vloekhok

Midden jaren negentig, schat ik, is in Amsterdam de eerste stadsregisseur aangesteld. Een functionaris die de Amsterdammers moet beschermen tegen een overmaat aan verbouwingen, opbrekerijen, omleggingen en daarmee eventueel verbonden verzakkingen. In die jaren was de redactie gevestigd op de hoek van de Dam, de Paleisstraat en de Kalverstraat, derde verdieping. Een prachtig punt met een wijds uitzicht op het nationale plein dat in staat van permanente herbestrating verkeerde. Het is te ingewikkeld om het beknopt te vertellen, maar het kwam erop neer dat de stratenmakers eerst zorgvuldig de verkeerde keitjes erin hadden geklopt, dat er toen een nieuwe fundering is gelegd waarop de goede keitjes werden neergelegd, en dat daarna door het zware materieel van de onvermijdelijke kermis toch weer verzakkingen ontstonden. Ik heb toen een verkeerd keitje als aandenken meegenomen. Intussen waren ook in andere stadsdelen geweldige werken aan de gang. Het volk begon te morren. Het antwoord van de gemeente was de stadsregisseur.

Een stad die leeft, verbouwt voor de toekomst. Nu las ik in Het Parool van 26 november dat onze stadsregisseur, Cas van Eerden, ernstig heeft gewaarschuwd. De gemeente wil in drie jaar driehonderd projecten uitvoeren waaronder zeven van gigakaliber. „Driehonderd! Meer kan de stad niet aan!”, riep hij. Ik geloof het graag. De Noordzuidlijn die al jaren telkens wisselende stadsgezichten veroorzaakt, is al giga genoeg.

Maar nu, of de duvel ermee speelde: onder het nieuws over het inzicht van de stadsregisseur las ik dat er plannen bestaan voor een Cultuurpaleis op de Zuidas. Er is al een commissie opgericht waarvan Martijn Sanders de voorzitter is. In Sanders heb ik vertrouwen. Hadden we hem niet gehad, dan was het Concertgebouw in het veen verzonken. Maar, vraag je je schuchter af, zou het niet beter zijn, eerst die geweldige renovatie van het Rijksmuseum en het Stedelijk te voltooien? Weer of geen weer, bij het Rijks zie ik iedere dag meer liefhebbers in de rij staan om tot de helft van het gebouw te worden toegelaten. Ze willen onze oude meesters en de necrosnuisterij van Damien Hirst zien. En dan naar Van Gogh en het Stedelijk. Maar hoho! Het Stedelijk blijft langer dicht en de collectie staat in geheime kelders.

Zou het stadsbestuur beseffen dat het ook bestuurt ten behoeve van de generaties die nu springlevend zijn? Voor een antwoord ging ik eerst eens naar een bevriende redactie (van een weekblad). Dat doe ik iedere week. We bespreken urbi et orbi en we roken er een sigaretje bij. Ik maakte al aanstalten om er een op te steken maar toen werd me een A-viertje onder mijn neus geduwd. Oekaze van de directie: verboden te roken! Er waren al een paar wederrechtelijke peuken aangetroffen, en dat moesten de laatste zijn! Want anders! „Wat anders?”,vroeg ik. „We gaan hier een vloekhok neerzetten”, zei mijn collega Rob van Erkelens. „Wat ooit tot onze fundamenteelste rechten hoorde, wordt je met één pennestreek afgenomen. Dat pikken we niet. We gaan nu vloeken. Dat mag natuurlijk ook niet van minister Klink, en daarom gaan we dat in een apart hokje doen, zoiets als een telefooncel. Alle cafés krijgen een geluiddicht vloekhok.” Het leek me een goed idee, zo’n ruimte, groot genoeg voor vier man, waaruit een gedempt geraas opstijgt. Ik dacht aan Lucebert: „Tegen uw muren zwellen wij met het rapalje tot een blaas, een zware zak vol lachen, krampen, gillen en geraas, uw hemel wordt met onze zwerende ervaring overladen’ (Verdediging van de Vijftigers).

Maar vloekhok of niet, de rokers voeren een verloren strijd. In de Volkskrant van 27 mei pleiten twee wetenschappelijke onderzoekers voor een verbod op chocoladesigaretten, want „uit Amerikaans onderzoek blijkt dat kinderen die chocoladesigaretten opsteken een groter kans hebben, later te gaan roken”. Er zijn ook pakjes namaakshag in de handel waarop staat: ‘Goedgekeurd door Sint Nicolaas.’ Toen ik klein was had ik een vriendje, Albert, wiens moeder overtuigd pacifiste was. We waren een jaar of zes, ik ging nooit ongewapend de straat op. Altijd met twee klappertjespistolen. Een daarvan leende ik aan Albert. Hij heeft nooit een vlieg kwaad gedaan, maar dat zegt niets. Al Capone is ook met een klappertjespistool begonnen.

Ik zeg het maar weer eens: roken is slecht, nooit aan beginnen! Maar je kunt iemand die met tabaksrook is opgegroeid en veel meer dan de helft van zijn leven aan tabak verknocht is, niet nu op het nippertje tot een persoonlijke culturele revolutie verplichten. Je mag zonder rijbewijs niet achter het stuur van een auto gaan zitten. Voer voor mijn part een rookbewijs in, alleen geldig in de daarvoor bestemde kroegen. Universele gezondheidsdictator, wilt u ons met rust laten?