'Kroatië wil geen Roemenië of Bulgarije worden in de EU'

Kroatië wil op 1 januari 2011 lid zijn van de Europese Unie. Om dat te bereiken moeten er volgens premier Sanader komend jaar nog harde noten worden gekraakt.

Hoofdstuk acht: concurrentie. Dat wordt de lastigste klip op weg naar de Europese Unie, vreest de Kroatische premier Ivo Sanader. De scheepswerven krijgen veel staatsteun, en ook landbouw wordt nog een hele kluif. „Het komende jaar wordt misschien het moeilijkste. Maar de onderhandelingen over toetreding zijn efficiënter geworden, en dat is in ons voordeel”, aldus Sanader, deze week in Den Haag na een werkbezoek aan premier Balkenende en koningin Beatrix.

Dertien jaar geleden was Kroatië nog in gewapende conflicten verwikkeld tegen Serviërs in eigen land en in Bosnië. Nu wil het na Slovenië als tweede land uit het voormalige Joegoslavië toetreden tot de EU .

Na vier jaar onderhandelen komt de eindstreep in zicht en dat betekent: knopen doorhakken, sneller onpopulaire maatregelen invoeren. „Net daarom heeft de Commissie dit nieuwe systeem met strikte benchmarks ingevoerd. Een dossier kan niet worden geopend als niet aan alle voorwaarden is voldaan, en het kan niet worden afgerond als niet aan alle eisen is tegemoet gekomen. Het is heel formeel.”

Bulgarije en Roemenië, de jongste EU-lidstaten, en de tien landen die in 2004 aansloten (zoals Slovenië), hadden dat systeem niet. Sanader vindt het geen oneerlijke concurrentie. Integendeel. „Dit is erg goed voor ons. Hard, maar goed. Want we moeten nù ons werk doen, anders halen we die benchmarks niet. We willen niet in dezelfde situatie komen als Bulgarije en Roemenië: dat nadat de onderhandelingen zijn afgerond, er toch nog vraagtekens blijven.”

Toetreding tot de NAVO volgend jaar en de EU in 2011 moet voor Kroatië de bekroning worden van de ontwikkeling sinds het einde van de Joegoslavische oorlogen. „Kroatië is al getransformeerd van een ontvanger van hulp tot een land dat de internationale gemeenschap assisteert. Wij doen mee aan 16 vredesmissies, we hebben 300 soldaten in Afghanistan. ”

Toch lijkt het verleden niet voorbij zoals bleek bij de recente moord op de journalist Ivo Pukanic en ander geweld van de georganiseerde misdaad. „Dat heeft niets met oude structuren te maken, of met onze wil om toe te treden tot de NAVO en de EU”, weerlegt Sanader. „De georganiseerde misdaad heeft haar eigen agenda, en kent geen grenzen. Misdadigers werken wel al samen sinds de oorlogen. Daarom hebben we sterke samenwerking nodig tussen verschillende landen, en niet alleen in Zuid-Oost-Europa.”

Opvallend bij de snelle arrestatie van de verdachten van de moord op Pukanic was de samenwerking tussen de Kroatische, Servische en Bosnische autoriteiten en politie. Volgens Sanader is dat op zich niets nieuws.

„We hebben een terugslag gehad bij de erkenning van Kosovo, maar ik wil er op wijzen dat we voordien al een goede band met Servië hadden opgebouwd. In 2004 bezocht ik als eerste Kroatische premier Belgrado, daarna is premier Kostunica van Servië naar Zagreb gekomen. We hebben al in 2004 en 2005 bilaterale akkoorden afgesloten, bijvoorbeeld over de erkenning van nationale minderheden. ”

Bescherming van minderheden, tolerantie, bijdragen aan vredesmissies. Dat is het nieuwe jargon van HDZ, de partij van wijlen Franjo Tudjman, de Kroatische president die flirtte met antisemitisme en in eigen land en in Bosnië oorlog voerde tegen Serviërs en moslims.

Maar Sanader zegt niet meer in het verleden te willen leven. „Ik heb vanaf 2000 het roer omgegooid bij HDZ. Ik heb gezegd dat ik Serviërs zou opnemen in de regering. Desondanks heb ik in 2003 de verkiezingen gewonnen. Ik ben bij de Serviërs orthodox Kerstfeest gaan vieren, dat was voor sommigen een shock. Maar vier jaar later werd ik opnieuw winnaar van de verkiezingen. Niet om over het verleden te praten. Maar om Kroatië de NAVO en de EU binnen te loodsen.”

En toch staan Kroatië en Servië in de rechtbank weer tegenover elkaar. Voor het Internationaal Gerechtshof in Den Haag beschuldigen ze elkaar van genocide tijdens de oorlogen. Sanader doet er opvallend luchtig over. „Dat is een juridische zaak, geen politieke. Het is een poging om de verantwoordelijken voor de tragedie in Vukovar en andere plaatsen te straffen, opheldering te krijgen over de nog 1.060 vermisten en om ons cultureel erfgoed terug te krijgen. ”

Vreest hij dan niet voor een terugkeer van het nationalistische verleden? „Zeker niet. Ik heb alleen maar iets bereikt dankzij het motto ‘ik heb geen tijd om discussies over het verleden te voeren’. Dat is prima voor historici en goed voor de samenleving, maar voor mij is het zonde van mijn tijd. Ik moet alleen denken: wat kan ik nu betekenen voor de mensen. En ik weet dat het Servische leiderschap er net zo over denkt. Daar ben ik dankbaar voor, want samen hebben we de sleutel tot stabiliteit in de regio in handen. Daarom willen we er ook alles aan doen om de toetreding van Servië tot de Unie makkelijker te maken.”

Mogelijke destabiliserende factor in de regio is Bosnië-Herzegovina, waar de Servische Republiek onder leiding van president Milorad Dodik dreigt met een aansluiting bij Servië. De internationale gemeenschap maakt zich steeds grotere zorgen om Bosnië.

„Ik ook, samen met die internationale gemeenschap. Maar Bosnië is geen Kroatisch probleem. Dodik kan zijn belofte van een referendum en een aansluiting bij Servië nooit hard maken. En als hij toch iets probeert, zal de internationale gemeenschap dat niet tolereren. Ons standpunt is duidelijk. Bosnië bestaat uit drie volkeren: Serviërs, Bosniaks en Kroaten en daar zal niemand iets aan veranderen. Wij moeten samen met Europa zorgen voor alle inwoners van Bosnië, niet alleen voor de Kroaten daar. We hebben dat verenigde Bosnië nodig.”